Het Hongaarse popfestival Sziget verdwijnt mogelijk voorgoed, werd dinsdag bekend. Dat doet vooral ook in Nederland pijn, want het popfestival werd jaarlijks bezocht door duizenden Nederlandse liefhebbers.
is redacteur popmuziek van de Volkskrant.
De editie van 2022 was een speciale, en niet alleen omdat de corona-ellende ermee werd overwonnen. Sziget 2022 werd, zoals wel vaker, getroffen door een Nederlandse invasie, zowel voor als op het podium.
Een paar duizend Nederlandse festivalgangers werden aangeleverd met de ‘Sziget Express’, een directe treinverbinding tussen Boedapest en Amersfoort. Honderden anderen stapten in een touringcar of een gehuurd busje: rugzakken achterin en gaan.
En dan volgden nog de Nederlandse artiesten, die je misschien niet zo snel zou verwachten op een Oost-Europees popfestival, al was het maar omdat de voertaal vaak Nederlands was. Ronnie Flex speelde op het hoofdpodium en zong daar zijn danssmartlap Nu sta je hier, alsof hij Pinkpop aan zijn voeten had. Een podium verderop speelden Froukje en Eefje de Visser. En dan kon Sziget nog naar Kensington, naar Sevdaliza of Joris Voorn.
Op geen enkel buitenlands popfestival stonden jaarlijks zo veel Nederlandse bands, en Sziget werd in de Nederlandse popsector gezien als een springplank voor eventueel buitenlands succes. De grote Nederlandse dj’s waren er kind aan huis, van Martin Garrix tot Oliver Heldens. De rockband DeWolff won er zieltjes en Kensington was op Sziget zo’n beetje de huisband: de Utrechters speelden er vier keer.
Gisteren werd bekend dat Sziget, een van de grootste en meest internationale popfestivals van Europa, mogelijk voorgoed verdwijnt. Het festival is in financiële nood en de eigenaar Superstruct, die vorig jaar werd overgenomen door de Amerikaanse investeerder Kohlberg Kravis Roberts (KKR), zou de pacht voor het festivalterrein, op het eiland Óbuda in de Donau, niet langer willen betalen.
Niet alleen de locatie maakte Sziget bijzonder. Het festival, dat vaak ruim een week duurde, stond bekend als toegankelijk en goedkoop: het bier was er nog te betalen. De geprogrammeerde muziek was onwaarschijnlijk divers en ging van Hongaarse volksmuziek tot jazz, metal en dance.
Sziget, dat werd opgericht in 1993 en eerst Diáksziget (Studentenstad) heette, werd al vanaf de eerste jaren ontdekt door een internationaal publiek, vanwege het muzikale aanbod en de aantrekkelijke prijzen. De organisatie zag het buitenlandse publiek graag komen, ook omdat het festival een mooie promotie was voor Hongarije.
In Nederland werd vanaf 2004 actief promotie gemaakt voor Sziget, en de eerste vriendengroepen trokken richting Boedapest. Goede ervaringen, mond-tot-mondreclame en de opkomende sociale media deden de rest: het aandeel Nederlanders groeide jaarlijks, ook omdat in 2009 een speciale treindienst in het leven werd geroepen.
De Sziget Express was een festival op zich, een reizend feest op weg naar het volgende feest. In de gecharterde trein draaiden dj’s, de hele nachtelijke rit lang. En er was een bar, uiteraard, en een ‘bistrowagon’.
Het maakte een weekje Boedapest nog leuker. In 2009 reisden al zo’n tienduizend Nederlanders af naar Sziget, en dat aantal verdubbelde daarna nog. De camping rond het festivalterrein, waar jaarlijks 30 duizend festivalgangers konden overnachten, was de laatste jaren voor minstens de helft bezet door Nederlandse tenten.
De festivalorganisatie zei altijd blij te zijn met het Nederlandse publiek, omdat dat zich in de regel voorbeeldig gedroeg. Om de Nederlanders nog meer te plezieren, werden per editie tientallen Nederlandse acts geprogrammeerd. Het was voor veel bands een zeldzame kans om voor een groot internationaal publiek te spelen.
Het ging ook weleens mis, met de Sziget-buitenlanders. In 2019 begonnen twee Nederlanders een drugshandeltje rond het festivalterrein. Ze deelden flyers uit met de aangeboden waren, van xtc tot wiet, en konden dus snel worden opgepakt. Het verhaal van de niet bijster slimme drugshandelaren ging de wereld over.
Mocht Sziget van de Europese festivalkalender verdwijnen, dan zou dat een aderlating zijn voor de Nederlandse pop en voor een jong festivalpubliek, dat rond Sziget mooie internationale contacten kon opdoen. Maar het verdwijnen van Sziget zou ook een groot verlies zijn voor Hongarije.
In 2021 verbood de Hongaarse regering, onder leiding van Viktor Orbán, lesmateriaal of ‘media-aandacht’ voor homoseksualiteit. De rechten van de lhbti-gemeenschap kwamen ermee onder druk te staan. Sziget verzette zich tegen de intolerantie en presenteerde zich nadrukkelijk als queervriendelijk festival, met discussies over transseksualiteit en queerfeesten.
Van de Orbán-regering zal Sziget dus weinig steun kunnen verwachten, als het festival de overlevingsstrijd aangaat. De liberale en ‘groene’ burgemeester Gergely Karácsony liet weten Sziget wél te willen behouden voor zijn stad, omdat het festival ‘bewijst dat Boedapest een vrije, open en diverse stad is’.
Het lot zal uiteindelijk worden bezegeld door de buitenlandse investeerder. Als KKR er geen geld meer in wil steken, zal er waarschijnlijk toch een streep door het ruimdenkende Sziget gaan.
Luister hieronder naar onze podcast Culturele bagage. Kijk voor al onze podcasts op volkskrant.nl/podcasts.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant