Home

Psycholoog Saskia de Bel: ‘Het is niet makkelijk als je partner een pleaser is’

Het Uur  Als kind wisselde Saskia de Bel acht keer van school. Zich aanpassen werd vanzelfsprekend. Jarenlang zag ze zichzelf niet als pleaser, ze noemde het gewoon ‘te aardig’. Pas later zag ze dat die vriendelijkheid vooral een overlevingsstrategie was. Daarover schreef ze het boek ‘De Perfecte Pleaser’: een handleiding om te kappen met pleasen.

Saskia de Bel

In de podcast Het Uur gaat Pieter van der Wielen met Saskia de Bel in gesprek over haar weg van aanpassen naar autonomie. Ze praten over de vraag of Pieter zelf een pleaser is, over de erfenis van het patriarchaat waardoor vooral vrouwen in deze rol schieten en over afkicken van zulk gedrag. Want hoe blijf je empathisch zonder de deurmat te worden in een mondige samenleving? En hoe leer je je eigen grenzen bewaken?

Over dit artikel

Dit is een voor de leesbaarheid geredigeerde versie van het gesprek dat Pieter van der Wielen voerde met Saskia de Bel voor Het Uur, de wekelijkse interviewpodcast van NRC. Luister en volg Het Uur via nrc.nl, de NRC Audio-app of een ander podcastplatform. Het Uur is ook te bekijken op YouTube.

Ik vond het zo leuk dat je in je boek ook jezelf onder de loep neemt. Je bent niet de neutrale psycholoog die zelf vrij is van problemen. De tandarts die geen gaatjes in z’n kiezen heeft.

Volgens mij bestaat die ook niet. 

Was dat ook waar je interesse voor dit vak vandaan kwam? Begon dat bij jezelf?

Meer bij mijn ouders. Er waren dingen die ik niet snapte en vooral bij mijn moeders gedrag dat ik niet zo goed snapte. Waar komt dat vandaan of hoe zit dat? En ik was altijd een heel gevoelig kind en zei dan ook dingen voor de vuist weg, maar dat werd niet zo op prijs gesteld. Dus ik was te eerlijk of te open. Mensen vinden dat niet leuk en dan word je raar gevonden.

Dan leer je eigenlijk aan je kind: ‘Gij zult niet over gevoelige dingen praten.’ 

Ja, maar daar was ik me niet bewust van.

Wanneer werd je je daarvan bewust?

Toen ik tegen de veertig liep werd ik me echt met een schok bewust hoe ingesleten die patronen waren. Op dat moment waren de zorgtaken thuis niet zo verdeeld als we hadden gedacht en hadden afgesproken. Ik werkte in deeltijd en hij voltijd, en in zijn beleving kon dat ook niet anders. Dus ik dacht: waarom val ook ik in dat meer traditionele patroon? Wat is dat toch met ons vrouwen, dat we dat toch weer doen en dat we ons dat laten gebeuren? Dus daar kwam wel het onderwerp autonomie heel erg naar voren. 

Had je het gevoel dat je niet goed voor jezelf was opgekomen? 

Ja, maar ik noemde het anders. Ik noemde het te aardig, te veel aan anderen denken. Het is zo eigen gemaakt, dat patroon van pleasen, dat je niet eens doorhebt dat je dat aan het doen bent. Je denkt dat je een aardig persoon bent. En dat klopt ergens ook wel. Je hebt een bepaalde persoonlijkheid nodig om te kunnen pleasen en daarom is dat ook je overlevingsstrategie. 

Het is wel interessant omdat het goede eigenschappen zijn die je noemt. Die worden gewaardeerd over het algemeen.

Daar zit ’m nou juist de kneep, weet ik inmiddels. Want als je als kind dat als gedrag vertoont en dat wordt heel erg beloond, dan ga je dat natuurlijk meer vertonen. Niet dat je je daarvan bewust bent. „Oh, masseer mij even, ik heb zo’n hoofdpijn”, zei mijn moeder. „Dan krijg je een dubbeltje.” Nou, dat dubbeltje kreeg ik meestal niet. Maar ik voelde me zo nodig en ik kon haar helpen minder hoofdpijn te hebben. Hoe geweldig was dat? 

Je haalt er zelf ook iets uit. 

Ja, je ontleent daar wel je eigenwaarde aan. Dat is ook niet verkeerd. Alleen als dat de hoofdmoot wordt van de interactie is het een probleem natuurlijk. Want je vergeet gewoon dat je zelf helemaal niet wil masseren of daar helemaal niet wil zijn. 

Je verliest jezelf. Je houdt feitelijk op te bestaan, in het ergste geval omdat je je helemaal vormt naar de wensen van een ander. 

En dat zie ik dus ook bij cliënten. Dat ze geen keuzes meer kunnen maken. Gewoon niet meer weten wat ze zelf willen. Iemand zei een keer: ‘Het is mijn eerste natuur om eerst aan de ander te denken.’ Dus je voelt je onveilig en dan word je alert: ‘Wat kan ik verwachten? Hoe moet ik daar op inspelen?’ 

