Home

Ondanks groeiende tegenwerking zijn vrouwen in China niet stil te krijgen

Feminisme in China Na een baanbrekende top in Beijing in 1995 verbeterde de positie van vrouwen in China, maar nu president Xi Jinping de teugels aantrekt is ook voor feminisme veel minder ruimte.

Openingsceremonie van de vrouwenrechtentop in 1995 in Beijing.

Het was de grootste internationale top die China ooit had gehouden, en de autoriteiten bereidden zich voor op alle scenario’s. Terwijl tienduizenden feministen vanuit de hele wereld naar Beijing kwamen, arresteerde de Chinese politie een bekende homoactivist en legden de lokale autoriteiten stapels witte lakens klaar om over naakte protesterende vrouwen heen te gooien, mocht het zo ver komen.

Een grote bijeenkomst van feministische ngo’s die gehouden zou worden in het Arbeidersstadion in centraal Beijing werd verplaatst naar de buitenwijk Huairou. „Er was toen nog geen snelweg, dus dat was uren rijden”, herinnert een bekende vrouwenrechtenactivist die erbij was zich. „Het laat zien hoe de overheid zich zorgen maakte over van alles en nog wat.”

Toch werd de 1995 Fourth World Conference on Women van de Verenigde Naties een groot succes. De afspraken over het bevorderen van gendergelijkheid – waarin feministische slogans als „vrouwenrechten zijn mensenrechten” door de 189 VN-lidstaten werden overgenomen – waren internationaal toonaangevend. In China zelf vormde de top een grote inspiratie voor lokale feministen.

Deze week vierde China het jubileum, opnieuw met een VN-vrouwentop. Volgens het Volksdagblad, China’s voornaamste staatskrant, vormde de ditmaal bescheiden bijeenkomst een „nieuwe mijlpaal” voor vrouwen wereldwijd, en is China onder president Xi Jinping een wereldwijde leider op het gebied van vrouwenrechten.

De feministen die NRC spreekt over het jubileum zien dat anders. Er is in China sinds 1995 veel gebeurd op het gebied van vrouwenrechten, maar feminisme blijft een zwaarbeladen onderwerp. Juist de laatste tien jaar hebben genderactivisten opnieuw te maken met harde onderdrukking door de overheid. Tegelijk is er onder een jonge generatie veel belangstelling voor genderonderwerpen, en is het feminisme in China groter en diverser dan ooit.

Aan de hand van gesprekken met drie Chinese activisten van verschillende generaties schetst NRC dertig jaar feminisme in China. Om veiligheidsredenen kunnen twee van hen niet met hun (volledige) naam in de krant.

Demonstranten voor vrouwenrechten bij de VN-top in 1995 waarvan China gastland was.

Vechten voor vrouwenrechten De ngo-generatie

In China was een belangrijke uitkomst van de VN-top in 1995 dat de overheid ngo’s begon te accepteren. Onafhankelijke organisaties zouden kunnen helpen bij het aanpakken van de grote problemen rond genderongelijkheid, die vooral op het arme platteland schrijnende vormen aannam.

Na de top werden massaal ngo’s op het gebied van vrouwenrechten opgericht. Ze hielden zich bezig met thema’s van gezondheidszorg, onderwijs en geletterdheid onder vrouwen tot bestrijding van huiselijk geweld en mensensmokkel, en werkten veel samen met de overheid.

„Tegelijk was de kernboodschap van de top in 1995 dat het de rol van de staat, van alle staten wereldwijd, was om genderongelijkheid op te lossen”, vertelt de bekende activist die er destijds bij was in een telefoongesprek. „Ook China accepteerde die boodschap in principe. Daarvoor heerste toch vaak het idee dat vrouwen het zelf moesten doen.”

Op dit moment is het niet veilig voor haar om op eigen naam met journalisten te spreken, maar dat heeft ze de afgelopen decennia veel gedaan, vanwege haar werk voor verschillende ngo’s. Hoewel ze al werkte bij een vrouwenorganisatie binnen de staat, was het de top die haar inspireerde zich te wijden aan activisme.

Bijvoorbeeld op het gebied van huiselijk geweld. Een nationale wet daarover werd in 2003 door vrouwenorganisaties geagendeerd, en twaalf jaar later ingevoerd. Volgens de bekende feminist Feng Yuan werd de wet, ondanks uitzonderlijk grote tegenwerking, „dankzij het doorzettingsvermogen van vrouwen-ngo’s voorgesteld, doorgedrukt, en uiteindelijk aangenomen”.

