Jane Goodall (1934-2025) De primatologe deed baanbrekend veldonderzoek naar chimpansees. Tot aan haar overlijden zette ze zich in voor natuurbescherming.
Jane Goodall met een chimpansee. Haar veldwerk met chimpansees was baanbrekend.
Als peuter nam Jane Goodall regenwormen mee naar bed: ze vond het zielig dat ze in de donkere, koude grond moesten slapen. Die dierenliefde behield de primatologe tot aan haar dood. Ze overleed deze woensdag op 91-jarige leeftijd, maakte het Jane Goodall Institute bekend. Goodall verbleef in Californië in het kader van een lezingenreis door de Verenigde Staten. Tot haar dood zette de mensenapenonderzoekster, die vooral bekend was door haar baanbrekende veldwerk aan chimpansees, zich in voor natuurbescherming.
Geboren op 3 april 1934 groeide Valerie Jane Morris-Goodall op in Bournemouth, Engeland. Na de scheiding van haar ouders woonde Jane met haar jongere zusje Judy bij hun moeder, en dagdroomde over haar eerste grote liefde: Tarzan, de oerwoudheld uit de boeken van Edgar Rice Burroughs. Die kon met apen communiceren en werd verliefd op Jane, een mensenvrouw. In interviews zei Goodall: „Helaas trouwde Tarzan de verkeerde Jane.” En dus ging ze zelf op zoek naar oerwoudromantiek: op haar 23ste vertrok ze naar Kenia , om een schoolvriendin op te zoeken, en kon vervolgens aan de slag als secretaresse van antropoloog Louis Leakey.
Die stuurde haar in 1960 naar Gombe in Tanzania, om chimpansees te bestuderen. Hij wilde iemand die met een onbevangen blik naar de dieren zou kijken, ongehinderd door biologische voorkennis: Goodall was daarvoor de ideale kandidaat.
Ze had geen vooropleiding of ervaring. Met weinig meer dan een oude verrekijker, een tent en haar moeder, die haar enkele maanden zou vergezellen in het oerwoud, vertrok ze naar Gombe. Aanvankelijk liep Goodall op goed geluk rond; af en toe zag ze een chimpansee wegschieten. „Zonder geduld was ik nergens gekomen”, zei ze later. Op een dag besloot ze een chimpanseemannetje te volgen, dat ze David Greybeard noemde. Later vertelde Goodall vaak over het moment dat ze bij hem ging zitten en een oliepalmvrucht voor hem opraapte: „David aarzelde even, nam de vrucht aan en liet hem vallen. Vervolgens pakte hij mijn hand en sloot zijn vingers om de mijne. Als om me gerust te stellen: ik hoef de noot niet, maar toch bedankt.” Me Greybeard, you Jane, maar dan zonder woorden.
In opdracht van National Geographic kwam na enkele maanden de Nederlandse natuurfilmer Hugo van Lawick langs in Gombe, om een documentaire te maken over Goodall en de chimpansees. Een groot deel van het beeldmateriaal werd – nadat het lange tijd als verloren was beschouwd – in 2017 gebruikt in de biopic Jane. Daarin is onder meer te zien hoe Van Lawick en Goodall trouwden en met hun jonge zoon Grub in Gombe woonden. Later verlegde Van Lawick zijn werkterrein naar de Serengeti en uiteindelijk groeiden Goodall en hij uit elkaar; ze scheidden in 1974. Een jaar later trouwde Goodall met Derek Bryceson, directeur van de nationale parken in Tanzania. Ze bleven samen tot aan zijn dood in 1980.
Een van de eerste ontdekkingen die Goodall deed in Gombe was dat chimpansees bladeren bewerkten en er vervolgens termieten mee uit een termietenhoop hengelden. Nooit eerder was waargenomen dat diersoorten – afgezien van de mens – gereedschappen maakten en gebruikten. Goodall, Gombe en de chimpansees werden wereldnieuws.
Jane Goodall in de jaren 60 tijdens veldonderzoek naar chimpansees. Foto Everett Collection
Op voorspraak van Leakey kon Goodall promoveren aan Cambridge, zonder dat ze ooit een universitaire studie had gevolgd. Door collega’s werd haar gewoonte om chimpansees namen te geven bekritiseerd: echte onderzoeker gebruikten nummers, geen namen. Maar Goodall trok zich er niets van aan. Later ontdekte ze onder meer dat chimpansees onderling oorlog kunnen voeren: van 1974 tot 1978 vond er een bloederige strijd plaats tussen twee stammen in Gombe, waarbij de dieren hun tegenstanders afmaakten.
Zelf was ze vooral trots op haar onderzoek naar familierelaties bij chimpansees, zoals de band tussen moeders en hun kinderen. „Ze steunen hun kinderen, net als mijn moeder dat deed bij mij”, zei ze later. Bij het opvoeden van haar eigen kind had ze naar eigen zeggen veel van vrouwelijke chimpansees afgekeken.
Sinds 1986 was Goodall zelden langer dan drie weken op dezelfde plek: tijdens een chimpanseecongres waar ze als wetenschapper aan meedeed, besloot ze dat het haar taak was om mensenapenonderzoek bij het grote publiek bekend te maken, en op die manier nieuwe generaties te inspireren. Aanvankelijk keerde ze tweemaal per jaar nog terug naar Gombe, waar nog altijd chimpanseeonderzoek gaande is.
Ze richtte in 1977 het Jane Goodall Instituut op, een internationale non-profit-organisatie, en gaf via het programma Roots & Shoots lezingen over milieu en dierenwelzijn over de hele wereld. Ook schreef ze diverse boeken over haar werk met de chimpansees. Het meest recente boek, The book of hope: a survival guide for trying times, publiceerde Goodall tijdens de corona-epidemie, in 2021, samen met auteur Douglas Abrams.
Sinds 2002 was ze ambassadeur van de Verenigde Naties, en in 2004 kreeg ze een ridderorde van het Britse Rijk. Ook ontving ze wereldwijd talloze eredoctoraten en werd er een orchidee naar haar vernoemd: de Dendrobium goodallianum. In 2022 bracht speelgoedfabrikant Mattel zelfs een Jane Goodall-barbiepop op de markt.
Jane Goodall in 2025 tijdens de Forbes Sustainability Summit in New York. Foto Taylor Hill/Getty
Tot aan het einde toe bleef Goodall optimistisch. Apathie was volgens haar de grootste bedreiging voor de toekomst. Niets doen zat niet in haar aard. Of zoals ze zelf graag zei: „Elk individu kan verschil maken, elke dag opnieuw. Het is aan ons om te bepalen wat voor verschil dat is.”
NIEUW: Geef dit artikel cadeauAls NRC-abonnee kun je elke maand 10 artikelen cadeau geven aan iemand zonder NRC-abonnement. De ontvanger kan het artikel direct lezen, zonder betaalmuur.
Op de hoogte van kleine ontdekkingen, wilde theorieën, onverwachte inzichten en alles daar tussenin
Source: NRC