Home

Kabinet toch bereid zieke Palestijnse kinderen in Nederland te helpen

Het kabinet overweegt enkele Palestijnse kinderen die hoogspecialistische zorg nodig hebben en in direct levensgevaar verkeren, tijdelijk in Nederland te helpen. Dat schrijven demissionair minister David van Weel (Buitenlandse Zaken) en staatssecretaris Aukje de Vries (Ontwikkelingshulp) donderdagochtend aan de Kamer.

is politiek verslaggever van de Volkskrant. Hij schrijft over veiligheid, diplomatie en buitenlands beleid.

Met de aankondiging lijkt het kabinet, onder grote druk van de oppositie en ook uit de hulp- en de medische sector, een stap te zetten naar iets waar het de afgelopen weken tegen was: de tijdelijke medische evacuatie van zieke Palestijnse kinderen naar Nederland. Nederland blijft inzetten op het versterken en ondersteunen van regionale medische capaciteit en noemt zichzelf, wat financiële ondersteuning betreft, ‘een van de koplopers in Europa’.

Tijdelijke hulp in Nederland

Tegelijkertijd erkennen Van Weel en De Vries dat het inzake hoogspecialistische medische zorg ‘niet mogelijk is gebleken op korte termijn een significant verschil te maken of acute tekorten te lenigen’.

Daarom wordt ‘in de tussenliggende termijn bezien in hoeverre enkele kinderen die complexe hoogspecialistische zorg nodig hebben, die in direct levensgevaar verkeren, waarvoor nu in de regio geen onmiddellijke hulp beschikbaar is, tijdelijk in Nederland kunnen worden geholpen.’

Daarbij zal het kabinet gebruik maken van de kennis en triage van het WHO en de ervaring van andere Europese landen. ‘Het aantal gevallen dat Nederland zal kunnen en gaat opnemen zal overigens zeer beperkt zijn en er zal ook rekening worden gehouden met de beschikbare zorgcapaciteit voor Nederlandse kinderen. We blijven primair focussen op opvang in de regio en blijven álle landen in de regio oproepen om een bijdrage te leveren.’

Luister hieronder naar onze politieke podcast De kamer van Klok. Al onze podcasts vind je op volkskrant.nl/podcasts.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next