Staalheffingen De Europese Commissie wil de staalsector nog verder afschermen. De ingreep is tekenend voor het kantelende debat: banen in de sector staan op het spel en de EU heeft eigen staal nodig om zijn defensie op te krikken.
Staalfabriek van Thyssenkrupp Steel Europe in het Duitse Duisburg, november 2024.
Met Trumpiaanse percentages en Trumpiaanse verklaringen werpt de Europese Unie een hoge muur op voor staal uit de rest van de wereld. De invoer van staal wordt onderworpen aan zware importheffingen en quota, als de Europese Commissie haar zin krijgt. Alleen zo zou de Europese staalindustrie kunnen opboksen tegen de moordende concurrentie, met name uit China.
„Dit is hoe de herindustrialisatie van Europa eruitziet”, schreef Stéphane Séjourné, de Eurocommissaris voor Industrie, dinsdagmiddag op X. „Ik zal geen excuses maken voor het opkomen voor onze staalindustrie”, zei hij even later tegen journalisten in Straatsburg.
„Als we dit niet hadden gedaan, hadden we binnen een paar jaar misschien geen eigen industrie meer over gehad om cruciale Europese sectoren te bedienen”, zei zijn collega Maros Sefcovic, Eurocommissaris voor Handel.
De staalindustrie heeft het moeilijk. Fabrieken draaien op halve kracht. Bezuinigingen en ontslagen hangen boven de markt. Daarom schermde de EU de staalsector de voorbije jaren af met behulp van een quotum. Onder een vastgesteld plafond kon staal vrij worden geïmporteerd, boven het plafond traden heffingen van 25 procent in werking.
Die tijdelijke maatregelen, ingevoerd in 2018, waren bedoeld als noodknop, nadat Donald Trump de Amerikaanse markt in zijn eerste presidentstermijn afschermde. Desondanks zijn sinds dat jaar dertigduizend banen in de staalindustrie gesneuveld, zei Sefcovic dinsdag.
Met de nieuwe beschermende maatregelen wordt de Europese staalsector nog verder afgeschermd, en permanent. De hoeveelheid staal die onder het plafond heffingsvrij mag worden ingevoerd wordt gehalveerd. Het tarief daarboven wordt verdubbeld naar 50 procent.
Oneerlijke concurrentie? Integendeel, zegt Séjourné. Europese staalbedrijven zijn op dit moment juist de dupe van een scheve wereldmarkt. EU-ambtenaren wijzen met de beschuldigende vinger naar fabrikanten elders, die vaak met behulp van overheidssubsidie grote hoeveelheden staal produceren en dat staal tegen dumpprijzen in de EU slijten.
De komende maanden zullen de 27 EU-landen en het Europees Parlement zich over het plan buigen. Veel landen zullen de plannen van de Commissie steunen, zo is de verwachting, al zijn er ook enkele lidstaten waar bedrijven juist profiteerden van goedkoop geïmporteerd staal.
De onrust in de staalsector is extra nijpend geworden sinds de Verenigde Staten tijdens het tweede presidentschap van Trump een nog hogere tariefmuur hebben neergezet. Ook daar gaat het om heffingen van 50 procent. Canada nam vergelijkbare maatregelen. Goedkoop staal van elders dat eerder in deze landen belandde, vindt daardoor nu nog sneller zijn weg naar Europa.
De Commissie erkent dat ook problemen op eigen bodem, zoals de hoge energieprijzen, meespelen bij de verslechterde concurrentiepositie van de staalindustrie. Al met al importeert de EU een groeiend aandeel van zijn staal, nu ongeveer een kwart van het totaal.
De ingreep is tekenend voor het kantelende Europese debat. Zolang klimaat het politieke gesprek domineerde, gold de staalsector als een lastig geval: een zeer vervuilende vorm van industrie, met weinig perspectief om op de korte termijn klimaatvriendelijk te worden. Groen staal is als toekomstdroom weliswaar duurzaam – maar op dit moment vooral duur. Zie de reddingsplannen voor Tata Steel, waarvoor het Nederlands kabinet 2 miljard euro bijlegt.
Inmiddels klinkt vrijwel iedere politicus bezorgd over de de staalindustrie. Als het niet is vanwege de banen die op het spel staan, dan wel vanwege nieuwe prioriteiten.
Als de EU zijn defensie wil opkrikken zonder volledig afhankelijk te zijn van andere delen van de wereld, kan het niet zonder staal van eigen bodem. Wie met een geopolitieke bril kijkt, ziet dat ook de klimaatplannen gebaat zijn bij een Europese staalindustrie. Windturbines, zonnepanelen, elektrische auto’s: allemaal hebben ze staal nodig.
De Europese Commissie zegt dat de nieuwe maatregelen niet indruisen tegen de afspraken binnen de Wereldhandelsorganisatie, omdat actie gerechtvaardigd is bij marktverstorende activiteit. Bovendien wil de EU laten zien dat het bereid is samen op te trekken met de VS tegen China.
Daar staat tegenover dat andere landen allesbehalve gelukkig zijn. In het Verenigd Koninkrijk, dat het merendeel van zijn staal exporteert naar de EU, zijn de zorgen over de maatregelen alvast immens. Volgens lobbyclub UK Steel dreigt voor de Britse staalindustrie „de grootste crisis in de geschiedenis”.
NIEUW: Geef dit artikel cadeauAls NRC-abonnee kun je elke maand 10 artikelen cadeau geven aan iemand zonder NRC-abonnement. De ontvanger kan het artikel direct lezen, zonder betaalmuur.
Economieredacteuren nemen je mee in de discussies die zij op de redactie voeren over actuele ontwikkelingen
Source: NRC