Jouw man vond dat eigenlijk wel best in jullie huwelijk. Waar is hij gebleven? 

Hij is plotseling overleden toen we nog getrouwd waren. 

Heeft hij nog meegemaakt of heeft hij iets gemerkt van jouw bewustwording? 

Oh zeker wel. Dat vond hij niet zo grappig. Want hij kreeg ineens een andere partner. Waar ik eerst heel veel best vond, vond ik dat ineens niet meer. Dus wij kregen ook meer conflicten. Dat vond hij moeilijk. Dat was hij helemaal niet van mij gewend. 

Wat zijn de risico's van te veel pleasen?

De andere denkt ineens: ‘Ik vond het wel comfortabel of we hadden het altijd gezellig. Wat gaat ze nu moeilijk doen?’ 

Ja, ‘moeilijk doen’ was ook echt de term die daarbij gebruikt werd. Maar het is ook niet makkelijk als je een partner hebt die pleaser is. Vrienden en partners vinden het ook wel eens irritant, want ze zeggen niet: ‘Mja maar ik wil eigenlijk naar die andere kroeg.’ Maar pleasers die zeggen dat vaak wel daarna en gaan dan een beetje klagen. En dat is heel irritant. 

Ik had in de begindagen van de TomTom een kapot systeem. Die was te traag. Die zei de hele tijd je had hier naar links gemoeten, je had hier naar rechts gemoeten. Keer om, je hebt de rotonde gemist. Dat is eigenlijk alsof je een relatie met die kapotte TomTom hebt. Achteraf klagen, maar niet van tevoren aangeven wat je wil. 

Ja, en geen pleaser zijn is leuker, want je krijgt een leukere partner die minder moe is. Want pleasers zijn ook vaak moe, ze gaan over hun grenzen en als je niet oppast worden ze echt overbelast, of komen zelfs met een burn-out thuis te zitten. 

Als je nooit nee zegt, zal je uiteindelijk sterven denk ik. Als je als experiment gewoon nooit nee zou zeggen in deze samenleving, dat overleef je niet.

Je ziet ook bij pleasers dat ze dan met enige regelmaat uit de bocht vliegen. Dan ontvlammen ze ineens om niks. Te lang voor je gehouden. En dan is het gewoon in één keer klaar. 

Jouw pleasersgedrag kwam voort uit onzekerheid. Waar kwam die vandaan? 

Ik heb op vijf middelbare scholen gezeten, drie basisscholen. Elke keer switchen. Dan moest je elke keer een nieuwe rol vinden in de groep. Je was de nieuweling, je viel buiten de boot, je had een ander accent of andere kleding of je kende de mores niet precies. Je moest je snel in een groep weten te schikken en pleasen was de strategie. Voor mij was dat de makkelijkste route, omdat ik nou eenmaal gevoelig was als persoon en empathisch. 

Hoe lastig is om het telkens weer van school te veranderen?

Maar je zei net ik ben een ex-pleaser. Is dat zoiets als een ex-alcoholist? Dat je altijd moet oppassen voor terugval? 

Ik denk dat ik er altijd voor moet oppassen, maar het is geen automatisch gedrag meer. 

Is pleasen meer een vrouwending dan een mannending?

Ja, door zoveel duizend jaar patriarchaat. Vrouwen wordt geleerd een toontje lager te zingen. 

Want anders is een vrouw meteen een bitch. 

Ja, het wordt sociaal afgekeurd als je er met gestrekt been ingaat.

De man in kwestie, was hij een bulldozer zoals jij dat in je boek noemt? Iemand die over de belangen van anderen heen walst? 

Ja, dat kun je echt wel zeggen. Hij was de bulldozer. Heel assertief, niet sociaal gevoelig. En ik was de pleaser en dat past heel goed bij elkaar. Want ik vond het allemaal best wat hij deed. 

Welke overlevingsstrategiën heb je nog meer?

De klager. Heel sociaal gevoelig, maar ook erg assertief.

En je hebt de solist. Die wil eigenlijk gewoon met rust gelaten worden. Die zijn ook niet zo sociaal gevoelig en ook niet zo assertief. ‘Laat mij maar.’ Die hebben liever geen conflict, maar die zorgen ook wel voor situaties dat er ook weinig conflict ontstaat door niet al te veel met anderen te verkeren.

Ja, ik was solist, tot mijn verrassing. Iedereen dacht: ‘Ja, jij zal wel een pleaser zijn.’ Want mensen zeggen wel eens: ‘Je bent conflict vermijdend.’ Maar dan denk ik: ‘Conflictvermijdend klinkt alsof er een groot conflict is en jij zet het op een lopen het steegje in, omdat je geen zin hebt in dat conflict. Maar er is niet altijd een conflict. Maar dat is toch iets anders dan dat je lafjes achteruit rent om de confrontatie te vermijden. Ja, ik ben niet iemand die van conflict houdt.’ 

Maar ik denk dat weinig mensen van conflict houden. 

