Home

Wie wil er eigenlijk ooit de slechterik zijn? Alette Smeulers schreef een boek over oorlogsmisdadigers en terroristen

Alette Smeulers In Angstaanjagend normaal schrijft de hoogleraar internationale misdrijven over allerlei verschillende daders. „Het zou geruststellender zijn als alle daders gek waren en heel anders dan wij, maar dat is niet zo.”

Alette Smeulers: „Bijna alle daders zeggen achteraf: op een gegeven moment voel je het niet meer. Je went eraan.” Foto Merlijn Doomernik

Als kind las Alette Smeulers (1967) graag verhalen over verzetsstrijders in de Tweede Wereldoorlog, op de momenten dat ze niet op straat aan het voetballen was. Ze groeide op in Luxemburg, als kind van Nederlandse ouders die allebei lesgaven aan de Europese school, en haar Drentse opa had haar De levensroman van Johannes Post (1948) gegeven, geschreven door Anne de Vries, bekend van Bartje (1935), de jongen die niet voor bruine bonen wilde bidden. De Vries en Post zaten allebei in het verzet. Post behoorde tot de top van de Landelijke Knokploegen en overleefde de oorlog niet. In de zomer van 1944 werd hij door de Duitsers doodgeschoten na een mislukte poging om gevangen verzetsstrijders te bevrijden.

„Die verzetsmensen waren mijn jeugdhelden”, vertelt Smeulers, hoogleraar internationale misdrijven aan de Faculteit Rechtsgeleerdheid van de Rijksuniversiteit Groningen, bij haar thuis in Groningen. „Dat hele zwart-witte trok mij toen aan: er gebeuren vreselijke dingen en mensen vechten ertegen. Maar op een gegeven moment dacht ik: wie wil er eigenlijk ooit de slechterik zijn?” Toen ze wat ouder was, las ze The Nazi Doctors (1986) van Robert Jay Lifton, een non-fictieboek over artsen in (onder meer) concentratiekampen. „Ik dacht: dokters worden opgeleid om mensen beter te maken. Hoe kun je er dan toe komen om aan genocide bij te dragen?”

Alette Smeulers: Angstaanjagend normaal. Over oorlogsmisdadigers, genocideplegers en terroristen. Alfabet, 704 blz. € 49,99

Smeulers was de Academie voor Lichamelijke Opvoeding in Groningen gaan doen. „Sporten is mijn lust en mijn leven, ik moet in die tijd nog tegen Sarina Wiegman gevoetbald hebben, we speelden in dezelfde competitie.” Maar door The Nazi Doctors besefte ze: ik kan proberen mijn interesse wetenschappelijk te onderzoeken. Waarom plegen mensen oorlogsmisdrijven, genocide, misdrijven tegen de menselijkheid, terroristische aanslagen? „Toen heb ik een heel brede universitaire studie gekozen”, vertelt ze. „Politieke wetenschappen. Daar leer je van alles: psychologie, geschiedenis, rechten, economie. Eerst was ik niet eens van plan om de hele studie af te maken.” Maar haar onderwerp liet haar nooit meer los.

Vorig jaar publiceerde Smeulers haar levenswerk: het wetenschappelijke boek Perpetrators of Mass Atrocities, waarin ze verschillende soorten daders beschrijft. Deze maand verscheen de Nederlandstalige publieksversie Angstaanjagend normaal. Die titel is een citaat van filosoof Hannah Arendt, uit haar boek over Holocaust-organisator Adolf Eichmann en zijn collega’s. Dat waren, tot Arendts schrik, heel normale mensen, die in een totalitair systeem tot vreselijke daden kwamen: „de banaliteit van het kwaad” noemde Arendt dat. „Het zou veel geruststellender zijn geweest om te concluderen dat alle daders gek waren en heel anders dan wij”, schrijft Smeulers in Angstaanjagend normaal, „maar dat is dus niet zo.”

Gehoorzaamheid

Maar die conclusie was nog geen afdoende antwoord op Smeulers grote vraag. Want niet alle daders van extreem politiek geweld hebben dezelfde motieven. „Dat werd wel vaak gezegd”, zegt Smeulers, en ze neemt nog een slok koffie uit de zwart-witte What would Hannah Arendt do?-mok die haar promovendi voor haar hebben laten maken. „Men dacht eerst: het zijn allemaal sadisten en psychopaten. Toen zei men: het zijn allemaal ideologische extremisten. Of: ze zijn allemaal heel gehoorzaam. Maar dat klopt ook niet. Ja, gehoorzaamheid speelt een belangrijke rol en ideologie ook, maar er zijn bijvoorbeeld ook mensen die gewoon profiteren van een oorlog of genocide, zoals de wapenindustrie, en sociale media, die bijdragen aan extremisme en polarisatie.”

Dertig jaar lang onderzocht ze de verschillende motieven van daders, die zichzelf nooit als daders bleken te zien, maar steevast als strijders voor de goede zaak. In haar boek beschrijft ze uiteindelijk veertien typen plegers van extreme politieke geweldsmisdrijven (zie inzet). Het is geen definitief uitputtende of uitsluitende indeling; ze wil ermee laten zien welke redenen voor geweld er allemaal bestaan.

Wat was uw onderzoeksmethode?

„Ik wilde de wereld bekijken door het oog van de daders, om hen te begrijpen, dus ik heb heel veel ego-documenten gelezen, biografieën, autobiografieën, brieven, interviews, alles wat ik over de motieven van daders kon vinden. En als ik dan iets interessants vond, probeerde ik er elders meer over te vinden, om het te factchecken.”

U waarschuwt tegen de opkomst van zogenaamde ‘sterke mannen’: leiders als Donald Trump. Die lijkt u al bijna onder de daders te scharen. Op basis waarvan?

„Ik hoop dat ik duidelijk genoeg gemaakt heb dat ik hem nog niet gelijk schaar aan de destructieve leiders die ik in mijn boek beschrijf. Die heb ik uitgekozen op wat ze gedaan hebben. Maar als je terugkijkt hoe destructieve leiders zijn begonnen met het ondermijnen van de democratie en de mensenrechten… Hitler kwam in 1933 aan de macht, maar begon niet meteen met het uitroeien van de Joden; de echte genocide begon in 1942. Dat was een geleidelijk proces en dat maakt dat je kunt leren uit de geschiedenis, op welke momenten kun je denken: hé, hier gaat het de verkeerde kant op? Dan hoeft het niet per definitie fout te gaan, maar er zouden wel alarmbellen moeten afgaan.”

Hoe is dat op Trump van toepassing?

„Bij Trump zie ik belangrijke parallellen met dictators aan het begin van hun carrière. Hij geeft steeds de schuld aan één partij, aan wat hij radicaal links noemt. Hij accepteert niemand om zich heen die tegen hem ingaat. Die mensen ontslaat hij of doet hij dure processen aan. Hij accepteert zelfs geen objectieve cijfers die niet aangeven wat hij wil. Dat is dus heel gevaarlijk. Je hoopt dat rechters en met name ook zijn eigen Republikeinse partij zien wat er gebeurt en daar niet in meegaan. Alleen zien we dat hij iedereen die kritiek heeft, zoals Liz Cheney, al heeft weggezuiverd. En nu wil hij oud-FBI-directeur James Comey, die niet loyaal genoeg was, strafrechtelijk vervolgen.”

Trump lijkt ook uw dadertypen – de carrièremakers, de volgers en de fanatici – om zich heen te hebben verzameld. De alarmbellen gaan af, maar denkt u dat hij nog te stoppen is?

„Ik vind het heel zorgwekkend wat er gebeurt. Aan de andere kant weet ik dat we optimistisch moeten blijven en moeten blijven benoemen wat er fout gaat. Een mooie uitspraak van historicus Ian Kershaw is: ‘The road to Auschwitz was built by hate, but paved with indifference.’ Haat en extremisme kunnen alleen bloeien als de mensen eromheen onverschillig worden en niets meer doen. Uit angst, omdat ze hun nek niet willen uitsteken of omdat ze gewoon denken: als iedereen dit vindt, zal dat wel goed zijn. Dat is gevaarlijk.”

Moeten we in Nederland ook al oppassen of ergens tegen in het geweer komen?

„Ik maak me ook wel zorgen om de polarisatie in Nederland. De wereld in mijn verzetsromans van vroeger was heel erg zwart-wit. En mensen hebben nu ook vaak de neiging om de wereld in zwart-wit te zien: je bent voor ons of tegen ons. Dat is gevaarlijk, daar maken veel daders gebruik van. Toen onlangs dat VN-rapport uitkwam dat nogmaals bevestigde dat wat in Gaza gebeurt genocide is, reageerde Netanyahu onmiddellijk met: jullie zijn antisemieten, jullie steunen Hamas. Dat is echt puur zwart-wit-denken.

„Dat doet Wilders bijvoorbeeld ook. Hij reageerde op de eerste rodelijndemonstratie voor Gaza met: dat zijn allemaal verwarde mensen, die zijn voor Hamas. Ik liep daar ook tussen en ik ben absoluut tegen het geweld en de extremistische ideologie van Hamas. Maar wat Israël nu doet, is gewoon genocide plegen.”

Helpt het om te demonstreren?

