is buitenlandredacteur van de Volkskrant en schrijft over de EU en internationale samenwerking.
Een initiatief voor toetreding van Oekraïne tot de EU is door Nederland en andere EU-lidstaten geblokkeerd. Maar steun aan Oekraïne is juist een Europees veiligheidsbelang.
Europese politici zeggen graag dat Oekraïne ‘voor onze vrijheid vecht’. Helaas aarzelen ze vaak als het aankomt op concrete steun voor het land dat nu al meer dan drie jaar vecht tegen Russische agressie.
Zo verzetten Nederland en andere EU-lidstaten zich deze week tegen een initiatief van EU-president António Costa om de toetreding van Oekraïne tot de EU te versnellen. De officiële opening van de onderhandelingen over clusters van EU-wetten wordt geblokkeerd door Hongarije en Slowakije, twee landen die profiteren van het EU-lidmaatschap, maar het Europese veiligheidsbeleid ondermijnen met hun pro-Russische houding.
Costa wilde de regels veranderen, waardoor het openen van de onderhandelingen geen unanimiteit meer vereist, maar een gekwalificeerde meerderheid van de lidstaten. Een weinig kansrijke actie overigens, omdat ook een verandering van de regels waarschijnlijk op een Hongaars en Slowaaks veto zou stuiten.
In het Volkskrant Commentaar wordt het standpunt van de krant verwoord. Het komt tot stand na een discussie tussen de commentatoren en de hoofdredactie.
Toch was Nederland hiertegen. Het wil niet dat er om (geo-)politieke redenen gemarchandeerd wordt met de toetredingsregels. Bij de toetreding van nieuwe lidstaten is er vaak een spanning tussen politieke doelstellingen en de cohesie van de EU. Enerzijds vraagt de geopolitiek om de toetreding van Europese landen, om de EU te versterken en een toename van Russische en Chinese invloed tegen te gaan. Anderzijds wordt het functioneren van de EU geschaad als een land wordt toegelaten dat nog niet voldoet aan Europese normen op het gebied van economie, democratie, bestuur en corruptiebestrijding.
Onder normale omstandigheden heeft Nederland gelijk: er moet niet om politieke redenen met de regels worden gemarchandeerd. Maar de omstandigheden zijn niet normaal. Oekraïne vecht tegen Rusland, dat ook door de EU als de belangrijkste bedreiging voor haar veiligheid wordt gezien. De verankering van Oekraïne in Europa is daarmee een Europees veiligheidsbelang.
De opening van de onderhandelingen is vooral een symbolisch gebaar naar de regering van de Oekraïense president Volodymyr Zelensky. Uiteindelijk verplicht zij tot niets, omdat alle lidstaten nog op tientallen momenten hun veto kunnen uitspreken. Maar de opening drukt solidariteit uit met Oekraïne en brengt de onderhandelingen op gang, waardoor hopelijk een zeker momentum wordt gecreëerd.
Tegen het licht van het grote geopolitieke verhaal is het teleurstellend dat Nederland en andere landen op fetisjistische wijze aan de regels vasthouden. Schijnbaar is de urgentie van de oorlog in Oekraïne nog altijd niet ten volle tot veel Europese leiders doorgedrongen. Europa heeft veel gedaan voor Oekraïne, maar zal zijn inspanningen moeten opvoeren, zeker nu de steun van de Verenigde Staten steeds minder wordt. Tegelijkertijd staat in veel lidstaten de steun aan Oekraïne onder druk. Zo kunnen de verkiezingen in Tsjechië worden gewonnen door de populist Andrej Babis, die beweert dat zijn land te veel voor Oekraïne doet en te weinig voor de Tsjechen.
In deze constellatie moeten Europese leiders er alles aan doen om Oekraïne te steunen, en om de eigen bevolking te overtuigen van de noodzaak van die steun. Daarom is het teleurstellend dat Nederland zich verzette tegen een symbolisch gebaar aan een land dat dagelijks een hoge prijs betaalt voor zijn verzet tegen de Russische agressie.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant