Stank, geïrriteerde luchtwegen en prikkende ogen. Zorgen van bewoners over de Amsterdamse kunstmestfabriek ICL werden jarenlang genegeerd. Pas nu belooft het Israëlische bedrijf beterschap. ‘Er wordt vaker over deze fabriek geklaagd dan over Tata Steel.’
is verslaggever binnenland van de Volkskrant.
Ze zouden de heren op het podium graag willen geloven. Maar na jaren vergeefs klagen over de ‘stank van verbrande autobanden’ en de ‘dikke deken waar je het benauwd van krijgt’ hebben omwonenden van de Amsterdamse kunstmestfabriek ICL de hoop op beterschap verloren. Wie garandeert dat het bedrijf beloften nu wel nakomt?
Zo’n veertig mensen zijn naar het bewonersoverleg in Tuindorp-Oostzaan gekomen, waar de ICL-directie tekst en uitleg geeft over een pakket maatregelen die een einde moeten maken aan hun klachten: de geur, maar vooral ook de schadelijke uitstoot van zoutzuur, waarover steeds meer bekend is geworden.
Geëmotioneerd vertelt een vrouw dat ze op het punt staat te verhuizen, omdat haar jonge dochter de laatste twee jaar astma ontwikkelde. ‘Ik hoop echt dat het niet komt doordat ik haar in deze giftige omgeving bracht’, zegt ze. ‘De stank is vervelend, maar zoutzuur lijkt me tien keer erger.’
Het woord ‘tijd’ valt vaak deze maandagavond in augustus. ‘We kunnen de tijd niet terugdraaien’, ‘Dat gaat tijd kosten’ en ‘Dat heeft tijd nodig’. Maar bij de meeste aanwezigen is het geduld op. Oudgedienden – die soms al zeventig jaar in de wijk wonen – en nieuwkomers zijn eensgezind: ze willen dat er nú iets wordt gedaan.
‘Sponzen’, een ‘nieuwe wasser’: de oplossingen die directeur Vincent Brugge presenteert blijken ook nog eens omgeven door mitsen en maren. Of ze het gewenste effect hebben is volgens ICL onzeker. ‘Ik begrijp dat het lang duurt’, erkent Brugge. ‘Maar we willen echt laten zien dat we ook een goede buur kunnen zijn.’
Het vertrouwen van de meeste aanwezigen is echter verdwenen, na jarenlang niet te zijn gehoord. Wat daaraan bijdraagt is dat de investeringen voornamelijk lijken te zijn ingegeven door de aangescherpte milieueisen waaraan binnenkort moet worden voldaan. En niet, zoals een vragensteller opmerkt, ‘vanwege zorgen over ons welzijn’.
Die scepsis kan fabrieksmanager Erik Wegman begrijpen, zegt hij een kleine week later op het terrein van ICL. ‘Er is veel te lang niet geïnvesteerd’, erkent hij. ‘Maar daar komt nu verandering in.’
Al sinds 1907 wordt hier kunstmest gemaakt. Een zwart-witfoto aan de muur herinnert aan die vervlogen tijden. Trots toont een besnorde medewerker een volle jute zak met het logo van de Amsterdamsche Superfosfaatfabriek, zoals het bedrijf toen heette.
Nederland geldt internationaal als een grote exporteur van kunstmest, maar in vergelijking met ICL liggen andere grote producenten (in Geleen, Sas van Gent en Sluiskil) relatief afgelegen. In de beginjaren werd de fabriek in Amsterdam nog omringd door weilanden. Huizen waren in de wijde omtrek niet te bekennen. ‘Een deel van het personeel woonde daarom boven de kantoren’, zegt Wegman, die naar balkons op de tweede verdieping wijst. Sindsdien rukte de stad op.
De wijk Tuindorp-Oostzaan, kort na de komst van de kunstmestfabriek uit de grond gestampt om het personeel van de grote scheepswerven op het NDSM-terrein onderdak te bieden, ligt aan de overkant van het IJ. Omdat de wind in Nederland het vaakst uit het zuidwesten komt, en precies hun kant op waait, komen daar de meeste klachten vandaan.
Zoals op veel plekken werd de weerslag van industriële activiteiten lange tijd voor lief genomen. Maar dat is ook in Amsterdam-Noord voorbij. Net als omwonenden van Tata Steel en Chemours zijn bezorgde Amsterdammers, die zich hebben verenigd in de actiegroep Adem Vrij aan het IJ, de overlast spuugzat.
