Home

Eerste soeverein voor de rechter: ik verdien een medaille voor mijn ‘noodplan’ voor Nederland

De inhoudelijke behandeling van de grote strafzaak tegen tien zogeheten soevereinen is dinsdag begonnen. De eerste verdachte had een noodplan dat ‘alleen als hulp’ was bedoeld. Maar waarom moesten er dan burgemeesters worden opgepakt?

is verslaggever van de Volkskrant. Hij schrijft over identiteit, polarisatie en extremisme.

Nadat verdachte Arjan B. de gehele zitting geen antwoord heeft gegeven op vragen van de rechtbank of de officier van justitie, zegt hij dan toch uiteindelijk: ‘Ik verdien een medaille.’

De overheid zou zijn plan moeten omarmen, vindt de verdachte. Hij ontwikkelde een noodplan om Nederland zelfredzaam te maken ten tijde van een natuurramp, cyberaanval of oorlog. Een netwerk van mensen met portofoons, verspreid over het land, zou dan de crisiscommunicatie op zich nemen. Allemaal bedoeld als hulp.

Maar, vragen de rechters herhaaldelijk, als het alleen maar hulp was, waarom wordt er dan in het noodplan gesproken van ‘noodzakelijke burgerarresten’, van een ‘quick response’-plan om burgemeesters op te pakken? Een kat-en-muisspel met autoriteiten? Hit-and-run-acties? Waarom moeten ‘eenheden van de overheid verlamd worden’? Waarom deelde hij de tip ‘leer molotovcocktails’ maken? Arjan B., een 60-jarige Limburger, zwijgt.

Gijzelen van functionarissen

Dinsdag is de inhoudelijke behandeling van een megastrafzaak begonnen tegen een groep van tien verdachten die als soevereinen worden omschreven. Dat zijn mensen die het gezag van de overheid niet erkennen en in sommige gevallen daartegen in het verweer willen komen.

Een deel van de verdachten opereerde onder de naam Common Law Nederland Earth (CLNE), en later als Volksraad. Dit netwerk zou volgens justitie een militie hebben gevormd en van plan zijn geweest overheden omver te werpen, desnoods met geweld. Er zijn vuurwapens bij enkele verdachten gevonden. Justitie ziet in CLNE een terreurorganisatie.

De verdachten wordt onder meer tenlastegelegd dat zij een terroristisch misdrijf, zoals het gijzelen van overheidsfunctionarissen, aan het voorbereiden waren. De zittingen vinden gedurende de hele maand oktober plaats. De eerste gaat dinsdag alleen over Arjan B.

Legale versie van het noodplan

B. zou volgens justitie twee versies van zijn plan voorhanden hebben, een ‘onderwater- en een bovenwaterplan’. Het laatste zou een legale versie van het plan zijn, geschikt voor een breder publiek, waarmee hij ook de media heeft gezocht.

Dat dit een bewuste strategie was, blijkt uit onderschepte berichten. ‘Ik heb een zogenaamd legale versie van het noodplan gemaakt’, stuurt B. aan een kennis. ‘Doe maar even niets publiceren, want we hebben een nieuwe tactiek: hulp bieden. Dit doen we om uit the picture te blijven.’

B. werkte vroeger bij Defensie en is nu zelfstandig ondernemer. Hij zegt geen soeverein te zijn en niets te weten van ‘Common Law’, het gewoonterecht waar soevereinen zich op beroepen. Toch houdt de rechtbank in Rotterdam hem vele feiten voor waaruit blijkt dat hij veel contact had met Common Law Nederland Earth en meermaals voor de groep presentaties hield.

Ook blijkt uit een tapgesprek met een andere verdachte dat B. wel degelijk delen van het soevereine gedachtegoed aanhangt. Zo zei hij dat een paspoort ‘natuurlijk niet geldig’ is. Ook meent hij dat de overheid een plan heeft om contant geld geheel te laten verdwijnen.

‘Ik voel aan alle vezels dat er wat op stapel staat en dat de hele kutzooi maar in elkaar mag vallen’, zei hij in een getapt gesprek. ‘Vanuit daar kun je richting gaan bepalen en gaan bouwen. Mijn onlangs geboren kleindochter zal in vrijheid opgroeien.’

Wat hij hiermee bedoelde, wil hij niet zeggen. ‘Groeit uw kleindochter dan nu niet in vrijheid op?’ Geen antwoord.

Naïef geweest

De rechtbank is zeer teleurgesteld in de keuze van B. om te zwijgen. ‘U bent oud-militair, heeft nagedacht over weerbaarheid van de samenleving.’ Hij heeft op vele lezingen, presentaties, in Telegramgroepen én in de media over het plan verteld, maar nu hij wordt geconfronteerd met onwelgevallige feiten, zegt hij niets. ‘Dit schreeuwt om een reactie’, zegt een van de rechters.

Als B. bij de persoonlijke omstandigheden toch even het woord neemt, zegt hij dat de ‘journalistiek’ hem al ‘levenslang’ heeft gegeven. Het is allemaal ‘framing’, zegt hij.

Maar, probeert de rechter nog eens, hoe kijkt hij terug op zijn eigen handelen? ‘Bij de reclassering zei u: ‘Ik ben naïef geweest en heb me laten meeslepen.’ Hoe dan?’

‘Ik heb me laten meeslepen door de open discussie. Daardoor zijn er onderwerpen in het noodplan gekomen die ik er liever niet in had gehad.’ Tot de rechter: ‘Misschien geeft dit wat duidelijkheid.’

De rechter: ‘Helaas niet.’

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next