Ook de nadruk op vrouwenrechten begon vruchten af te werpen, en na 1995 werd de implementatie van de strenge geboortebeperkingen onder de ‘eenkindpolitiek’ minder onmenselijk.

Toespraak van president Xi Jinping bij de VN-vrouwentop in Beijing dit jaar.

Inmiddels is ze in de zestig, en ziet ze dat de ruimte voor activisme en feministische ngo’s is afgenomen. Ook in de media en op universiteiten is feminisme weer politiek gevoelig geworden.

Een belangrijk moment daarin was de arrestatie van vijf jonge activisten in 2015 die een protest tegen seksuele intimidatie in het openbaar vervoer planden, de zogenoemde „Feminist Five”. „Dat was een kantelpunt.”

Waarom gebeurde dit? „Dat moet je aan de overheid vragen.” Maar het lijkt erop dat het feminisme slachtoffer werd van de bredere onderdrukking van onafhankelijke organisaties onder president Xi Jinping. „De mensen die in dit systeem werken, willen alles controleren, en zijn achterdochtig over alles dat onafhankelijk is.”

Daarbovenop hebben feministen te maken met een nieuw conservatief discours van de overheid over de rol van vrouwen. Xi Jinping heeft het graag over „familiewaarden”, en liet zich in het verleden negatief uit over „buitenlands feminisme”. „Ze zijn nog conservatiever geworden dan ze al waren. Ook als veel mensen zich er niets van aantrekken, maakt dat uit voor de richting van beleid en voor waar het geld heen gaat.”

„Maar de afgelopen decennia laten zien dat vrouwen niet stil te krijgen zijn, en dat het bewustzijn over gendergelijkheid toeneemt. Dat zie je juist ook bij de jongere generaties, en online.”

De kracht van protestDe MeToo-generatie

De reikwijdte van het online feminisme in China bleek tijdens de MeToo-beweging. Ondanks strenge internetcensuur sloeg die beweging China bepaald niet over. Vanaf 2017 deelden talloze vrouwen online hun ervaringen met seksuele intimidatie of geweld.

Een van hen was Zhou Xiaoxuan (32), toen een jonge scenarioschrijver in Beijing. In juli 2018 schreef ze een online essay over hoe ze als stagiair was lastiggevallen door Zhu Jun, een bekende tv-presentator. Toen hij haar aanklaagde voor laster, spande Zhou zelf een rechtszaak aan en werd ze een boegbeeld voor de beweging.

Zhou Xiaoxuan spreekt met journalisten en sympathisanten buiten de rechtbank tijdens een hoorzitting in haar zaak tegen de prominente televisiepresentator Zhu Jun in september 2021 in Beijing.

Na jarenlange strijd verloor Zhou de zaak in 2022. Ondanks een uitbreiding van de definitie van seksuele intimidatie in het Chinese recht in 2020, blijft de bewijslast voor slachtoffers zo hoog dat heel weinig zaken eindigen in een veroordeling. Maar haar doorzettingsvermogen inspireerde honderdduizenden online volgers.

„Tijdens die jaren wist ik me gesteund door feministen in het hele land. Dat gaf me kracht”, vertelt Zhou in een online gesprek. Ze is net op reis in Japan, maar maakt tijd voor een interview.

Zhou legt uit hoe het feministische landschap in China erbij lag in 2018. „Hoewel de Chinese media nauwelijks mochten schrijven over MeToo, waren er nog meer grassroots organisaties, en studentengroepen op universiteiten. Die zijn nu dicht, en veel feministische activisten hebben China verlaten.”

Als ze reflecteert op de eerdere generatie feministen ziet ze hoe ze „hun historische kans grepen om dingen te doen die toen konden”. Ze wist het destijds niet, maar ook zij deed dat.  „Die publieke ruimte die er in 2018 was bestaat nu niet meer. Maar ik denk wel dat de MeToo-beweging een grote bijdrage heeft geleverd aan de verbetering in genderbewustzijn die we nu zien onder jongeren.”

Tegenwoordig floreert het Chinese feminisme vooral in allerlei online gemeenschappen. Het spectrum is breed, inclusief groepen die fel tegen het huwelijk zijn. „Het online debat is rijk”, zegt Zhou, „maar ook heel kwetsbaar.”

Enerzijds is er de censuur, die websites of groepen op sociale media op elk moment kan sluiten. Aan de andere kant hebben feministen te maken met online haat en stigmatisering. Net als elders komt die van andere internetgebruikers – vooral mannen – maar soms ook van machtshebbers. „Je ziet een behoefte om meer controle te krijgen over jonge vrouwen, zeker nu die minder kinderen krijgen en vaker scheiden.”

Volgens Zhou, die nu actief is in de rechtshulp, blijft het daarom belangrijk voor Chinese feministen om ook offline samen te komen, al is het maar om samen een film te kijken of een boekenclub te houden. „Er wordt nu veel gepraat, maar minder gedaan. Offline kunnen we elkaar beter ondersteunen bij het omgaan met de alledaagse maatschappelijke druk die veel vrouwen proberen te weerstaan.

Het Nationaal Olympisch Stadion in Beijing tijdens de vrouwenrechtentop in 1995.

Actievoeren en voor elkaar zorgen De overzeese generatie

Offline, kleinschalige bijeenkomsten zijn ook een focus van de feministische groep die Louis een paar jaar geleden in Nederland oprichtte. „We willen een veilige plek zijn voor Chineessprekende, LGBTQ+ feministische mensen in Nederland. Die was er nog niet”, vertelt de Chinese twintiger tijdens een interview in een Nederlandse stad.

Hoewel Louis zich er destijds niet van bewust was, hoort de groep bij een bredere beweging van Chinese feministische groeperingen die vooral in het buitenland actief zijn. Ze willen er zijn voor de groeiende groep jonge migranten uit China, waarvan een deel naar West-Europa kwam na de langdurige pandemierestricties in China, en Chineessprekende regio’s zoals Hongkong. Daar vertrokken veel geëngageerde jongeren na de neergeslagen politieke protesten.

Als het gaat om vrouwenrechten of de uitdagingen van seksuele minderheden, is het niet moeilijk om in Nederland aansluiting te vinden, zegt Louis. „Maar we hebben ook te maken met racisme, of met politieke problemen die de meeste witte Nederlanders niet zullen begrijpen, als bijvoorbeeld je sociale-media-account wordt afgesloten. Wel delen we veel met andere feministische minderheidsgroepen uit autoritaire landen, zoals uit Turkije.”

Tegelijk vindt ze het belangrijk om meer uitgesproken politiek werk te doen, dat in China nu niet kan. „We lopen bijvoorbeeld mee met feministische demonstraties en zien dan de mensen in onze gemeenschap ook bordjes met Chinese leuzen dragen over de situatie in China. Om online te verspreiden.”  

Ondanks hun locatie buiten China hebben ook overzeese feministen te maken met politieke risico’s. Als je te zichtbaar bent als activist in het buitenland, kun je bij terugkeer in China in de problemen komen, of worden je familieleden lastiggevallen. Deze zomer werd een Chinese student die vanuit Europa terugkeerde gearresteerd, waarschijnlijk vanwege haar activisme voor meer vrijheid in Tibet.

„Ik moet bij alles de risico’s afwegen”, vertelt Louis. Een reden om toch dit gesprek te doen is dat ze het jubileum van de vrouwentop zelf ook belangrijk vindt. Ze zit bij een online leesgroep die naar aanleiding van het jubileum teksten van Chinese feministen uit die tijd bespreekt.

„We hoeven het niet met alles eens te zijn. Het is geen pelgrimstocht. Maar het is wel ontzettend belangrijk om te zien dat we onze eigen feministische genealogie hebben”, vertelt ze enthousiast. „We moeten niet alleen Judith Butler en bell hooks lezen, maar ook onze eigen mensen, ook als die om politieke redenen minder zichtbaar zijn. Zoals Li Xiaojiang, Lü Pin of Feng Yuan.”

Als ze probeert het Chinese huidige feminisme te kenschetsen, wordt ze bedachtzaam. „Of het nu in China is of in het buitenland, we zijn met veel, we zijn heel divers, en we hebben wel degelijk invloed. Maar we moeten ook op onszelf passen. Als ik straks 50 ben, wil ik geen keiharde activist zijn, maar iemand die voor anderen zorgt.”

Met medewerking van Wanqing Chen.

NIEUW: Geef dit artikel cadeauAls NRC-abonnee kun je elke maand 10 artikelen cadeau geven aan iemand zonder NRC-abonnement. De ontvanger kan het artikel direct lezen, zonder betaalmuur.

Source: NRC

Previous

Next