Ook daarvoor heeft fabrieksmanager Wegman begrip. Hij werkte eerder voor de staalfabrikant in IJmuiden en zag daar van dichtbij hoe de acceptatie steeds verder afnam. ‘Vroeger waren mensen vooral trots op de industrie in hun omgeving. Ze werkten er vaak zelf’, zegt hij tijdens een rondleiding over het fabrieksterrein. ‘Nu zijn ze, terecht, een stuk kritischer.’
Op een hal prijkt het groene logo van de Israëlische multinational ICL Group, dat de onderneming in 1982 overnam van DSM. Tegenwoordig werken hier zo’n honderd medewerkers in ploegendiensten, zodat de productie 365 dagen per jaar door kan gaan. Dat betekent dat de veelbesproken rook 24 uur per dag uit de smalle schoorsteen walmt.
Al sinds de jaren zeventig wordt daarover geklaagd, maar nooit zo vaak als nu. Dat er veel eerder iets mee gedaan had moeten worden, erkent het bedrijf zelf ook. Door verhuisplannen werd er jarenlang alleen hoognodig onderhoud gepleegd. Sinds begin vorig jaar duidelijk werd dat die verhuizing door sterk gestegen kosten van de baan is, doet het bedrijf zijn uiterste best om orde op zaken te stellen. Er trad een andere directeur aan en ook Erik Wegman kwam toen bij het bedrijf.
Want nu de fabriek zeker tot 2040 op de huidige plek blijft staan, is er ICL veel aan gelegen om het contact met de buurt te herstellen. Verschillende bewonersbijeenkomsten volgden. En deze maandagavond is het tijd voor concrete oplossingen, die Wegman op het podium presenteert.
De indringende geur die regelmatig over de wijk trekt, zo legt hij uit, wordt veroorzaakt door de ontsluiting van fosfaaterts, de belangrijkste grondstof van kunstmest. Om de stank terug te dringen, komt er een nieuw luchtfilter in de schoorsteen. Maar, tempert de fabrieksdirecteur de verwachtingen: ‘Daarover zijn we nog in gesprek met leveranciers.’
Ook belooft ICL nieuwe sponzen, die de uitstoot van zoutzuur moeten verminderen. En in de gaswasser, de installatie die de lucht schoonmaakt, zal voortaan gebruik worden gemaakt van gezuiverd water, in plaats van water uit het IJ.
Op termijn moet de wasser helemaal worden vervangen. Maar ook hier geeft Wegman een winstwaarschuwing. ‘Dat kan pas als de nieuwe vergunning er is.’
Op de achterste rij kan Jos (liever geen achternaam) een zucht van ergernis over de klachten inmiddels niet meer onderdrukken. De gepensioneerde Tuindorper heeft geen last van de fabriek. ‘Soms ruik je het wel, maar het is al veel beter dan vroeger’, fluistert hij. ‘En ik kan het weten want ik heb er 49 jaar gewerkt.’
Na de presentatie is er ruimte voor vragen. ‘Wat is de impact van zoutzuur op onze gezondheid?’, wil een omwonende weten. Een ander vult aan: ‘In de tv-serie The Sopranos wordt het gebruikt om lijken in op te lossen. Dan begin je je toch wel zorgen te maken.’
Dat het bedrijf te veel zoutzuur uitstoot staat vast. Maar of en hoe schadelijk dat is, daarover lopen de meningen uiteen. Wat de zaak verder compliceert, is dat niet altijd duidelijk is welk bedrijf verantwoordelijk is voor welke emissie in het industriegebied. Fabrieksmanager Erik Wegman stelt dat ICL niet de enige in de omgeving is die chloriden, zoals zoutzuur, de lucht in laat gaan. ‘Die komen ook bij afvalverwerker AEB vandaan.’
Amsterdam is de vierde grootste haven van Europa en er is veel bedrijvigheid. Binnenkort start een onderzoek dat specifiek kijkt naar welk bedrijf verantwoordelijk is voor welke uitstoot. Dat is een langgekoesterde wens van bewoners, al is het de vraag hoeveel dat precies oplevert, omdat zoiets volgens deskundigen lastig te meten is.
Er is nog een andere reden waarom ICL onder vuur ligt. Wereldwijd bestaan er zorgen over de rol die het Israëlische bedrijf mogelijk zou spelen in de oorlog in Gaza. Recente beschuldigingen over handel in omstreden witte fosfor zijn reden voor een Zweeds pensioenfonds om de onderneming waarin zij fors investeren komend najaar onder de loep te nemen. Ook de gemeente Amsterdam heeft een onderzoek aangekondigd.
