Home

Vriendschap is óók een politieke deugd

Lezersbrieven Als er nieuwe deugden in de politiek moeten komen, vergeet dan de vriendschap niet, schrijft lezer Bram Witvliet. En verder: reacties op Jessica Durlacher en de hypernerveuze samenleving.

Het doet mij als classicus deugd dat Aristoteles een prominente plek krijgt in het opiniestuk van Beatrice de Graaff en Rik Peels van afgelopen zaterdag (4/10). Zij stellen dat hij zijn Ethica Nicomachea heeft gewijd aan de deugden rechtvaardigheid, gematigdheid, moed en verstandigheid. Hoewel deze in de geschiedenis van de filosofie als de ‘kardinale’ of ‘klassieke’ deugden altijd de meeste aandacht hebben gekregen en later aangevuld zijn met de drie ‘theologale’ deugden geloof, hoop en liefde, gaat men vaak voorbij aan de deugd philia, vriendschap. Dat is onterecht. Aristoteles wijdt twee hele boeken aan vriendschap in de Ethica, veel meer dan aan de eerdergenoemde deugden. In een discussie over de vraag waar de waarden en de deugden in de politiek zijn gebleven, kan vriendschap dan ook niet ontbreken.

Volgens Aristoteles was vriendschap een soort ‘zielsverwantschap’ (één ziel in twee lichamen). Vriendschap kan gebaseerd zijn op drie motieven: plezier, nut, en karakter. De laatste is dan de meest duurzame: je waardeert een vriend omwille van wie die is. Vrienden moedigen elkaar aan zich ethisch te gedragen omdat ze het goede in elkaars karakter waarderen. Het was niet mogelijk veel van dit soort vriendschappen te onderhouden, waar we ook cultuurkritiek in kunnen lezen in een tijd waar vriendschapsrelaties vervluchtigen en men status ontleent aan het aantal Instagramvolgers of Facebookvrienden. Aristoteles had vriendschap dan ook hoog in het vaandel: „Niemand zou zonder vrienden willen leven, al bezat hij alle andere dingen”. Maar onze Griekse wijsgeer wees er scherp op dat vriendschap niet alleen belangrijk is voor de privésfeer: het is net als de andere deugden iets wat je moet oefenen in de praktijk en, nog belangrijker, het is cruciaal voor een harmonieuze samenleving. Het bevordert de sociale cohesie en de bereidheid aan gezamenlijke doelen te werken, het creëert vertrouwen onder burgers en het stimuleert solidariteit. Vrienden kunnen beter omgaan met conflicten en onenigheid en voelen een grote bereidheid zich in te zetten voor sociale en politieke initiatieven. De mens is volgens Aristoteles dan ook een ‘politiek dier’ (zoön politikon): een wezen dat van nature neigt naar samenwerking en betrokkenheid op de gemeenschap. Vriendschap is hiervoor de conditio sine qua non en is daarmee bij uitstek een politieke deugd, iets waar Hannah Arendt in De menselijke conditie ook al op wees.

Vrienden waarderen elkaar niet vanwege het plezier of voordeel dat ze uit de vriend halen, maar omwille van elkaars karakter, ongeacht hun verschillen. In een tijd waar het politieke meningsverschil al snel aanleiding vormt tot vijandschap en demonisering, verdwijnt de basis voor een gemeenschappelijk gesprek over de wereld en is vriendschap verder weg dan ooit. Het debat in de Tweede Kamer en online is vaak hard en op de man. Als onze volksvertegenwoordigers vriendschappelijker met elkaar zouden omgaan, is dat niet alleen goed voor de kwaliteit van het debat, maar komt dat uiteindelijk ook de andere klassieke deugden ten goede. Ik zou ervoor willen pleiten om vriendschap als volwaardige politieke deugd te gaan zien.

Bram Witvliet Lent

DeugdenEr zijn betere categorieën

Afgelopen weekend besteedde NRC drie (!) pagina’s aan een pleidooi om in de politiek terug te keren naar de waardenset van de kardinale deugden, nota bene door twee gelovige wetenschappers (een theoloog en een historica). Dat is opmerkelijk: is de democratische rechtsstaat niet juist vormgegeven vanuit het besef dat men een ruimte nodig heeft waarin over cruciale waarden gediscussieerd kan worden? Deugden dus niet als uitgangspunt maar als onderwerp van discussie.

Of ging het de schrijvers misschien enkel om de waarden van de omgangsvormen in het parlement? Dat bleek niet uit hun voorbeelden: het gaat om de inhoud van de democratische besluitvorming. In dat geval bemoeilijkt een teruggrijpen op pre-verlichtingscategorieën de noodzakelijke waardendiscussie alleen maar.

De meeste partijen die in onze democratie een rol spelen zijn niet ontstaan vanuit een verlangen naar moed of gematigdheid, maar uit de behoefte aan emancipatie (arbeiders, katholieken, moslims, en andere minderheden) en/of aan vrijheid. Dát zijn de categorieën waarin een democratie denkt. In Frankrijk probeert men, zoals de auteurs zelf ook aangeven, de betekenis van de begrippen vrijheid, gelijkheid en broederschap opnieuw te verstaan en te herijken.

Dat lijken mij veel logischere categorieën, want daarop is ook onze democratie gebouwd: hoe waarborgen we vrijheid, emancipatie en solidariteit in deze tijd? Dat daar moed, rechtvaardigheid, gematigdheid, verstandigheid, en ook een beetje geloof, hoop en liefde voor nodig zijn, zal best, maar daarmee valt of staat de democratie niet.

