Hiphop In zijn poëtische songs toont de Britse rapper Loyle Carner zich altijd gevoelig en zachtmoedig. Kan dat ook spannend zijn? Geholpen door de breakbeats van zijn live-band zoekt hij ook het duister op.
Hiphop-artiest Loyle Carner is op het podium de man die je zonder twijfel je huissleutels toevertrouwt. Evenals je hart. Foto Andreas Terlaak
Het is mogelijk een allemansvriend te zijn bij wie de zachtmoedigheid door de aderen stroomt en tegelijkertijd een boeiende rapper die zijn publiek geen moment lui laat achteroverleunen. Benodigdheden: het intellect, de gevoeligheid en de flow van Loyle Carner. Ook nodig: zijn band, of in elk geval zijn drummer Spaven Richard.
Loyle Carner, gezien: 10/10, Afas Live, Amsterdam. Herhaling: 11/10, aldaar.
Carner begint zijn eerste van twee uitverkochte avonden in Afas Live met kenmerkende overpeinzingen over kalme gitaarakkoorden op het nummer ‘in my mind’. Op die plek is hij vaak, daar in zijn gedachten. Hij voert de zaal er gedwee mee naartoe.
De Britse knuffelrapper legt al enkele jaren zijn ziel bloot op albums vol ruiterlijk gedeelde kwetsbaarheden. Hij verkent thema’s als rouw, identiteit en familie, spreekt zich uit tegen toxische masculiniteit. Op zijn nieuwe plaat hopefully! bespreekt hij zijn ADHD en dyslexie en de ontroering van het vaderschap. Ook op het podium toont hij zich de man die je zonder twijfel je huissleutels toevertrouwt. Evenals je hart. Hij zal voorzichtig zijn.
Wanneer iemand in het publiek onwel wordt, wijst hij de security de weg naar het slachtoffer door een abrupt zwijgende zaal. Als de vrouw oké blijkt, wordt er geklapt, maar Carner is bang dat het nog te heftig is voor de herstellende vrouw. Hij vraagt het publiek in plaats daarvan de vingers te knippen. Na een liefdevol knipapplaus vervolgt hij de show. ‘Thank you for being so beautiful.’
Loyle Carner, vrijdagavond in Afas Live, in Amsterdam. Foto Andreas Terlaak
Maar een ideale schoonzoon maakt nog geen ideale artiest, lieve kunst kan snel vervelen. Toch is dat buiten de overtuigingskracht van Carner gerekend. Anders dan op zijn album mompelt hij deze avond geen moment. Hij versnelt en vertraagt zijn doorwrochte teksten, soms lange lappen dan weer woordensalvo’s waarbij elke lettergreep op de vorige lijkt te rijmen.
En hij heeft vrienden meegenomen. Om hem heen is een veilige halve cirkel van vijf muzikanten die soulvolle steun bieden. Ze dienen zijn flow, nemen weinig ruimte voor zichzelf. Het meest prominent is drummer Spaven Richard. Hij voorziet verschillende tracks van trippy breakbeats, appellerend aan de Britse jungle en hiphop van voor het millennium. Dat zijn de momenten waarop Carner zijn braafheid parkeert en zelfs gevaarlijk kan worden.
Op ‘all i need’ vormen zijn zielenroerselen een kluwen van broken beats. Op het kalmere ‘about time’ worstelt hij met de verwachtingen van zijn omgeving. Deze jazzy songs van zijn nieuwe album zijn (nog) niet de hits waarop de Afas meezingt. Dat gebeurt massaal op nummers als ‘Ottolenghi’ en ‘Loose Ends’, van zijn album Not Waving, But Drowning uit 2019. Maar met de band heeft Carner goud in handen, zeker als hij ze meer ruimte biedt.
Alles balt samen in het wonderlijke ‘horcrux’, verstopt tussen twee bekende songs halverwege de avond. In een ingenieuze tekst gebruikt Carner een Harry Potter-metafoor voor zijn gespleten ziel van familieman en reizende artiest. Zijn kinderen vergelijkt hij met horcrux – gruzielementen in de Nederlandse vertaling. Het is de manier waarop een tovenaar zijn ziel verspreidt in verschillende objecten om onsterfelijk te worden. Gecombineerd met de haastige en spookachtige breakbeats, piano en gitaar, spuwt Carner zijn complexe gedachten en schuwt de duistere kanten niet. Toch stroomt het nummer over van liefde en geeft hij elke bezoeker een stukje van zijn ziel mee naar huis.
NIEUW: Geef dit artikel cadeauAls NRC-abonnee kun je elke maand 10 artikelen cadeau geven aan iemand zonder NRC-abonnement. De ontvanger kan het artikel direct lezen, zonder betaalmuur.
Source: NRC