is televisierecensent voor de Volkskrant.
‘Sorry dat ik het zeg, maar wat hebben we hieraan?’, vroeg Sonja Barend maandagavond in Pauw & De Wit. Ze kwam daar de naar haar vernoemde prijs voor het beste televisie-interview uitreiken, maar werd ongewild toeschouwer van een potje retorisch armpjedrukken tussen Diederik Samsom en Ferd Grapperhaus.
De twee oud-Kamerleden zouden het RTL Verkiezingsdebat nabeschouwen, maar kwamen het vooral voortzetten. Hun handen hadden blijkbaar gejeukt, de dag ervoor. Minutenlang kruisten ze de degens over het Europese migratiepact en de juridische status van Benjamin Netanyahu, alsof ze weer even terug waren in Tweede Kamer.
Dit alles tot ergernis van Barend. Ze vond hun gesprek veel te ingewikkeld, zei ze streng tegen de mannen. ‘Het is toch de bedoeling dat je er iets van begrijpt, dat je er iets van opsteekt, of dat het je aanzet tot verder nadenken? Dat gebeurt zo niet.’
Ze had een punt. Omdat Grapperhaus en Samsom vooral bezig waren met elkaar overtroeven, en geen centimeter nader tot elkaar kwamen, was het voor toeschouwers vrijwel onmogelijk om wijzer van hun discussies te worden. ‘Als één politicus aan het woord is, zitten de anderen altijd nee te schudden. Altijd. Wat er ook gezegd wordt. Wat kan ik daar nou mee?’, mopperde Barend.
‘Tja, niks’, antwoordde Jeroen Pauw. Hij wees naar rechts. Daar zat oud-campagnestrateeg Bas Erlings, die kort daarvoor nog de nieuwste oneliner van de VVD – ‘rust in de portemonnee’, geniaal! – had bejubeld. ‘Dat komt door mensen zoals hij’, zei Pauw. Erlings lachte schuldbewust. Door elk onderwerp te verpakken in holle frasen, debateertrucjes en andere ruis, worden moeilijke thema’s inderdaad al snel onbegrijpelijk ingewikkeld.
Zonde, want één zender verderop was op dat moment te zien hoe krachtig het is om een lastig onderwerp onomwonden in beeld te brengen. Op NPO 2 werd het eerste deel van Fortuyn: On-Hollands uitgezonden, een achtdelige documentaireserie van regisseur Menna Laura Meijer, die het tijdperk Pim Fortuyn aan de hand van archiefbeelden tot leven wekt.
De eerste aflevering toont Rotterdam in de dagen nadat Fortuyn is doodgeschoten, en vooral de spanning, vijandigheid en het racisme die de stad in hun greep hadden: ‘onze blanke hoop in zwarte dagen’, staat op een gedenkteken; een vrouw geeft de anti-racismebeweging de schuld van Fortuyns dood; voetbalhooligans raken slaags met de politie.
Toch is er geen voice-over die de gebeurtenissen voor ons interpreteert of parallellen trekt met het heden. Meijer laat de beelden vrijwel zonder opsmuk voor zich spreken, slechts ondersteund door een soundtrack en interviews, veel daarvan met biculturele Nederlanders. Zij vertellen bijvoorbeeld hoe opgelucht ze waren dat Fortuyns moordenaar wit was en hoe teleurgesteld dat de racistische atmosfeer daardoor niet verdween. Het zijn perspectieven die vaak onderbelicht zijn gebleven.
Zo geeft Fortuyn: On-Hollands de kijker een aanleiding om zelf na te denken over een tijdperk waar al zoveel over is gezegd. Daar hebben we wél wat aan, lijkt me. Sonja Barend zou dat vast en zeker beamen.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant