Klimaat Acht Bonairianen hebben samen met Greenpeace Nederland de staat aangeklaagd. Hun eis: Nederland moet de uitstoot sneller terugdringen én het eiland beschermen tegen de gevolgen van klimaatverandering. Want ze vrezen voor een toekomst met zout grondwater, mislukte oogsten en wegvallend toerisme.
Tijdens een bezoek van destijds minister-president Dick Schoof aan de slavenhuisjes, wordt geprotesteerd door Bonairianen en Greenpeace. Direct naast Schoof staat Jackie Bernabela. Links daarvan Onnie Emerenciana.
Het doet pijn om naar de hagelwitte slavenhuisjes aan de zuidkust van Bonaire te kijken: zo fel reflecteren ze de zon. In 2021 werden deze overblijfselen van de koloniale tijd opnieuw geschilderd. Ze werden in 1850 gebouwd – dertien jaar voor de afschaffing van de slavernij – en dienden als propaganda, om te laten zien dat Nederland tot slaaf gemaakten goed behandelde.
Toeristen stappen nu uit hun auto’s om foto’s te maken. De zee klotst tegen de met cement verstevigde kustwering. „Deze huisjes zijn héél belangrijk voor ons – héél.” Onnie Emerenciana (62) spreekt de woorden langzaam uit. Hij wil duidelijk maken dat het misschien moeilijk te begrijpen is voor buitenstaanders, maar dat de culturele waarde van deze hutjes, als symbolen van het slavernijverleden, voor nazaten van tot slaaf gemaakten „en eigenlijk alle inwoners van Bonaire”, niet moet worden onderschat. „En toch”, zegt Emerenciana, wijzend naar de huisjes en daar voorbij, naar de zuidpunt van het eiland, „gaat dit allemaal verdwijnen onder water.”
Want ja, de zee zal komen. Overstromingsmodellen, gemaakt door wetenschappers van de Vrije Universiteit Amsterdam (VU) die onderzoek deden naar de gevolgen van klimaatverandering voor Bonaire, laten zien dat de zeespiegelstijging al tegen 2050 kan leiden tot permanente overstromingen van laaggelegen delen – als maatregelen uitblijven. Dat geldt onder meer voor de zuidkant van het eiland, met de zoutmeren en waar ook de slavenhutjes staan.
Bonaire werd vanaf de zeventiende eeuw door Nederland gebruikt als strafkolonie en later voor zoutwinning. Het maakte het Caribische eiland, dat door de Spanjaarden nog inutil, nutteloos, was genoemd, voor Nederland lucratief. Met het zout was voedsel te conserveren, wat cruciaal was voor de internationale scheepvaart en slavenhandel: schepen konden hierdoor langer op zee blijven.
Door de slaven die op Bonaire dwangarbeid verrichten, werd het eiland de ‘witte hel’ genoemd. In de zoutpannen moesten ze loodzwaar werk doen. Die beddingen komen als eerste onder water te staan.
Overstroming is niet de enige dreiging. Wetenschappers voorspellen extremer weer, met hevigere tropische stormen en meer hittegolven op Bonaire. En klimaatverandering maakt de oceanen warmer. Dat warme zeewater heeft desastreuze effecten op het koraal, waarmee het eiland omgeven is. Het doet dienst als natuurlijke kustbescherming, die nu in rap tempo afbreekt. „Ik vis voor mijn plezier”, zegt Angelo Vrolijk (42), „maar met het koraal verdwijnen ook veel vissen. Iedere keer zie ik er minder”.
Onnie Emerenciana, Angelo Vrolijk en zes andere Bonairianen (zie inzet) begonnen op initiatief van – en samen met – Greenpeace Nederland een rechtszaak tegen de Nederlandse staat. Ze eisen klimaatbeleid voor het eiland (sinds 2010 een bijzondere gemeente van Nederland) en concrete bescherming tegen de gevolgen van klimaatverandering. Ook eisen ze dat Nederland de broeikasgasuitstoot sneller terugdringt, om zo bij te dragen aan het tegengaan van de opwarming van de aarde.
„We zeggen niet tegen Nederland: kom hierheen en voer klimaatbeleid”, zegt Meralney Bomba (33), die op Bonaire voor Greenpeace werkt. „We eisen dat Nederland sámen met mensen van hier met plannen komt om het eiland te beschermen. Bonairianen weten heel goed wat nodig is. We zitten niet te wachten op de Nederlandse staat die zonder ons hier maatregelen komt invoeren.”
Greenpeace Nederland begon de zaak in 2022, naar aanleiding van een IPCC-rapport , waarin de Caribische eilanden kwetsbaar voor klimaatverandering worden genoemd. En naar aanleiding van de Urgenda-uitspraak in 2019, waarin de rechter bepaalde dat Nederland minder moest uitstoten. Vervolgens gaf de milieuorganisatie opdracht aan de VU om de gevolgen voor specifiek Bonaire te onderzoeken. Met dat rapport in de hand stapten Greenpeace Nederland en de bewoners naar de rechter. In het najaar van 2024 werd Greenpeace door de Nederlandse rechtbank ontvankelijk verklaard.
Helen Angela bij het water van Lagun: „Straks verdwijnen ook onze stranden.”
Dinsdag 7 en woensdag 8 oktober wordt de zaak inhoudelijk behandeld in de rechtbank in Den Haag. De eerste dag zal gaan over de verplichting van Nederland om klimaatverandering te stoppen (mitigatie); de tweede dag over wat het moet doen om de eilandbewoners te beschermen tegen de gevolgen van klimaatverandering (adaptatie). De eisers zullen de zaak fysiek bijwonen.
„We zijn niet naïef”, zegt Jackie Bernabela („zestig plus”), „ook als we dit winnen, gaat dat het klimaatprobleem niet oplossen. Maar we moeten ergens beginnen. En voor ons Bonairianen is het logisch om ons dan tot Nederland te wenden.” Die houding delen alle eisers die NRC op Bonaire sprak. „Nederland moet ons serieus nemen”, zegt Helen Angela (53). Ze bezocht Nederland nooit, toch voelt ze verbondenheid. „Ik heb er familie wonen”, zegt ze. „En Nederland beslist over ons.”
Angela kijkt uit over het water bij Lagun, een inham aan de oostkust van Bonaire. Het water ligt vol sargassum, een deinende, bruingroene massa algen, die met de tijd steeds indringender ruikt naar rotte eieren. De toename in de hoeveelheid wier, afkomstig van de Atlantische Oceaan, waar alle Caribische eilanden hinder van ondervinden, wordt ook in verband gebracht met klimaatverandering. „Vroeger zwom ik hier”, zegt Angela. Ze haalt haar neus op. „Kijk en ruik: daar moet je nu toch niet aan denken?”
Meralney Bomba is blij dat de rechtszaak Bonairianen bewuster heeft gemaakt van de kwetsbaarheid van hun eiland. „Dat is belangrijk”, zegt Bomba, die niet alleen namens Greenpeace, maar ook namens haarzelf spreekt. „Wij, bewoners van Bonaire, moeten dit gaan zien als óns probleem. Dat niet ver weg is, maar dichtbij. Tegelijk maakt het me ook angstig. Als je iets ziet, kun je het niet meer niet zien. Mensen die ziek worden van de hitte, kinderen die minder buitenspelen.” Ze knippert even. „We moeten Bonaire beschermen. Dat moet.”
Het water bij Lagun ligt vol met een deinende, bruingroene massa algen, die indringend ruikt naar rotte eieren.
„Je ziet het aan de stranden. Er is minder land. Bij Lac Bay, een baai in het zuidoosten van het eiland, was één weg, maar die is bijna verzwolgen. Straks verdwijnen ook onze stranden. Bonaire is een eiland van toerisme, mensen komen om te duiken, om te zwemmen. Als dat allemaal verdwijnt doordat de zeespiegel steeds meer stijgt, hebben we straks niets meer over.
„Ik ben een trotse Bonairiaan. Ik hou van mijn geschiedenis. Ook die van mij overgrootouders, die de slavernij meemaakten. Als ik over de slavenhutjes denk, word ik emotioneel. Voor mij is het niet alleen belangrijk dat mijn kinderen en kleinkinderen daarover horen, maar ook dat ze die kunnen zien. Ze groeien al anders op: het is warmer dan vroeger, ze spelen minder buiten. En ik heb vaak heftige hoofdpijn als ik buiten ben geweest. Vroeger verbrandde ik nooit door de zon, nu wel.”
„Vroeger was het minder heet. We hadden geen airco, nu kan je niet zonder. Maar airco’s kosten money – ka-ching, ka-ching – en zonne-energie hebben we niet, wat gek is, want het is een heel zonnig eiland. Tussen 12.00 uur en 14.00 uur blijf ik binnen, vroeger ging ik altijd naar buiten, nu is het te heet.
