Home

De doorrekening van het CPB is geen rapportcijfer, maar zo voelt de politiek het wel

CPB Vrijdag verschijnt de doorrekening van de verkiezingsprogramma’s door het Centraal Planbureau. Dat levert politieke partijen munitie voor debatten, redenen om trots te zijn én om zich te schamen.

Het Artillerie Schietkamp (ASK) 't Harde is een militair oefen- en schietterrein. Uit de doorrekening van het CPB die vrijdag wordt gepresenteerd wordt onder andere duidelijk hoe de extra uitgaven voor defensie gedekt worden die Nederland moet doen door ondertekening van de nieuwe NAVO-norm.

Bij het CDA zijn het 86 pagina’s, net als bij D66. 169 pagina’s van GroenLinks-PvdA, 81 pagina’s van de VVD, 126 van de BBB, 43 van de ChristenUnie, 146 van Volt en ga zo maar door. Wie écht wil weten waar de verkiezingen van 29 oktober over gaan, moet al snel zo’n duizend pagina’s aan campagneproza in de programma’s van politieke partijen doorworstelen. Dat is voor menig kiezer te veel gevraagd.

Na tientallen interviews met lijsttrekkers op radio, tv, in kranten en online, na heel veel gepraat over wie met wie – en wie vooral niet met wie – komt deze vrijdag het Centraal Planbureau met de traditionele doorrekening van de verkiezingsprogramma’s. Dan verschijnt de twaalfde editie van Keuzes in Kaart en kan de campagne „eindelijk over de inhoud gaan”, aldus een oppositiepoliticus.

Sinds 1986 kent Nederland de traditie dat partijen hun programma kunnen laten doorrekenen door het Centraal Planbureau (CPB). Destijds deden PvdA, CDA en VVD dat, in deze editie van Keuzes in Kaart doen tien partijen mee, twee meer (BBB en NSC) dan in de vorige. De doorrekening geldt als kwaliteitsstempel: wie goed uit de tabellen komt, laat zien klaar te zijn om mee te doen in het landsbestuur.

Keuzes in Kaart is niet bedoeld als stemwijzer of rapportcijfer, schrijft het CPB in juli in de zogenoemde startnotitie. Het is vooral een hulpmiddel om de economische gevolgen van beleidskeuzes van partijen „consistent, in onderlinge samenhang en in vergelijking tot anderen” te overzien en te presenteren.

Feitelijk is Keuzes in Kaart ook geen doorrekening van de programma’s. Ook het Planbureau leest de berg campagnemateriaal namelijk niet door. Voor de rekenmeesters zijn de teksten te vaag om in de modellen te kunnen stoppen. Wat betekent het als een partij zegt de zorg te willen verbeteren, of ieder kind centraal te stellen? Het CPB biedt partijen daarom de mogelijkheid een lijst met concrete maatregelen in te dienen. Die vormen de basis van de doorrekening.

Sinds juli, dus al vrij snel na de val van het kabinet-Schoof, is het Planbureau in gesprek met de partijen. In dit ‘iteratie-proces’ gaan de CPB-economen met de afzonderlijke partijen nader in op hun plannen. Soms hebben partijen wel een idee van wat ze willen, maar niet voldoende technische ondersteuning om dat om te zetten in beleid. Het CPB kan dan helpen.

Soms ook denken partijen een doel te bereiken met een bepaalde maatregel, maar komen ze er bij het CPB achter dat dit niet werkt. Of dat die maatregel serieuze en onbedoelde consequenties heeft op een ander vlak, zoals een hoger begrotingstekort of meer werkloosheid. Het Planbureau kan dan een andere maatregel voorstellen om het doel te halen. Om te voorkomen dat partijen op het laatst nog met talloze aanpassingen komen, wordt hun bewegingsruimte beperkt. In de laatste ronde, anderhalve week voor publicatie, mag een partij nog maar aan één van de acht thema’s (bijvoorbeeld wonen, zorg of defensie) sleutelen.

Het gevolg van dit proces is dat de doorrekening van het Planbureau soms kan afwijken van de teksten in de programma’s. Soms is dat onbedoeld; als een partij er in de gesprekken met het CPB achter komt dat ander beleid nodig is dan gedacht, bijvoorbeeld. Soms ook zetten partijen de kiezer bewust op het verkeerde been. Zo wilde het CDA in 2021 het arbeidsaanbod vergroten, en bleek pas uit de doorrekening dat toenmalig lijsttrekker Wopke Hoekstra dat wilde bereiken door de werkloosheidsuitkering te verkorten van twee naar één jaar.

Kritiek

Lang niet alle partijen leggen hun programma ter beoordeling bij het CPB. De PVV doet al jaren niet meer mee, de SP sinds 2023 niet meer, terwijl de Partij voor de Dieren zich er altijd verre van heeft gehouden.

De kritiek op de doorrekening loopt uiteen. Zo zou het CPB zijn eigen modellenwerkelijkheid scheppen, terwijl politiek over echte mensen gaat. En sommige weigeraars voeren aan dat financieel specialisten in Den Haag alle trucs kennen, waardoor de uitkomst sneller naar wens is. De partijen die wel meedoen, kunnen zeggen dat de wegblijvers gewoon een financieel zwak programma hebben.

Op vrijdag wordt duidelijk hoe alle mooie woorden van de tien partijen die ditmaal meedoen, in concrete cijfers neerslaan. Hoe worden de extra uitgaven voor defensie gedekt die Nederland moet doen door ondertekening van de nieuwe NAVO-norm? Wie snijdt er in zorg, onderwijs en sociale zekerheid? En wie laat de staatsschuld het hardst oplopen?

En, ook niet onbelangrijk: welke partij houdt de klimaatdoelen voor 2030 (55 procent CO2-reductie) overeind en wie scoort er goed met het oplossen van de stikstofcrisis? Voor deze onderwerpen werkt het CPB samen met het Planbureau voor de Leefomgeving. Dat PBL kwam bij vorige verkiezingen met een aparte doorrekening van de groene plannen. Dat leidde tot de bijzondere situatie dat de VVD er in 2021 voor koos alleen bij het CPB aan te kloppen. Nu zijn de doorrekeningen van CPB en PBL geïntegreerd.

Nieuw is ook dat het CPB verder kijkt dan de beoogde kabinetsperiode, in dit geval verder dan 2030. Al eerder konden partijen zien hoe hun maatregelen de staatsschuld in 2060 zouden beïnvloeden, nu is de blik op meerdere terreinen ook op de langere termijn gericht. Verder is er voor het eerst aandacht voor „menselijk kapitaal” en kennis. Met name D66 was altijd kritisch op de „winst” die je als partij kon boeken door stevig op onderwijs te bezuinigen, terwijl je daarvoor op de lange termijn de rekening gepresenteerd krijgt. Ditmaal wordt investeren in onderwijs ook beloond.

Voor partijen is er veel aan gelegen om goed uit de modellen te komen. Niemand vindt het leuk verrast te worden met een plotselinge stijging van de werkloosheid of een onverwacht groot tekort op de begroting. Dat kan in de rest van de campagne tegen je gebruikt worden. En al te gekke dingen uithalen om toch je doelen te halen, is ook geen fijne optie. De doorrekening ligt na de verkiezingen geheid ook op tafel bij de onderhandelingen voor een nieuw kabinet. Dan kan een ondoordacht plan als een boemerang terugkomen.

NIEUW: Geef dit artikel cadeauAls NRC-abonnee kun je elke maand 10 artikelen cadeau geven aan iemand zonder NRC-abonnement. De ontvanger kan het artikel direct lezen, zonder betaalmuur.

Schrijf je in voor de nieuwsbrief NRC Voorkennis

Economieredacteuren nemen je mee in de discussies die zij op de redactie voeren over actuele ontwikkelingen

Source: NRC

Previous

Next