Automatiseringstalent De Kosovaarse IT-sector groeit sterk. Buitenlandse techbedrijven vinden er nieuwe medewerkers. „Tijdens de interviews kwamen mensen supersociaal over, hun Engels was goed en ze slaagden voor de technische testen.”
Monument voor de onafhankelijkheid van Kosovo, in de hoofdstad Pristina.
Op de tweede verdieping van een nietszeggend gebouw aan drukke straat in het centrum van de Kosovaarse hoofdstad Pristina houdt betaaldienstverlener Buckaroo kantoor. In het staartje van de lunchpauze spelen enkele medewerkers een potje pool. Op de muren hangt bestickering van het vorige bedrijf. Door het snel groeiende aantal werknemers, inmiddels meer dan zestig, is het kantoor onlangs uitgebreid. Tijd om Buckaroo-logo’s op te hangen, was er nog niet.
Ida Spahiu, software developer.
„Ik had eerlijk gezegd geen idee wat Buckaroo was”, zegt de 25-jarige software developer Ida Spahiu. Een recruitmentbureau benaderde haar zo’n tweeënhalf jaar geleden. Ze had een goede baan en overstappen naar een Nederlands bedrijf dat zich net had gevestigd in Kosovo was niet vanzelfsprekend. Maar nadat ze had ontdekt dat Buckaroo best een groot bedrijf is, ging ze overstag. Spijt heeft ze geen moment gehad. „Het is leuk en interessant om met mensen uit andere landen samen te werken, en de werkcultuur hier daagt mij meer uit. Dat past beter bij mij.”
Product owner Margarita Uhaj (26) sluit zich daarbij aan. „De rollen en verantwoordelijkheden zijn heel duidelijk bij Buckaroo. Dat maakt projecten makkelijker te managen.” Uhaj heeft een achtergrond als actrice, maar zag in dat beroep te weinig perspectief. De IT-sector bood wel kansen. „Ik leer nieuwe dingen, er zijn veel trainingen en cursussen en mijn brein is continu aan het werk. Het is absoluut niet saai.”
Buckaroo verwerkt digitale betalingen voor meer dan 47.000 webshops, winkels en bedrijven in Nederland en België. Het groeit snel en zoekt continu personeel. „Een jaar of zeven geleden werd het moeilijker om techtalent te vinden”, zegt chief technical officer Jelle Hoes in een videogesprek vanuit Nederland. Daarom ging het bedrijf werkzaamheden uitbesteden aan mensen die op afstand werken, eerst in Oekraïne. Maar dat werkte niet, volgens Hoes. „Er was een cultuur- en taalbarrière.” Buckaroo dacht vervolgens over een filiaal in Roemenië, maar de developers met wie het daar werkte, bleven liever zelfstandig.
Margaretha Uhaj.
Kosovo bleek wel kansrijk voor een eigen vestiging. Hoes: „De recruiter met wie ik belde, kwam binnen een week met dertig goede cv’s.” Hoes boekte direct een vliegticket naar Pristina. „Ik wilde ook de stad zien en kijken of er een culturele match zou zijn. Je moet uiteindelijk nauw samenwerken. Tijdens de interviews kwamen mensen supersociaal over, hun Engels was goed en ze slaagden voor de technische testen. Ik was best wel onder de indruk.”
Toen Hoes ’s avonds de Kosovaarse hoofdstad ging verkennen, verraste de sfeer hem. „Ik werd uitgenodigd mee te kijken naar een voetbalwedstrijd en samen te eten, en ik kreeg een fijn en veilig gevoel als ik door het centrum liep. Iedereen kent iedereen en de mensen zijn ontzettend warm.”
Snel daarna besloot Buckaroo: dit gaan we doen. Het kostte wat moeite de aandeelhouders te overtuigen, maar ook dat lukte. „Nu heeft een van die mensen vier andere bedrijven in Kosovo”, zegt Hoes.
Volgens het Internationaal Monetair Fonds neemt het bbp van Kosovo dit jaar toe met 4 procent, de hoogste groei in Europa. Maar de economie is met een omvang van zo’n 11 miljard dollar klein: het land heeft slechts 1,6 miljoen inwoners en komt van ver. „We komen letterlijk uit een afgrond”, zegt Artan Djemajlji.
Djemajlji is geboren in Kosovo, en kwam in 1993, 6 jaar oud, met zijn familie naar Nederland. Vorig jaar begon hij met Business Match Kosovo (BMK), dat Nederlandse bedrijven koppelt aan bedrijven en personeel in Kosovo. „Kosovo is best onbekend in Nederland. Vergelijk het met Polen vijftien jaar geleden. De economie is echt in ontwikkeling.” Die nadert intussen het niveau van de buurlanden in de Balkan.
Volgens de Kosovaarse centrale bank is de IT-sector de laatste jaren enorm gegroeid. Droeg de bedrijfstak in 2017 nog 47 miljoen dollar aan het Kosovaarse bbp bij, vorig jaar was dat 347 miljoen – een royale verzevenvoudiging. De Kosovaarse overheid investeert in de ontwikkeling van digitale vaardigheden onder jongeren en het aanbod van IT-opleidingen op universiteiten neemt toe. Ook verbetert de digitale infrastructuur. Internet wordt sneller en online beveiliging beter. De overheid biedt techondernemers daarnaast belastingvoordelen en subsidies.
