In navolging van hun leeftijdsgenoten in Indonesië, de Filipijnen en Nepal gingen deze week gen Z’ers uit Madagaskar en Marokko de straat op om te protesteren tegen corruptie. Wat hebben de jongeren uit zulke verschillende landen met elkaar gemeen?
is buitenlandredacteur van de Volkskrant. Ze schrijft over Afrika en het Mondiale Zuiden.
De straatbeelden van Antananarivo en Rabat, de hoofdsteden van Madagaskar en Marokko, leken deze week veel op die van Kathmandu, Manilla en Jakarta een paar weken geleden. Overal gingen gen Z’ers, jongeren geboren tussen 1997 en 2012, de straat op. En overal stak boven de mensenmassa dezelfde piratenvlag uit: een grijnzende schedel die een strohoed draagt.
De vlag komt uit de Japanse animeserie One Piece, waarin piraten het tegen een autoritaire overheid opnemen. De jongeren op straat kennen One Piece waarschijnlijk doordat Netflix in 2023 een eigen versie van de serie lanceerde, die in twaalf talen werd vertaald. Dat de vlag overal opduikt, laat zien dat de verschillende protestbewegingen zich laten inspireren door elkaar.
Dat verzet in het ene land een volgend land aansteekt, is niet uniek. Het gebeurde tijdens de Arabische Lente en de Black Lives Matter-protesten. De jongeren die elkaar nu beïnvloeden, wonen in alle uithoeken van de wereld en lijken op het eerste gezicht tegen totaal verschillende dingen te demonstreren. Waarom staan zij tegelijkertijd op?
De protestgolf begon in augustus in Indonesië. De directe aanleiding voor de woede daar was dat Indonesische parlementariërs zichzelf een extra vergoeding voor verblijfskosten toekenden, terwijl de rest van het land worstelt om rond te komen.
Twee weken later gingen gen Z’ers in Nepal de straat op, toen er een verbod kwam op sociale media, net op een moment dat online hevig werd gediscussieerd over de bevoorrechte positie van kinderen van parlementariërs. Jongeren in Filipijnen maakten zich kort daarna kwaad over een corruptieschandaal.
Deze week kwam het tot een uitbarsting in Madagaskar, een van de armste landen ter wereld, na de zoveelste afsluiting van de water- en energievoorziening in het land. In Marokko richtte de jongerenwoede zich ondertussen op het feit dat er voetbalstadions voor de Africa Cup worden gebouwd, terwijl de gezondheidszorg en het onderwijs achteruitgaan.
De aanleiding is kortom overal verschillend. De gemene deler is dat jongeren overal zeggen: onze bestuurlijke elite is corrupt en geeft geld uit aan zaken waar het gewone volk niets aan heeft.
Ondanks de verschillende omstandigheden per land, zijn er, als je door je oogharen kijkt, ook overeenkomsten te zien in de situatie van gen Z’ers in Afrikaanse en Aziatische landen. Het zijn meestal achterkleinkinderen, en soms nog kleinkinderen, van mensen die de dekolonisatie van dichtbij meemaakten. Ze hebben gemiddeld genomen betere toegang tot hoger onderwijs dan hun ouders hadden, iets wat werd gezien als de sleutel tot sociale mobiliteit.
Maar eenmaal afgestudeerd, stuiten ze op dezelfde problemen. Banen op hun niveau zijn er amper. De concurrentie is, vanwege de vaak zeer jonge bevolking, moordend. En door corruptie komen de goedbetaalde overheidsposities vooral terecht bij mensen met connecties.
‘Dat probleem is voor deze generatie nog veel groter dan voor die van mij’, zegt Obert Hodzi (42), hoofddocent Internationale Betrekkingen aan de Universiteit van Liverpool, afkomstig uit Zimbabwe. ‘Toen ik begin deze eeuw studeerde, kon je als Afrikaanse student nog allerlei beurzen krijgen. Zo heb ik mijn studies in China en Duitsland betaald. Dat is nu allemaal wegbezuinigd. Dat blokkeert die sociale mobiliteit nog verder.’
Het gevolg is dat jongeren in niet-westerse landen vaak met meerdere banen een inkomen bij elkaar moeten scharrelen – in Kenia, waar in 2024 grootschalige protesten uitbraken onder jongeren ook wel ‘hosselen’ genoemd. Daarbovenop komen de naweeën van de covid-pandemie en de inflatie die de oorlog in Oekraïne veroorzaakte; financiële klappen die in het mondiale Zuiden veel harder aankwamen dan in het westen.
Het leidt ertoe dat jongeren steeds vaker een ‘verlengde kindertijd’ hebben, aldus Hodzi. ‘Hun ouders moeten voor hen blijven zorgen, zelfs als ze in de dertig zijn. En dat frustreert enorm.’
Met deze frustratie scrollen jongeren op Instagram of TikTok. Daar krijgen ze, via de posts van bestuurders of hun kinderen, een inkijkje in het luxeleven van hun leiders. Zo plaatste de zoon van een minister in Nepal onlangs een foto waarbij hij poseert bij een enorme stapel cadeaus van merken als Louis Vuitton, Gucci en Cartier. Die foto ging viraal en wakkerde het protest aan.
Door sociale media is corruptie kortom veel beter zichtbaar dan vroeger, zegt Hodzi. ‘Bestuurders ontmaskeren als het ware zichzelf, zonder dat ze het doorhebben.’
Sociale media spelen daarnaast een rol in het organiseren van protesten. Het is daardoor veel makkelijker om grote groepen mensen te mobiliseren. Omdat er meestal niet één duidelijke leider van een protest is, is het voor autoritaire leiders lastiger om sleutelfiguren op te pakken en de protesten te stoppen. En als er door het ingrijpen van autoriteiten doden vallen – wat tot nu toe bij alle protesten gebeurde – verspreiden de beelden zich razendsnel, wat de woede nog verder aanwakkert.
Successen gaan ook snel rond online. In Nepal leidden de gen Z-protesten tot het vertrek van de premier en de ontbinding van het parlement. In Madagaskar stapte de regering deze week op. ‘Jongeren in andere landen zien dat en denken: cool, dat willen wij ook’, zegt Hodzi. ‘Maar of de protesten ook op de lange termijn tot verandering leiden, blijft altijd de vraag.’
Luister hieronder naar onze podcast de Volkskrant Elke Dag. Kijk voor al onze podcasts op volkskrant.nl/podcasts.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant