Wat de gijzelaars na hun ontvoering door Hamas meemaakten is ‘een van de heftigste gijzelsituaties die ik heb gezien’, zegt hoogleraar Ellen Giebels. Toch gloort voor hen die vrijkomen hoop: voormalige gijzelaars buigen hun ervaringen vaak om in iets positiefs.
is wetenschapsredacteur voor de Volkskrant.
Maandag. Of misschien dinsdag. Dat is het moment dat, zoals het er nu naar uit ziet, de laatste gijzelaars worden vrijgelaten die Hamas op 7 oktober gevangen nam.
Wat doet een gijzeling van ruim twee jaar met een mens? Ellen Giebels, hoogleraar psychologie aan de Universiteit Twente, interviewde tientallen mensen die een ontvoering of gijzeling meemaakten.
Hoe uniek is wat deze gijzelaars hebben doorgemaakt?
‘De ontvoering op 7 oktober begon meteen met bruut geweld. Er vielen veel doden. Deze mensen kregen daarmee een soort voorproefje van wat hen kon overkomen. Die angst zal gebleven zijn.
‘We weten inmiddels dat deze gijzelaars vaak slecht zijn behandeld, zowel fysiek als psychologisch. Ze zijn bespuugd en vastgebonden. Ze moesten propagandavideo’s opnemen. Ze waren zich continu bewust dat de gijzelnemers hen haten om wie ze zijn. Dat maakt dit tot een van de heftigste gijzelsituaties die ik heb gezien.’
Hoe ga je om met zo’n lange gevangenschap?
‘Het begin komt het zwaarste binnen. Dat kunnen voormalige gijzelaars vaak precies navertellen, alsof ze een film afspelen. Dat komt door de stress die ze dan ervaren. Later gaan ze naar een routine toe, al houd je periodes waarin de angst echt opvlamt.
‘Twee jaar is lang. De gevangenschap wordt dan je leven. Om de tijd door te komen, zullen ze bijvoorbeeld veel terug hebben gedacht aan hun kindertijd, of herinneringen hebben afgespeeld van momenten met familie.
‘Tegelijk zijn ze vermoedelijk blijven nadenken over vrijlating of ontsnapping. Want mensen houden altijd hoop, al zit het soms diep verstopt.’
Dan komt dat moment maandag of dinsdag. Hoe groot is de overgang dan?
‘Heel groot. In die twee jaar ben je zonder dat je het door had onderdeel geworden van een politiek conflict. De wereld is veranderd. Daar komt nog bij dat deze mensen een tijd in afzondering hebben geleefd. Dat leven was niet vredig of fijn, maar wel rustig. Ze zaten vaak op donkere plekken, met weinig bewegingsvrijheid. Terugkerend naar het gewone leven kun je dan overprikkeld raken.
Hoe zullen deze gijzelaars omgaan met de grote politieke lading van wat hen is overkomen?
‘Ze zullen daar eerst niet zo mee bezig zijn. De mensen die ik zelf sprak voor onderzoek waren eerst met zichzelf bezig en met hun dierbaren. Kleine dingen zullen het belangrijkste zijn: de eerste maaltijd die je weer met elkaar eet, een kind dat geboren is. Dat lees ik nu ook in de interviews met mensen die eerder door Hamas zijn vrijgelaten.
‘Ondertussen willen de media natuurlijk met hen praten. En misschien worden ze, los daarvan, wel voor politieke doelen ingezet. Dat blijkt achteraf voor voormalig gijzelaars vaak teleurstellend. Ze hebben dan het gevoel dat het alleen maar ging om dat politieke doel, en helemaal niet om hen als persoon.
‘Aan de ene kant hebben ze heftige individuele ervaringen, maar aan de andere kant worden ze ook geclaimd door het land. Ze zullen na vrijlating misschien deel worden van wat bijna een soort feestvreugde is, terwijl ze dat zelf – na een eerste euforie – helemaal niet zo voelen. Bijvoorbeeld omdat medegegijzelden het niet overleefd hebben. Dat kan echt heel ingewikkeld worden voor ze.’
Toen Hamas in 2023 twee oude vrouwen vrijliet, draaide een van hen zich bij de overdracht om, schudde de hand van de gewapende ontvoerder, en zei ‘Shalom’. ‘Het is heel menselijk dat je een band opbouwt’, zei u daar destijds over tegen de Volkskrant. Kunnen we zoiets ook ditmaal verwachten?
‘Dat hangt af van hoe je behandeld bent, en van hoe je zelf bent. Het kan goed dat die Hamasstrijder de eerste sinds lange tijd was die haar weer menselijk benaderde. Maar het kan net zo goed dat ze zichzelf niet wilde verlagen tot zijn niveau, dat ze vreedzaamheid en verdraagzaamheid wilde uitstralen.
‘Gijzelaars hebben tijdens hun gevangenschap erg weinig autonomie, maar waar je wél controle over hebt, zijn je gedachten en hoe je je gedraagt. Zelfs als je slecht bent behandeld, kun je denken: ik doe het anders.
‘Waar je in elk geval erg mee moet oppassen, is te snelle conclusies trekken, of mensen veroordelen. Sommigen riepen nadat die vrouw een hand gaf meteen: dit is het Stockholmsyndroom. Maar voormalige gijzelaars gaan achteraf sowieso al aan zichzelf twijfelen: is wat ik denk of doe raar, of niet? Dat is een heel natuurlijke twijfel, want mensen hebben geen goed vergelijkingsmateriaal. Daarom is lotgenotencontact bijvoorbeeld erg belangrijk.
‘Door zo’n handeling op te hangen aan het Stockholmsyndroom, zeg je in feite: er is iets mis met jou. Dat is slecht voor slachtoffers. Niet oordelen is het beste dat wij als maatschappij kunnen doen.’
Hoe geven mensen dit soort gebeurtenissen op langere termijn een plek?
‘Veel van hen zullen op zoek gaan naar zingeving. Mensen hebben vaak behoefte om hun ervaringen een positieve draai te geven. Dat kan van alles zijn. Soms zie wat wij ‘posttraumatisch altruïsme’ noemen. Dat mensen die iets vreselijks hebben meegemaakt daarna juist gaan proberen zich in te zetten voor de maatschappij. Dat is ook een vorm van traumaverwerking.’
Luister hieronder naar onze wetenschapspodcast Ondertussen in de kosmos. Kijk voor al onze podcasts op volkskrant.nl/podcasts.
Alles over wetenschap vindt u hier.
Geselecteerd door de redactie
Lees hier alle artikelen over dit thema
Source: Volkskrant