Het bericht heeft ook Tuindorp bereikt, waar een omwonende wil weten of de kunstmestkorrels die ICL in Amsterdam produceert gebruikt kunnen worden voor oorlogsvoering. ‘Absoluut niet’, antwoordt directeur Vincent Brugge. ‘Wat wij hier maken is daar niet geschikt voor.’
Brugge is als directeur verantwoordelijk voor de Europese tak van ICL. Wereldwijd werken er twaalfduizend mensen voor het voormalige Israëlische staatsbedrijf, dat actief is in meer dan dertig landen en jaarlijks zo’n 7 miljard dollar omzet. Het Europese hoofdkantoor — goed voor zo’n tweehonderd banen — vestigde zich in 2015 in Amsterdam, nadat toenmalig premier Mark Rutte zelf naar Tel Aviv was gereisd om de topman van ICL te overtuigen.
Kort na de bewonersavond komen de resultaten naar buiten van een meting die de Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied in januari uitvoerde. ICL had ze – net als de resultaten van een meting in oktober – het liefst geheim willen houden. Maar bewonersgroep Adem Vrij aan het IJ kreeg ze boven tafel door een beroep te doen op de Wet open overheid (Woo).
De cijfers liegen er niet om. De Omgevingsdienst, die namens de provincie de milieuregels handhaaft, spreekt in een toelichting van een ‘ernstige overschrijding’ van de zoutzuuruitstoot. ICL is het niet eens met de meetmethode van de Omgevingsdienst en twijfelt aan de resultaten. Directeur Vincent Brugge vergeleek de kwestie tijdens de bewonersbijeenkomst met de toeslagenaffaire. ‘Daar werden slachtoffers ook de dupe van falende overheidshandhaving’, zei hij. ‘Het blijft mensenwerk en mensen maken fouten.’
Dat de directie van ICL geen openheid van zaken wil geven, draagt niet bij aan het vertrouwen van omwonenden. De fabriek probeert nu bij de rechter de dwangsom van 125 duizend euro die de Omgevingsdienst voor de overtredingen heeft opgelegd van tafel te krijgen.
Bij de Omgevingsdienst waren ze met Tata Steel in hun regio wel wat gewend. Maar tegenwoordig komen er meer klachten binnen over ICL dan over de staalfabrikant in IJmuiden, zegt een woordvoerder. ‘Soms tientallen op een dag.’
Omdat de fabriek zou verhuizen, liet de toezichthouder ICL jarenlang met rust. Pas vorig jaar volgden de eerste sancties. Voor een te hoge hoeveelheid zoutzuur, maar ook vanwege achterstallig onderhoud. Iets waarover het personeel zich eveneens beklaagde.
Op dit moment is er een nieuwe, aangescherpte versie van de vergunning van ICL in de maak, de huidige is al meer dan twintig jaar oud. Met de kennis van nu erkent de Omgevingsdienst dat het beter was geweest om eerder handhavend op te treden. ‘Al is het achteraf altijd makkelijk praten.’
Adem Vrij aan het IJ eist dat de fabriek wordt stilgelegd tot de problemen zijn opgelost. De maat is vol voor de groep, die vorig jaar al een zwartboek samenstelde met ervaringen (tranende ogen en geïrriteerde luchtwegen) van tientallen bewoners, en ook al eens aan de fabriekspoort demonstreerde.
Voor een sluiting voelt ICL weinig. Wel beloofde de directeur tijdens de bewonersavond te bekijken of het terugschroeven van de productie wellicht zinvol kan zijn.
Ondertussen is de hoop gevestigd op een recente innovatie, die Wegman trots uit een doorzichtige pot schudt. Het zijn nieuwe kunstmestkorrels, die afkomstig zijn uit een pas geïnstalleerde productielijn. Daarin wordt niet langer traditioneel fosfaaterts gebruikt, maar as uit rioolwaterslib. ‘En daarbij komt een stuk minder geur vrij.’
De nieuwe korrels vormen echter nog slechts een fractie van de totale productie. En voor veel omwonenden is stankoverlast inmiddels allang niet meer het grootste probleem. ‘Want’, zo schetst een van hen tijdens de informatieavond. ‘Als het stinkt, weet je tenminste dat je de ramen moet sluiten. Maar zoutzuur ruik je helemaal niet.’
Luister hieronder naar onze podcast de Volkskrant Elke Dag. Kijk voor al onze podcasts op volkskrant.nl/podcasts.
Wilt u belangrijke informatie delen?
Mail naar tips@volkskrant.nl of kijk op onze tippagina.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant