Home

Treuzelende kinderen krijgen een koekje van eigen deeg in hoogst frustrerend ‘Ook slakken hebben wel eens haast’

Jeugdtheater Kun je jonge kinderen de frustratie laten ervaren die ouders soms voelen als hun spruit treuzelt terwijl dat net slecht uitkomt? Theater Artemis krijgt dat voor elkaar in ‘Ook slakken hebben wel eens haast’.

Het driekoppige ‘team van Theater Artemis’ moet ‘nog even’ een ladder weg tillen. Maar er komt steeds iets tussen, in ‘Ook slakken hebben wel eens haast’ van Theater Artemis.

Iedereen die ooit jonge kinderen heeft opgevoed, weet hoe het voelt: er moet even vlug iets opgelost worden (een luier verschoond, tandjes gepoetst, een boterham gegeten, ergens heen gewandeld), zodat de dag weer kan worden voortgezet, maar het kind in kwestie is niet vooruit te branden. Uitgerekend nu moet er een bloemetje worden aangewezen, een knuffel geaaid, er moet dringend stilgestaan of de andere kant op gerend worden. De frustratie die zich opbouwt bij het ondergaan van dit getreuzel, en de zelfbeheersing die het vergt om desondanks rustig te blijven – die laat regisseur Jetse Batelaan zijn jonge bezoekers (6+) in Ook slakken hebben wel eens haast intens ervaren. Een koekje van eigen deeg, zeg maar.

Recensie Theater 


Ook slakken hebben wel eens haast. (6+) door Theater Artemis. Regie: Jetse Batelaan. Spel: Marjan De Schutter, Erwin Dörr, Willemijn Zevenhuijzen. Gezien: 5/10 in De Verkadefabriek, Den Bosch. Te zien t/m 3/1. Info: artemis.nl

Er bestaat geen kind dat niet in dit door scenografenduo Marloes en Wikke ontworpen speelparadijs naar binnen wil. De met knipperende lampjes omheinde, felgekleurde indoor speeltuin die het decor vormt, vol glijbanen, bouwblokken, auto’s en klimmuren, is een lust voor elk kinderoog. Ze staan op het punt om open te gaan, roept muzikant Jeroen Stevens opgewekt om, terwijl hij bovenin de klimtoren in een haaienpak een achtergronddeuntje speelt op zijn keyboard. Er moet alleen nog even een ladder weggehaald worden, dan kunnen de kinderen naar binnen.

Ladder wegtillen

Aan het driekoppige ‘team van Theater Artemis’ (acteurs Marjan De Schutter, Erwin Dörr en Willemijn Zevenhuijzen, die elkaar aanspreken met hun eigen voornaam) aldus die taak: nog even met twee man die ladder weg tillen. Daar is op zichzelf niets ingewikkelds aan. En toch staat-ie er tien minuten later nog steeds.

Er komt vooral steeds iets tussen. Een schuimblok moet verplaatst, een muurtje verschoven, een deur die nog even open moet. Waar zijn nou die werkhandschoenen? Ze timen het subliem, de drie acteurs, deze tergend lange, clowneske sequentie van vruchteloze pogingen om die rotladder te verwijderen. Het is genieten, maar frustrerend is het natuurlijk ook, zeker voor het jonge publiek. Ook Stevens’ deuntje begint op de zenuwen te werken.

Binnen dat eenvoudige raamwerk – speelpark moet open, maar ladder moet weg – neemt Batelaan gaandeweg ook ruimte voor abstractere vertalingen van vertraging en ongeduld. Beelden die uit dromen lijken te komen: snel ergens heen willen, maar benen die opeens alleen nog maar in slowmotion functioneren. Handen die geen grip krijgen.

Verongelijkte kinderen

Zoals het boeiend theater betaamt, nodigt Ook slakken hebben wel eens haast uit tot uiteenlopende interpretaties. Zo beschrijft collega Marijn Lems de voorstelling op Theaterkrant.nl als metafoor voor ‘een regering die uitblinkt in beloftes, [...] maar uiteindelijk nul komma nul presteert’. Vincent Kouters (de Volkskrant) leest er ‘de frustrerende machteloosheid die een burn-out veroorzaakt’ in. De contrasterende snelheden waarmee mensen zich voortbewegen – het is een universeel thema dat volop resoneert.

Zo kan het ook als exploratie van de uitwisseling tussen kinderen en hun ouders gezien worden; de verongelijkte lethargie die kinderen kan overvallen als iets niet meteen lukt, de ongefundeerde emotionele uitbarsting, die toch echt even voorrang heeft, het aftellen, dat ouders met de moed der wanhoop inzetten om een kind in beweging te brengen.

Terwijl het steeds onwaarschijnlijker lijkt dat die ladder nog verplaatst gaat worden, werkt de voorstelling toe naar een vreugdevolle viering van algehele doelloosheid. Daar zien we ze opgaan in hun spel, de drie leden van dit sympathieke ‘dream team’, begeesterd, met een skippybal. Je frustratie ebt weg. Want kijk ze nou. Was die drang om ze tot actie te manen nou nodig? Moet alles zo doelmatig? Of kunnen we wellicht ook iets leren van onze treuzelende peuter; van hoe die zich ‘in het moment’ begeeft, alle ladders ten spijt?

NIEUW: Geef dit artikel cadeauAls NRC-abonnee kun je elke maand 10 artikelen cadeau geven aan iemand zonder NRC-abonnement. De ontvanger kan het artikel direct lezen, zonder betaalmuur.

Source: NRC

Previous

Next