„Ik denk het wel. Kijk, het helpt niet in de zin van dat Netanyahu dan denkt: oh jee, ruim 100.000 mensen in Den Haag, nu stoppen we maar met bombarderen. Maar daders laten hun gedrag wel degelijk mede bepalen door hoe omstanders reageren. Als niemand reageert, denken ze: we kunnen hiermee wegkomen en nog wel wat verder gaan. Zo is in de Tweede Kamer vaak gezegd dat Nederland alleen minder kan doen dan de EU. Maar Nederland alleen kan ook best wat doen en daarmee mobiliseer je weer anderen.

„Door de straat op te gaan, laat je zien: wij zijn hiertegen. Daardoor zou je een kantelpunt kunnen bereiken bij andere mensen. Je moet de normalisering van geweld altijd tegengaan. Dat is altijd het gevaar, dat je geweld normaal gaat vinden. Dat zeggen ook veel daders.”

Die praten het goed voor zichzelf?

„Ja. Neem diegenen die zelf fysiek geweld plegen. Na de eerste keer dat ze iemand vermoorden of folteren, zijn ze bijna allemaal geschokt door hun eigen handelen. En dan kun je twee dingen doen. Je kunt zeggen: ik dacht dat ik het goede deed, maar dit is iets vreselijks, ik doe dit nooit meer. Maar dan moet je toegeven dat je zelf iets fout hebt gedaan, én je zegt tegen je medesoldaten en je leidinggevende: wat wij doen is verkeerd. Dat kan repercussies hebben, je zou zelfs doodgeschoten kunnen worden. Bijna niemand lukt dat.”

Wat doen mensen dan?

„De makkelijkere oplossing is dat je jezelf gaat overtuigen dat je het wel moest doen. En dat is eigenlijk de belangrijkste verklaring hoe mensen daders kunnen worden. Ons brein heeft een enorm vermogen om de werkelijkheid te verdraaien en ons geweten te sussen. Daar hebben heel veel daders over verteld. Historicus Christopher Browning haalt een soldaat aan die zegt: ik ben de slechtste niet, ik vermoordde alleen kinderen. De moeder was dan al dood, en die soldaat redeneerde: dan kan zo’n kind ook niet meer leven. Alsof hij iets goeds deed.

„En bijna alle daders zeggen achteraf: op een gegeven moment voel je het niet meer. Je went eraan. Je onderdrukt al je empathie.”

U noemt een hele lijst tegenmaatregelen die mensen kunnen nemen. Rijkdom gelijker verdelen. Mensenrechten beschermen. Wapenhandel reguleren. Nepnieuws onder controle houden. Persvrijheid, vrijheid van meningsuiting, kritisch denken en internationaal strafrecht beschermen. Bent u optimistisch dat dat allemaal zal gebeuren?

„Nou, doordat daders door verschillende motieven gedreven worden, zijn er ook veel verschillende dingen die je kunt aanpakken. Zorgen dat algoritmes niet zo polariserend werken, het Internationaal Strafhof ondersteunen, kinderen meer zelfvertrouwen geven en hen bewust maken van het gevaar van de groep volgen. Dat er heel veel verschillende manieren zijn om de wereld beter en veiliger te maken, vind ik in ieder geval hoopgevend.”

Veertien typen daders volgens Alette Smeulers

1. De destructieve leider (zoals Hitler of Stalin)

2. De fanaticus (verspreidt extremistische ideologie en zet anderen tot geweld aan)

3. De carrièremaker (mensen uit de inner circle van de destructieve leider, uit op macht en glorie)

4. De toegewijde onderdaan (gehoorzaam middenkader)

5. De professional (opgeleid tot folteraar of moordenaar)

6. De true believer (leden van een seculiere extremistische massabeweging, zoals extreemrechts)

7. De soldaten van God (leden van een religieuze extremistische beweging)

8. De wreker (zoals Palestijnse zelfmoordterroristen, de zwarte weduwen uit Tsjetsenië)

9. De profiteur (zoals wapenhandelaren)

10. De crimineel (zoals criminele bendes die actief zijn in een oorlog)

11. De sadist en het seksuele roofdier

12. De gestoorde gek (bv. lone wolf terroristen)

13. De volger (gehoorzame lagergeplaatste)

14. De uitgebuite dader (zoals leden van de Joodse Raad of kindsoldaten)

NIEUW: Geef dit artikel cadeauAls NRC-abonnee kun je elke maand 10 artikelen cadeau geven aan iemand zonder NRC-abonnement. De ontvanger kan het artikel direct lezen, zonder betaalmuur.

Schrijf je in voor de nieuwsbrief NRC Amerika

Volg de laatste politieke ontwikkelingen in de VS op de voet

Source: NRC

Previous

Next