Home

‘Wij zijn de Blauwe Haaien, wij gaan naar Amerika en eten iedereen op’, klinkt na historische WK-plaatsing van Kaapverdië

WK voetbal Dankzij een 3-0 zege op Eswatini heeft Kaapverdië zich voor het eerst gekwalificeerd voor het WK voetbal, volgend jaar in de VS, Canada en Mexico. Bij de Kaapverdisch-Rotterdamse club FC Maense barst het feest los. „Dit gaat verder dan voetbal.”

Kaapverdische Rotterdammers juichen in de kantine van FC Maense als Kaapverdië zich voor het eerst plaatst voor het WK voetbal.

In de kantine van voetbalclub FC Maense kan zelfs loeiharde Kaapverdische afrohouse de zenuwen onder de honderden Kaapverdische Rotterdammers niet temmen. Gespannen kijken zij – jong, oud, mannen, vrouwen, velen gehuld in blauw of met de Kaapverdische vlag om hun schouders – naar het grote scherm, waar de wedstrijd tussen Kaapverdië en Eswatini op het punt staat te beginnen. „Vandaag kan een historische dag worden,” zegt voorzitter Paolo Mendonca. „Maar het móét ook echt vandaag gebeuren.”

Als Cabo wint, dan plaatst het zich voor het eerst in de geschiedenis voor het WK voetbal, volgend jaar in de VS, Mexico en Canada. Doet het dat niet, dan is het afhankelijk van het resultaat van poulegenoot Kameroen tegen Angola. Kwalificatie zou een klein wonder zijn; op de eilandengroep voor de West-Afrikaanse kust wonen maar 600.000 mensen. Na IJsland zou het qua inwonersaantal dan ook het kleinste land ooit zijn op en WK.

Nog zenuwachtiger dan de rest is Maciano dos Reis (27). Hij is het neefje van de broers Deroy en Laros Duarte, die net als vier andere Kaapverdische Rotterdammers voor het nationale elftal spelen. „Vroeger voetbalden we samen op een pleintje hier in Delfshaven, nu gaan ze gewoon naar het WK. Ze beginnen jammer genoeg op de bank, maar als ze straks invallen en we winnen, gaan er wel tranen vloeien.”

Kaapverdische gemeenschap

Dat zes Rotterdamse Kaapverdiërs voor Tubarões Azuis (Blauwe Haaien) uitkomen, is geen toeval. Nederland kent na Portugal de grootste Kaapverdische gemeenschap van Europa, en daarvan woont het overgrote deel – zo’n 20.000 mensen – in Rotterdam. Een aanzienlijk deel daarvan woont in de wijk Delfshaven, waar ook het door Kaapverdiërs opgerichte FC Maense ligt.

In de jaren zestig en zeventig vestigden de eerste Kaapverdiërs zich in Rotterdam. Zonder een cent op zak verzamelden ze zich op het Heemraadsplein, ook in Delfshaven, op zoek naar werk. De mannen vonden een baan in de haven, bij Shell of in de Van Nellefabriek, veel vrouwen kwamen in de zorg terecht. Op het naambordje van het Heemraadsplein prijken onder de Nederlandse naam al jaren de woorden Pracinha d’Quêbrod – creools voor ‘het plein voor arme zielen’.

De 52-jarige FC Maense-voorzitter Mendonca vertelt dat een deel van de Kaapverdische Rotterdammers nog steeds een sociaaleconomische achterstand heeft. Tegelijk is de gemeenschap volgens hem „hardwerkend, warm en hecht”, met een sterke band met het thuisland. Dat bleek afgelopen zomer, toen de eilanden São Vicente en Santo Antão werden getroffen door een verwoestende storm – acht Kaapverdiërs kwamen om het leven. „We begonnen op de club meteen een kledinginzameling. Binnen een dag was de container vol. Dat zegt veel over onze cultuur.”

„Het komt goed, de tweede helft hebben we wind mee.” Foto Hedayatullah Amid

Hoewel er rivaliteit is tussen de verschillende eilanden – „zeker bij de oudere generatie, vergelijk het met Rotterdam en Amsterdam” – zorgen de goede prestaties van het nationale team volgens Mendonca voor verbondenheid. Als voormalig Portugese kolonie is Kaapverdië volgens hem bovendien altijd een voetballand geweest.

Marginale betekenis

Tot voor kort was het een voetballand van marginale betekenis. De beste spelers met Kaapverdisch bloed kozen nooit voor Kaapverdië. Zo speelde de op Kaapverdië geboren Nani voor Portugal, en kozen voormalig topspelers Hendrik Larsson en Patrick Vieira voor respectievelijk Zweden en Frankrijk.

Het afgelopen decennium is de Kaapverdische voetbalbond actiever in de Kaapverdische diaspora gaan scouten. Daardoor bestaat de huidige selectie naast Kaapverdiërs uit spelers die zijn opgegroeid in Nederland, Frankrijk, Portugal, Ierland en Zwitserland. Nog steeds kiest niet iedereen voor Kaapverdië – er zou tevergeefs een poging zijn gedaan om Oranje-international Jorrel Hato over te halen – maar toch steeg het niveau. Voorlopig hoogtepunt: een plek in de kwartfinale van de Afrika Cup in 2024.

In de kantine van FC Maense zien de Kaapverdiërs een moeizaam verlopende eerste helft. Kaapverdië, met Rotterdammers Jamiro Monteiro en Dailon Livramento in de basis, creëert nauwelijks kansen, de ploeg lijkt zenuwen te voelen. Als de enige grote mogelijkheid voor Kaapverdië recht op de keeper gaat, vliegen de creoolse krachttermen door het clubhuis.

Ondanks de 0-0, heeft de 51-jarige Djau Varela bij rust alle vertrouwen in een goede afloop. „We domineren, maar het is nog niet genoeg. Maar komt goed, de tweede helft hebben we wind mee. En anders helpt onze neef Angola [ook een voormalig Portugese kolonie] ons wel tegen Kameroen.”

„Vroeger voetbalden we samen op een pleintje hier in Delfshaven, nu gaan ze gewoon naar het WK.” Foto Hedayatullah Amid

Varela krijgt gelijk. Hij staat nog buiten een biertje te drinken als er vanuit de kantine een oorverdovend kabaal klinkt. 1-0, de doelpuntenmaker is Rotterdammer Livramento. Het terrein naast het clubhuis verandert in een ren-je-rotbaan van uitzinnige Kaapverdiërs. En als Kaapverdië zes minuten later ook de 2-0 maakt, gelooft niemand bij FC Maense meer dat het nog mis gegaan. „Wij zijn de Blauwe Haaien, wij gaan naar Amerika, wij eten iedereen op!”, schreeuwt Varela.

Dansen op de bar

Nog voor het laatste fluitsignaal heeft geklonken, knalt het blauwrode vuurwerk de Rotterdamse lucht in. En als hét moment daar is, vliegen familie en vrienden elkaar geëmotioneerd in de armen. „Dit gaat verder dan voetbal”, zegt de 41-jarige Maria Monteiro. „Onze voorouders kwamen naar Nederland om ons een beter leven te geven. Dat een nieuwe generatie dit teruggeeft, voelt heel speciaal.”

Ook een uur na de wedstrijd trilt de kantinevloer nog van de feestende menigte. Blikjes baco en grogue passion vliegen over de bar, waarop kinderen met vlaggen staan te dansen. Buiten het terrein vormen tientallen toeterende auto’s een file. „Die zijn onderweg naar het Heemraadsplein” zegt Dos Reis, die zijn neefjes Duarte allebei zag invallen. Of hij volgend jaar naar de VS afreist? „Dat is voor mij geen vraag. Ik móét en zal daar bij zijn.”

NIEUW: Geef dit artikel cadeauAls NRC-abonnee kun je elke maand 10 artikelen cadeau geven aan iemand zonder NRC-abonnement. De ontvanger kan het artikel direct lezen, zonder betaalmuur.

Schrijf je in voor de nieuwsbrief NRC Rotterdam

Het laatste nieuws en de beste stukken over de mooiste havenstad die er is

Source: NRC

Previous

Next