„Ik werd aangesproken door Greenpeace en toen ben ik over klimaatverandering gaan lezen. Bonaire is op drift – letterlijk en figuurlijk – en alles gaat kapot. Zo ook het koraal, het gouden ei van het toerisme. En als het water met storm binnenloopt in het zuiden, raakt dat de flamingo’s en hun nesten. Door het zoute water gaat hun leefomgeving stuk.
„Bonaire is een piepklein stipje op de wereldkaart. We kunnen bijvoorbeeld wel koralen herstellen, maar dat heeft geen effect als andere landen, zoals Nederland, hun uitstoot niet stoppen. Dan nog is het probleem natuurlijk niet opgelost, maar iemand moet beginnen. De tijd dringt.”
„Op Aruba ben ik geboren, in 2010 kwam ik naar Bonaire. Sindsdien heb ik het klimaat zien veranderen. Als ik vis, zie ik minder vissen dan vroeger. Niet alleen verdwijnt het koraal waarin ze wonen, maar de zee wordt ook warmer.
„Ik werk in de Justitiële Inrichting Caribisch Nederland. We wonen in tropisch gebied, het was altijd warm, natuurlijk, maar het is nu echt heter. Dat beïnvloedt het uithoudingsvermogen: als gevangenisbewaarder moet je vaak heen en weer lopen met gedetineerden. De hitte heeft ook mentale gevolgen: ze zorgt voor stress, hoofdpijn, benauwdheid, kortademigheid. Na acht uur werken in de hitte heb ik vaak weinig energie over.
„Op kantoor hebben wij airco, gedetineerden niet. De gevangenis is wel gebouwd met een goede luchtcirculatie. Bonaire is Nederland, dus de cellen moeten voldoen aan dezelfde voorwaarden, maar je kunt je voorstellen hoe warm het wordt.”
„Het weer is in de war. Nu is het zomervakantie, de droge periode, maar het regent. Vroeger waren de seizoenen voorspelbaar, maar nu is het weer onregelmatig en onbetrouwbaar. Het huis van mijn oom is laatst voor het eerst overstroomd na een regenbui, het huis van mijn tante ook. We moeten ons erop gaan voorbereiden dat dit vaker gaat gebeuren.
„Bonaire is een plat eiland, veranderingen merken we snel. Kijk naar de zeespiegel. Die gaat stijgen, voorspellen wetenschappers, maar wij zien dat nu al. De plek waar de slavenhuisjes staan, moet al beschermd worden tegen het water. Dat is iets van de laatste tijd.
„Ik ben de jongste eiser in deze klimaatzaak, ik wil mijn stem laten horen, voor alle jonge mensen op het eiland. Ik hoop dat Nederland een helpende hand komt bieden. We hebben echt hulp nodig.”
„Vroeger kon ik normaal verbouwen op het eiland. Maar door klimaatverandering is het heter geworden. De grond wordt zelfs zó heet: planten met hun wortels dicht bij de oppervlakte hebben nauwelijks meer vruchten of gaan dood. Daardoor moet ik meer geld uitgeven – aan kassen, overkappingen, irrigatiesystemen. Het raakt mijn inkomsten direct, voor mij is het heel moeilijk geworden om hiervan te leven.
„De warmte heeft ook effect op de dieren. In de wijde omgeving heb je geen waterbronnen. Dus laat ik mijn watertanks open, zodat de bijen, leguanen, hagedissen en vogels kunnen drinken. Ook de spullen die ik nodig heb om mijn gewassen te beschermen, lijden onder de hitte. De plastic netten die ik voor de kassen gebruik, smelten door de zon. Soms verbrokkelen ze al na een jaar.
„Doordat de zeespiegel stijgt, wordt het grondwater zouter. Dat raakt natuurlijk aan al het leven op Bonaire en ook aan de grond waarop we verbouwen. Nederland moet helpen. Iedere Nederlandse gemeente heeft een klimaatplan, voor Bonaire is er niets.”
NIEUW: Geef dit artikel cadeauAls NRC-abonnee kun je elke maand 10 artikelen cadeau geven aan iemand zonder NRC-abonnement. De ontvanger kan het artikel direct lezen, zonder betaalmuur.
Source: NRC