Ruud Zanders (52) zette de misschien wel groenste kippenboerderij ter wereld op – Kipster – maar stopte op dat moment niet met tobben over het voedselsysteem. In de documentaire De vegan veehouder vraagt hij zich af: is het niet beter als ik er gewoon helemaal mee stop?
is economieredacteur. Ze schrijft over de retail en consumentenzaken.
Het gaat Ruud Zanders voor de wind. De Limburger heeft drie kippenboerderijen in Nederland, levert eieren en vlees aan Lidl en opende onlangs vier boerderijen in de Verenigde Staten. Ook vanuit China bestaat interesse in zijn methode, vertelt hij op zijn kantoor boven zijn stal in Venray, waar twintigduizend kippen rondscharrelen. Goed nieuws, vindt hij, want ‘in Azië zitten kippen nog in van die traditionele kooien, die we hier in de jaren tachtig hadden’.
En toch knaagt er iets. Die twijfel kwam tot wasdom in 2018, toen hij een workshop volgde over emoties, intelligentie en het gevoelsleven van dieren.
Wat leerde u?
‘Ik leerde dat een kuiken in het ei al communiceert met haar moeder. Ook heb ik geleerd dat kippen vriendschappen sluiten, in de vrije natuur in groepjes tot maximaal honderd kippen bij elkaar leven en dat een kip in staat is om bij toekomstige beslissingen ervaringen uit het verleden mee te nemen. Als je dat allemaal weet, dan denk je: ja verdorie.’
Ja verdorie?
‘Ik ben me wild geschrokken. Eerder dacht ik: we doen het echt goed. We geven de kippen volop daglicht en buitenruimte. Maar nu ik dit allemaal weet, maakt dat het werk eigenlijk best heel ingewikkeld.
‘Want onze kippen zien nooit hun moeder. En ze zien ook nog steeds nooit hun broertjes. Daarbij moeten ze dood wanneer ik vind dat ze dood moeten. Wat is daar diervriendelijk aan?’
Afgelopen jaren volgde fotograaf en filmmaker Kadir van Lohuizen de kippenboer, terwijl die in gesprek ging met zeer kritische wetenschappers en activisten over Kipster, het nut van vee in ons mondiale voedingssysteem en greenwashing. Zanders komt flink onder vuur te liggen. Hoe kan iemand die zelf geen dieren meer eet wel meewerken aan het houden en vermoorden van dieren?
Ruud Zanders is een derdegeneratiepluimveehouder in Venray. Zijn grootouders boerden kleinschalig, ‘je zou het circulair kunnen noemen.’
Na de Tweede Wereldoorlog nam de vraag naar voedsel toe en gingen de boeren in deze regio, op de arme zandgronden in Noord-Limburg, steeds insiever vee houden. ‘Mijn ouders ook. En toen ik in Wageningen studeerde, is dat ook wat ik leerde: telkens grootschaliger.’
Maar tien jaar nadat Zanders met zijn broer het bedrijf van zijn ouders had overgenomen – met meer dan tien miljoen kippen en kuikens in Nederland, Frankrijk, Turkije Polen en Duitsland – ging het failliet. Ze waren te hard gegroeid, zegt hij. Eigenlijk had hij al langer twijfels. ‘Maar je bent ook verantwoordelijk voor een omzet van 45 miljoen en 125 mensen, dus je gaat gewoon maar door.’
Het faillissement bood hem de mogelijkheid het anders aan te pakken. In 2017 opende hij Kipster. De kippen krijgen alleen reststromen uit de landbouw en levensmiddelenindustrie te eten, zoals onverkocht brood, en wonen in langgerekte glazen kassen met speeltoestellen en een uitloop naar buiten. De haantjes worden niet meteen geslacht, zoals gebruikelijk is, maar mogen veertien weken leven. De hennen worden na twee jaar geslacht. Veel beter dan hier kunnen kippen in gevangenschap het niet krijgen, oordeelden dierenorganisaties.
En toch bleef u twijfelen?
‘Dieren hebben op dit moment een grote rol in het voeden van de wereld. Als je dat circulair maakt, zoals wij proberen, maak je het systeem duurzamer. Maar sinds die workshop vraag ik me af hoe we mensen minder dierlijke producten kunnen laten eten. En ik stelde de vraag: kan er een voedselsysteem bestaan waarbij je überhaupt geen dieren nodig hebt?’
In de documentaire De vegan veehouder komt Zanders oog in oog te staan met grote critici. ‘Ik vind jou een sympathiek persoon, maar je doet de verkeerde dingen’, zegt een Vlaamse kippenopvanghoudster, die legkippen een normaal leven wil bezorgen, bijvoorbeeld. De Britse milieuactivist en schrijver George Monbiot vergelijkt Kipster met de uitvinding van de guillotine. Het lijkt een goede methode, omdat het efficiënter, sneller en minder pijnlijk is, ‘maar je hakt nog steeds koppen af’.
Was het lastig voor u om dit te horen?
‘Ik kan me er eigenlijk wel in vinden.’
Monbiot noemt Kipster een vorm van greenwashing van de industrie. Door samen te werken met een Amerikaans bedrijf dat vooral legbatterijen runt, geven jullie het een groen stempel.
‘Ook daarbij denk ik dat hij wel een punt heeft. Tegelijkertijd is het ook complexer dan dat. Want Monbiot zei inderdaad dat het beter voor het milieu zou zijn als ik zou stoppen. Maar hij zei ook – maar dat heeft de documentaire niet gehaald – dat hij wilde dat er meer veehouders waren zoals ik.’
Een veelgehoord argument vanuit de landbouwsector is dat we vlees nodig hebben omdat we zonder vitaminen en aminozuren tekortkomen.
‘Dat dacht ik ook. Alleen bleek uit gesprekken met Shireen Kassam (hematoloog aan King’s College London, red.) dat je de meeste aminozuren en vitaminen ook uit een plantaardig voedselpatroon kunt halen. Het enige waarbij dat niet kan, is bij B12, dat wij meestal via vlees, melk of eieren binnenkrijgen. Maar ook dat komt vaak indirect van supplementen die eerst aan dieren zijn gegeven. En dan denk ik: dan kunnen we net zo goed zelf een tablet nemen.’
Een ander argument dat je veel hoort is dat we dieren nodig hebben voor hun mest.
‘Ook dat blijkt anders te liggen, en dat was wel de grootste gewaarwording voor me. Imke de Boer (hoogleraar dieren en duurzame voedselsystemen in Wageningen, red.) leerde me dat dieren de nutriënten zoals kalium, fosfor en stikstof niet maken, maar ze enkel verplaatsen. Ze eten ze hier en poepen ze daar uit. Hier heb je niet per se dieren voor nodig. Je kunt het ook anders doen. Bijvoorbeeld met humane mest.’
U bent langs geweest bij boeren in Ghana die mestkorrels van mensenpoep gebruiken.
Lacht. ‘Als je me in 2022 had gezegd dat het kon, had ik je niet geloofd. Natuurlijk gaat het niet zo efficiënt als hier, maar ze bewezen wel het principe: ook hiervoor hebben we vee niet nodig.’
In de documentaire concludeert u dat commercieel veehouden niet diervriendelijk kan. En toch heeft u Kipster niet opgedoekt. Waarom niet?
‘Omdat het een zeer complex vraagstuk is. Zelfs de wetenschappers die tegen me zeiden dat ik moest stoppen, hadden eigenlijk niet het antwoord op de vraag of Kipster de weg vooruit is. Neem de wetenschapper in Ghana die zei dat humane mest de toekomst is. Toen ik haar vroeg: maar kunnen we dan zonder kippen, zei ze: nee want er is te veel vraag.
‘Dat overtuigt mij ervan dat ik op dit moment de meeste impact maak door mijn verhaal te vertellen. Ik ben best activistisch, denk ik, en ik denk dat het belangrijk is dat dit verhaal ook van veehouders komt.’
Doet u niet wat u eerder ook deed: tegen uw geweten in gewoon maar doorgaan?
‘Ja, misschien wel. (even stil). Nee. Ik denk dat ik heb geleerd om bij alles wat we doen meteen veel vraagtekens te zetten. En dan kom ik er dus op uit dat mijn rol nu is om te praten. Door samen te werken met maatschappelijke organisaties om uit te dragen dat er ook boeren zijn die zeggen dat het op een andere manier moet. Internationaal laten zien dat het wel kan.
‘En door te gaan. We zijn bezig met het ontwikkelen van een vegan roerei en we zoeken naar methoden om de dieren in hun dagelijks leven meer intellectueel uit te dagen. Kippen blijken graag te willen samenwerken, dus we gaan bijvoorbeeld kijken of we iets kunnen maken dat een kip ergens aan een touwtje trekt en dat er dan voer voor de ander uitvalt.
‘Maar voor mij geldt dat Kipster geen succes is als er over vijf of tien jaar honderd Kipsters in de wereld staan en iedereen vrolijk dooreet. Het is pas een succes als het totaal aan dierlijke producten afneemt.’
U eet plantaardig en noemt uzelf een activist. Hoe valt dat in uw gemeente, waar veel intensieve veehouders wonen?
‘Wisselend. Er zijn boeren die zeggen: je hebt zeker een punt. Maar tegelijkertijd ben ik niet de populairste kippenboer onder de kippenboeren. Een enkeling gaat me misschien zelfs wel uit de weg.’
Begrijpt u dat?
‘Nee, daar snap ik niks van. Want je mag prima anders denken, hè? Maar dan kunnen we evengoed best wel een kop koffie met elkaar drinken.’
Klopt het dat er hier in de regio veel veehouders bezig zijn te stoppen?
‘Ja, maar wel vooral om financiële redenen. En dat vind ik jammer. Want wat gebeurt er nou helemaal als een aantal boeren stopt terwijl we hetzelfde aantal dierlijke producten blijven eten?
‘In het huidige moment ligt er een kans voor akkerbouwers om te zeggen ‘laten we plantaardig omarmen’. Maar dat gebeurt niet, het lijkt wel of er onder boeren een afspraak is om dat niet te zeggen. Terwijl Nederland internationaal een voorbeeld zou kunnen zijn in de verandering naar een voedingssysteem dat wel houdbaar is.’
Luister hieronder naar onze podcast de Volkskrant Elke Dag. Kijk voor al onze podcasts op volkskrant.nl/podcasts.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant