Home

Weinig focus tijdens debat over dansen in een wereld die in brand staat

Dans Deze week wapperen in Maastricht voor de 28ste keer de banieren en vlaggen van de Nederlandse Dansdagen. Het festival presenteert een bloemlezing van de volle breedte van in Nederland gecreëerde dans.

De eerste dagen van oktober verzamelt de Nederlandse dansgemeenschap zich in de Limburgse hoofdstad voor voorstellingen, workshops, rondetafelgesprekken, lezingen, exposities en, op het Vrijthof, een grote Danstent waar dansliefhebbers zichzelf uitleven met tango, flamenco, line dance, lindy hop, salsa of rolstoeldans.

In de Sint-Janskerk (tijdens het festival de Danskerk) werd vrijdag het jaarlijkste Debat van de Nederlandse Dans gehouden. Het thema van dit jaar: dilemma’s rond het maken van dans in een wereld die in brand staat. Zoals vaker draaide het niet zozeer uit op een debat als wel een verkennende ontmoeting. Dansinhoudelijke dilemma’s kwamen niet echt ter sprake, wel organisatorische en structurele kwesties, waarbij aloude voornemens als ‘meer samenwerken’ en ‘sterkere lobby in Den Haag’ de revue passeerden.

Een interessant, maar voor de gelegenheid wat te theoretisch/filosofisch betoog kwam van Gabriele Klein, die als bijzonder hoogleraar de Hans van Manen-leerstoel bekleedt. In zeven stellingen schetste zij de kracht van dans, met dans als ‘esthetisch verzet’ als belangrijkste eigenschap. Zeker in deze tijd waarin de democratie op het spel staat. Door zijn tegelijk fysieke én ontastbare karakter kan dans, aldus Klein, zich onttrekken aan regels en zonder woorden democratische principes en nieuwe vormen van coëxistentie verbeelden. Maar hoe kan die kracht effectief worden omgezet in politieke invloed?

Het even simpele als bewezen effectieve antwoord kwam van Marjorie Boston en Maarten van Hinten, grote namen uit de Nederlandse hiophopscene. Hun voordracht inspireerde, anders dan de andere bijdragen, tot een echt enthousiaste respons en een gevoel van urgentie en activisme. Kort samengevat: neem een voorbeeld aan de hiphop. Die is ontstaan en groot geworden dankzij kernwaarden als samenwerking, onderling respect en kennis delen. Zo is een plaats aan tafel verworven, door in woord en daad zijn maatschappelijk belang waar te maken. Als sector, stelde Van Hinten, moeten we niet vechten waaróver we moeten maken, maar dát we moeten maken.

Helaas kreeg het ‘debat’ als geheel te weinig focus. Er werd gerefereerd aan de brief waarin kunstenaars en culturele instellingen zich verbonden tot een boycot van Israëlische culturele instellingen en bedrijven. Onder de ondertekenaars was het aandeel van de danssector relatief klein, bovendien zijn bij het applaus na dansvoorstellingen minder Palestijnse vlaggen en keffiyehs te zien dan bij het toneel.

De conclusie dat de danswereld zich ‘dus’ niet uitsprak was Holland Dance-directeur Samuel Wuersten wat te kort door de bocht en weinig dansinhoudelijk. Zijn korte reactie kreeg helaas geen vervolg. Ook actuele, relevante problemen van conflict in de zaal, met ouders en scholen over voorstellingen met politiek, maatschappelijk en ethisch gevoelige thema’s kwam slechts summier aan de orde, des te meer ging het over ‘tijd maken voor het gesprek binnen de organisatie/opleiding’ en dergelijke algemeenheden. Een begin van een strategie voor een effectieve inzet van de esthetische verzetskracht van dans bleef ver uit zicht.

NIEUW: Geef dit artikel cadeauAls NRC-abonnee kun je elke maand 10 artikelen cadeau geven aan iemand zonder NRC-abonnement. De ontvanger kan het artikel direct lezen, zonder betaalmuur.

Source: NRC

Previous

Next