Home

De suite was in de barok dé playlist voor dansfeestjes

Suite Muziek kent tal van genres en subculturen: NRC’s muziekprofessor biedt essentiële muziekkennis. Deze week: de barokke suite. Wat moet je luisteren en wie moet je kennen?

Sommige muziekstukken zijn nu zo beroemd dat je je nauwelijks kunt voorstellen dat het ooit anders is geweest. Neem de zes Cellosuites van Bach . Twee eeuwen lang lagen ze in de luwte. Zelfs toen negentiende-eeuwse klankarcheologen het muzikale verleden omspitten en Bach aan zijn opmars begon richting zijn huidige status als de GOAT – de Greatest Of All Time –, bleef zijn muziek voor solocello weggezet worden als droge kost: prima voor studie, maar geen knaller voor op het concertpodium.

Maar soms heb je slechts één bezielde pleitbezorger nodig om muziek uit de schaduw te trekken. Voor Bachs Cellosuites was dat Pablo Casals. Deze Spaanse cellist duikelde als dertienjarig joch in 1889 een editie op in een tweedehandszaakje in Barcelona. Nadat hij ze in de jaren 30 opnam – tegenwoordig een rite de passage voor cellisten – werd Bach hét uithangbord van een instrumentaal genre dat de barok in al zijn beweeglijkheid etaleert: de suite.

Voor cellist Anastasia Kobekina weerspiegelen de Bach-suites elk denkbaar gevoel

Wat is een suite?

De suite (van het Franse suivre, ‘volgen’) was lange tijd de playlist van barokke dansfeestjes aan het hof: een reeks van dansen, elk met hun eigen karakter en (ingewikkelde) choreografie van passen, handbewegingen en geometrische patronen op de vloer. Gaandeweg verschoof de suite van de balzaal naar de salon. Het genre werd intieme luistermuziek vol fijnzinnige subtiliteiten, waar de voeten niet meer aan te pas hoefden te komen. Er ontstond ook een standaardrecept voor de suite: vier dansen (allemande, courante, sarabande en gigue), voorafgegaan door een prelude, een opwarmertje om in de mood te komen. Vooral het klavecimbel werd een dankbaar instrument voor suites, maar ook voor andere solo-instrumenten zoals fluit en viool werden ze geschreven.

Hoe klinkt het?

Zelfs als suites niet bedoeld zijn om op te dansen, is de dans als klankherinnering aanwezig in de puls van de muziek. De allemande klinkt ingetogen en elegant, met vloeiende lijnen. De courante – de lievelingsdans van de Zonnekoning – beweegt in een plechtige driekwartsmaat. De sarabande ontvouwt zich traag en schept ademruimte voor melodieën vol versieringen. En dan de gigue: met zijn snelle, springerige ritme een wervelende afsluiter. Naast deze vaste ingrediënten serveerden componisten in hun suites geregeld extra dansen, bijvoorbeeld een rustieke gavotte, vlotte bourrée, of een meer zangerige air.

Wie moet je kennen?

Johann Jacob Froberger (1616-1667) was een van de eerste componisten die dansen bundelde tot suite. Hij maakte er dertig voor klavecimbel. Daarin smolt hij het robuuste lijnenspel waar de Duitsers in uitblonken en de expressieve flair van de Italianen samen met de elegantie van de Franse dansen – de sporen van zijn vele tournees als virtuoos. Onmisbaar in dit verhaal is dus ook Johann Sebastian Bach (1685-1750). Met zijn suites voor cello, viool en klavecimbel smeedde hij de juwelen aan de kroon van het genre. De meesterluitist Sylvius Leopold Weiss (1687-1750) en zijn Franse tegenpool en Zonnekoninglieveling Robert de Visée (1652-1730) schreven suite na suite voor de luit: prettig getokkel waar je prima regenachtige herfstavondjes mee kunt doorkomen. In Frankrijk waan je je sowieso als een kind in een snoepwinkel. Jean-Philippe Rameau (1683-1764) en François Couperin (1668-1733) waren allebei barokke zwaargewichten, die met hun klavecimbelsuites het genre tot ongekende verfijning brachten.

Later in de negentiende eeuw staken sommige componisten hun muziek wel eens in een historisch jasje. Zo destilleerde Ottorino Respighi (1879-1936) uit stoffige Italiaanse archieven zijn Antiche arie e danze. Edvard Grieg (1843-1907) gaf met zijn sprankelende Holberg Suite net zo’n nostalgische knipoog naar het verleden.

NIEUW: Geef dit artikel cadeauAls NRC-abonnee kun je elke maand 10 artikelen cadeau geven aan iemand zonder NRC-abonnement. De ontvanger kan het artikel direct lezen, zonder betaalmuur.

Schrijf je in voor de nieuwsbrief NRC Cultuurgids

Elke donderdag de mooiste verhalen over kunst en cultuur: interviews, recensies en achtergronden

Source: NRC

Previous

Next