Nou ja, in het vak van interviewer is conflict de heilige graal voor sommigen. Conflict is koren op de molen, conflict is actie, conflict is theater. Terwijl ik vaak als ik naar die programma’s kijk, denk: “Laat die ander uitpraten. Misschien kom je er dan achter wat hij bedoelt.” Maar dat vind ik niet conflictvermijdend. 

Nee, dat vind ik ook niet. Ik hou ook niet zo van de term, maar ik denk wel dat als mensen dat op jou plakken of jou daarmee labelen, dan zegt dat wel wat.

Daar was ik al bang voor. Moeten die verschillende types er niet gewoon allemaal zijn? Dat elk soort persoon in een organisatie functioneel kan zijn. Dat een Donald Trump heel nuttig is – of die meteen president moet worden is een andere discussie. 

Dat geldt sowieso voor de hele mensheid natuurlijk. Dat je allerlei persoonlijkheden hebt en als je een beetje gemixt team hebt dan vul je elkaar ook aan. 

Hoe doe je het eigenlijk goed als je van je pleasersgedrag af wil komen? Je had in de jaren zeventig van die assertiviteitscursussen. Een van de dingen die ik dan hilarisch vind, is dat je je eigen leed moet opstapelen. Dus je komt binnen en zegt: “Ik wil graag een tafel bij het raam.” “Nee meneer, die is gereserveerd.” Dan zeg je: “Ik wil graag een tafel bij het raam, ik heb al vijf jaar niet uit het raam kunnen kijken. Ik had me er zo op verheugd.” Is dat hoe je het doet? 

Nou ja, dat is nogal dwingend. Dat is bulldozer, dat is niet leuk. 

Hoe zou je dat wel doen? Hoe kan je een pleaser helpen om op een fijne manier niet te pleasen? 

Het is stap voor stap. Maar het begint wel bij de assertiviteit. Dat noem ik dan de drie vuistregels. Je houdt het bij jezelf, het is persoonlijk en je houdt het actueel. Je maakt het zo klein mogelijk. 

Je gaat naar de bioscoop en je zegt: “Ik wil graag op rij dertien.” Nou dat is iets kleins toch? Daar hangt niet zo heel veel van af. 

Ja, waar succes eigenlijk al verzekerd is. Maar je moet je stijl daarin vinden. Dat noemen we dan ontwikkelen van een repertoire. Dan werken we toe naar vijf tot tien zinnen die voor mensen lekker bekken.

Noem eens zo’n mooie zin. Wat is een pareltje?

Ik ben zelf verzot op: “Ik begrijp het even niet.” Dan koop je tijd.

Dus voordat die ander jou al in de hoek heeft, kan je eventjes een pauze inlassen.

Ja, en dan kan je denken: wat vind ik hier nou van? Ik noem dat altijd ondertitelen. Ondertitel wat je denkt en voelt, en niet van oh wat moet ik nou zeggen, wat moet ik nou zeggen? 

Saskia de Bel in gesprek met Pieter van der Wielen

God, ik ben helemaal in je therapie beland. Het gaat eigenlijk veel over angst. Bang om niet aardig gevonden te worden of verlaten te worden. 

Het is een existentieel gebeuren. Angst hoort bij de mens. Het is heel functioneel. Angst is doorgeschoten, maar sociale gevoeligheid hebben we nodig. Het zou wat zijn als mensen niet meer om elkaar zouden geven en zich zouden bekommeren om de ander en niet meer dingen voor een ander zouden doen. 

Het gaat wel vaak over zelfrapportage met dit soort dingen. Iemand zegt zelf dat hij een pleaser is.

Ja, maar als je kijkt naar tests wordt er altijd een slag om de arm gehouden. Mensen geven vaak een rooskleuriger beeld. Ik heb ook een vragenlijst ontwikkeld gebaseerd op uitspraken over gedrag en dat is dan weer dichter bij de waarheid. “Als je buurvrouw ziek is en ze heeft om hulp gevraagd. Nou, wat doe je dan?” 

Weet je wat ik nou altijd zo lullig vind? Want dan heb je het eindelijk allemaal door. Dan heb je al die jaren van ervaring en mislukking in therapie en dat lijden. En dan is iemand eindelijk op dat punt dat hij denkt: “Ik snap het.” En dan ga je alweer dood. 

Nou ik moet zeggen, ik heb al jaren het gevoel van: “Nou heerlijk, ik snap het wel een beetje zo.”

Jij zou voor jezelf zeggen: “Ik ben er”?

Nou, ik ben echt niet perfect en dat vind ik prima. Ik ken mijn gebruiksaanwijzing. Dan is het leven wel een stuk eenvoudiger en fijner.

NIEUW: Geef dit artikel cadeauAls NRC-abonnee kun je elke maand 10 artikelen cadeau geven aan iemand zonder NRC-abonnement. De ontvanger kan het artikel direct lezen, zonder betaalmuur.

Schrijf je in voor de nieuwsbrief NRC Slim Leven

Stukken die je helpen om je leven fijner en je carrière beter te maken

Source: NRC

Previous

Next