Mirjam Elbers Leuven

DeugdenIntroduceer burgerschapscursussen

Ondanks dat ze geen recht doen aan de oude Plato hebben Beatrice de Graaf en Rik Peels een punt. Waarom doen ze geen recht aan Plato? Omdat Plato anders dan Aristoteles besefte dat moraal transcendentie behoeft. Wanneer De Graaf en Peels vervolgens verwijzen naar MacIntyre en de secularisatie uitroepen als de belangrijkste oorzaak van het verval van de klassieke moraal, geven ze dit ook ruimschoots toe. Waarom hebben ze wel degelijk een punt?

Omdat inderdaad het besef van het goede is verdwenen en tegenwoordig slechts de domme emotie regeert. Ik zou zeggen, omarm ook Plato en laat de besten voorgaan in het goede: introduceer samen met een maatschappelijke dienstplicht serieuze burgerschapscursussen over moraal en religie op alle middelbare scholen (op alle niveaus) en geef alleen diegenen die een diploma halen stemrecht.

Jos Gommans Thorn

7 oktoberAngst vreet aan de ziel

Ik moet reageren op het stuk van Jessica Durlacher (7/10). Sinds 7 oktober leven joden in angst, wrok en eenzaamheid. De meeste joden die ik ken piekeren er niet over om te vertrekken uit Nederland of uit Europa, behalve misschien vanwege een steeds onbarmhartiger stroom aan fascistisch-rechtse kreten.

De meeste joden die ik ken hebben nachten wakker gelegen van de gruwelijkheden van 7 oktober 2023, de beelden bladderden moeizaam van hun netvlies.

De meeste joden die ik ken schrokken van de eerste keer From the river to the sea, gaandeweg begrepen ze dat het ging om Palestine will be free.

De meeste joden die ik ken lazen daarna boeken, artikelen, interviews, keken films, documentaires, archiefbeelden, laat, veel te laat. Stapsgewijs ontdekten ze een andere geschiedenis, ontdekten ze Palestijnse schrijvers, historici, wetenschappers, filmers, journalisten die een andere blik gaven op het land zonder volk.

Sommige joden die ik ken zijn boos over de mythes die ze meekregen in hun jeugd en denken met enige pijn aan de lieve lui van goede wil die met opgestroopte mouwen vertrokken voor de opbouw van het land.

De meeste joden die ik ken lopen intussen mee met de Rode Lijn-demonstraties en benoemen de gruwelijkheden en de arrogantie van het Israëlische leger.

Het is waar: Iedere jood die ik ken, is er (in meer of mindere mate) onafgebroken mee bezig. Waren we voorheen naar keuze soms meer soms minder joods, al naar gelang het moment, nu moeten we ons nadrukkelijk tot dat woord verhouden.

De meeste joden die ik ken leven niet in wrok en eenzaamheid. Angst, Angst essen Seele auf.

Pauline Durlacher Amsterdam

7 oktoberLegitimering van geweld is gruwelijk

De machteloosheid en de verontwaardiging van Jessica Durlacher over de gevolgen van de aanslag van 7 oktober in Israël zijn begrijpelijk. Dat zij haar hartenkreet deelt, is noodzakelijk zodat begrip ontstaat voor de situatie waar alle betrokkenen nadien in terechtgekomen zijn. Dat begrip breng ik graag op. Na de wrede aanslag van Hamas in Israël speelt zich in Gaza immers een ongekende menselijke tragedie af, een volkerenmoord.

Zoiets gruwelijks is in de regel het eindpunt van iets dat er aan vooraf ging, de legitimering ervan. Zonder uitzondering zijn mensen kennelijk tot de meest verschrikkelijke dingen in staat. Wat dat aangaat deel ik de angst van Durlacher en de mensen uit haar naaste omgeving. Als niet-jood ben ik begaan met het lot van al mijn medemensen, ik maak daarin geen onderscheid.

Dat dit onderscheid in Gaza op dit moment gemaakt wordt, dat daar politieke en diplomatieke ruimte voor is, legitimering ook, dat vind ik op mijn beurt beangstigend. Want, wie zijn er straks aan de beurt? Mensen zoals ik die kritisch zijn, opkomen voor rechtvaardigheid en dat geluid laten horen? Moet daar de aandacht niet naar toe? Naar de toekomst en niet naar het verleden dat zich in zijn volle omvang dreigt te herhalen?

Niek Vink Haarlem

HypernerveusTijd om te ‘ontstarten’

Één rapport en de hypernerveuze tijd staat weer volop in de schijnwerpers. We moeten – met een bijna vergeten woord – ‘onthaasten’. Dat opgefokte heeft ook onze taal doordesemd: ‘Haal alles uit jezelf’ of – nog mooier – ‘alles uit de abonnement/studie/ werk/leven’. En elke werkdag begin je niet, nee, die ‘start’ je! Volle vaart vooruit, net zoals je je auto start en wegscheurt op weg naar de ‘start’ van je immer dynamische werkdag.

Hoogste tijd te ‘ontstarten’ en te beginnen het aloude ‘begin’ en ‘beginnen’ weer in ere te herstellen. Het begrip ‘Start(en)’ dringen we terug tot waar het aanvankelijk (‘startelijk’?) voor diende: voor motoren, voer-, vaar- en vliegtuigen en snelheidswedstrijden. Kortom: voor al het onmenselijke drijfwerk.

F. Bakker Nijmegen

NIEUW: Geef dit artikel cadeauAls NRC-abonnee kun je elke maand 10 artikelen cadeau geven aan iemand zonder NRC-abonnement. De ontvanger kan het artikel direct lezen, zonder betaalmuur.

Source: NRC

Previous

Next