En het helpt enorm dat Kosovo de jongste bevolking van Europa heeft. Ongeveer de helft is jonger dan 30 jaar. Onder hen is het goed werven, aldus Djemajlji. „Nederlandse IT-ondernemers zijn gefrustreerd dat ze niet de juiste mensen kunnen vinden. Ik help ze een eigen team in Kosovo op te zetten.” Inmiddels heeft hij dat voor vijf bedrijven gedaan.
Regelmatig krijgt hij daarbij de vraag of het wel veilig is in Kosovo te investeren. Ja, is zijn antwoord: afgelopen juli schrapte het IMF Kosovo van de lijst van ‘fragiele en conflictgevoelige landen’. Dit kan het imago van het land verbeteren en meer vertrouwen wekken bij buitenlandse investeerders.
De 24-jarige Elona Sopjani kwam via Djemajlji kort geleden als softwareontwikkelaar bij het Nederlandse e-commercebedrijf DutchDrops terecht. Ze blijft in Kosovo werken, en krijgt dezelfde kansen en groeimogelijkheden als in Nederland, zegt ze. Wel moet ze nog wat wennen. „Er zit niet iemand tegenover je aan wie je vragen kunt stellen als je het project nog niet zo goed kent. Maar hoe meer ik het bedrijf leer kennen, hoe beter het gaat.”
Sopjani is niet verbaasd dat Kosovo populairder wordt onder internationale bedrijven. „We hebben zoveel getalenteerde jonge mensen hier en zijn erg gemotiveerd om te leren en onszelf te verbeteren. Jarenlang kon dat niet, en ik ben blij dat dit nu verandert.” Wat daarbij helpt, zegt ze, is dat Kosovaren sinds vorig jaar zonder visum door Europa mogen reizen.
Waar mannen de IT-sector in veel westerse landen domineren, vind je er in Kosovo opvallend veel vrouwen. Spahiu zegt de eerste vrouwelijke developer binnen Buckaroo te zijn.
Wat trekt Kosovaarse vrouwen naar de IT? Voor Spahiu was het geen rare stap. Ze was goed in wis- en natuurkunde en studeerde computerwetenschappen. En Kosovo kent beurzen om vrouwen naar de IT-sector te trekken. Maar in zijn algemeenheid vormen de goede salarissen in de branche de sterkste drijfveer – voor vrouwen en mannen. En al die jongeren hebben weinig last van de conventie dat de IT een mannensector zou zijn.
Weliswaar liggen die lonen onder het westerse niveau, maar het leven in Kosovo is ook een stuk goedkoper. Spahiu: „Als je in Kosovo in de IT werkt, kun je hier een goed leven leiden.”
Ondanks de economische groei en de bloeiende IT-sector verlaten naar schatting toch nog zo’n 30.000 jonge Kosovaren jaarlijks hun land. Dat heeft te maken met de relatief lage levensstandaard en soms gebrekkig perspectief. Zo mag een IT’er goed verdienen, maar dat geldt bijvoorbeeld niet voor artsen. Sommige IT’ers hebben hun studie niet eens afgemaakt, zegt Spahiu, terwijl een arts meer dan tien jaar moet studeren. En dan brengt een software developer gemiddeld 2.200 euro per maand naar huis, terwijl een specialist in de publieke sector 1.260 euro per maand verdient.
Spahiu’s Buckaroo-collega Uhaj heeft nooit serieus een baan in het buitenland overwogen, maar kan zich voorstellen dat landgenoten vertrekken. „Ik wil niet weg uit Kosovo. Het is een mooi land, maar er moet veel verbeteren, bijvoorbeeld in de gezondheidszorg. Dat soort dingen kunnen ook voor developers met een goed salaris reden zijn om weg te trekken.”
De Kosovaars-Nederlandse Djemajlji ziet nog volop perspectief voor zijn bedrijf: „Ik wil Nederlandse ondernemers laten zien welke kansen er in Kosovo liggen en de jeugd daar juist kansen bieden.”
Dat er per jaar 30.000 jongeren wegtrekken, is wat hem betreft niet nodig. Hij betwijfelt ook of het er wel zoveel zijn. De bevolking van Kosovo is immers al jaren stabiel. „Als je hier 2.000 euro netto kan verdienen, waarom zou je dan naar Duitsland of Zwitserland gaan?”
Het gemiddelde maandsalaris in Kosovo ligt rond de 600 euro. Veel Kosovaarse gezinnen ontvangen geld van familie in het buitenland. Half grappend zegt Djemajlji dat die rollen weleens kunnen omdraaien. „Er komt een moment dat de Kosovaar in Kosovo de familie in Duitsland moet gaan onderhouden.”
NIEUW: Geef dit artikel cadeauAls NRC-abonnee kun je elke maand 10 artikelen cadeau geven aan iemand zonder NRC-abonnement. De ontvanger kan het artikel direct lezen, zonder betaalmuur.
Economieredacteuren nemen je mee in de discussies die zij op de redactie voeren over actuele ontwikkelingen