Sinds woensdag is de Stemwijzer weer beschikbaar voor kiezers die hun eigen mening met die van partijen willen vergelijken. De leiders van die partijen missen soms de grijstinten.
is politiek verslaggever van de Volkskrant
Wie zich deze woensdagochtend tussen de politici in het Haagse perscentrum Nieuwspoort beweegt, zou kunnen denken dat het met de polarisatie op het Binnenhof meevalt. Kriskras staan ze door elkaar, tablet in de hand, om mee te doen aan wat inmiddels een ritueel is in verkiezingstijd: voor het oog van de landelijke pers vullen ze de Stemwijzer in.
JA21-leider Joost Eerdmans toetst zijn keuze voor de dertig stellingen in, terwijl naast hem SP-leider Jimmy Dijk veelal precies het tegenovergestelde invult. GroenLinks-PvdA-Kamerlid Habtamu de Hoop ziet zich geflankeerd door NSC-lijstrekker Eddy van Hijum en BVNL-leider Wybren van Haga. Even verderop gaan CU-leider Mirjam Bikker en Denk-lijsttrekker Stephan van Baarle geconcentreerd door het lijstje.
‘Oh gelukkig, 100 procent D66!’, roept D66-leider Rob Jetten, die het lijstje als eerste heeft ingevuld. Met enige opluchting laten politici daarna een voor een hun schermpje aan de camera’s zien. Want daar zit ook na vele eerdere edities nog altijd het belangrijkste element van spanning: lukt het de politici weer om hun eigen partij bovenaan het lijstje te krijgen?
Maar niemand heeft veel moeite om in enkele seconden een keuze te maken en hun partijstandpunt in te vullen op stellingen als ‘de hypotheekrente moet worden afgeschaft’ of ‘meer geld naar ontwikkelingshulp’.
‘Jij ook 100 procent?’, vraagt BBB-leider Caroline van der Plas aan Van Hijum terwijl ze hun schermpjes met elkaar vergelijken. Als bij SGP-leider Chris Stoffer blijkt dat de SGP bij hem ‘slechts’ 97 procent scoort, doet hij dat laconiek af. ‘Je kunt het nooit 100 procent eens zijn met alles.’
Het vergelijken van de scores van de Stemwijzer, de meestgebruikte stemhulp die al sinds 1989 (toen nog op papier) door stichting ProDemos wordt gemaakt, is bovenal een gemoedelijk campagnemoment. Tegelijk is het juist de keuzehulp waarin partijen stevig kleur moeten bekennen en soms bewust de tegenstelling opzoeken met concurrenten.
Waar de polarisatie in de zaal voor even weg lijkt, komt die in de Stemwijzer immers wel naar boven. Een veelgehoorde kritiek is dan ook dat er voor de grijstinten die veel complexe dossiers kenmerken, geen plek is.
Tegelijk is het zo dat de Stemwijzer zonder tegenstellingen niet zou kunnen bestaan. ‘We zijn juist op zoek naar het onderscheid’, erkent Anne Valkering, projectleider van de Stemwijzer. Het doel is om de kiezer op weg te helpen en duidelijkheid te verschaffen.
Die duidelijkheid is ook een van de redenen dat mensen die de Stemwijzer invullen enkel de keuze hebben tussen ‘eens’, ‘oneens’ of ‘geen van beide’. Maar de stellingen laten zien hoe lastig dat in de praktijk is. Het beste voorbeeld van deze editie is de stelling om het kabinetsplan voor een forse verlaging van het eigen risico terug te draaien. Veel partijen zijn het daarmee eens, omdat met het huidige plan ook de zorgpremie stijgt.
Toch hebben veel van die kritische partijen aan de Stemwijzer doorgegeven het ‘oneens’ te zijn met de stelling. Dat komt doordat de stellingen soms uitnodigen tot ‘strategisch invullen’, zegt SP-leider Dijk. Ook zijn partij deed dat. Hoewel hij het huidige plan ‘heel slecht’ vindt, staat de SP dus wel bij het rijtje tegenstanders van het terugdraaien ervan. ‘We zijn namelijk niet tegen een lager eigen risico, we willen het juist helemaal afschaffen.’
Zulke stellingen zijn een dilemma, ziet ook projectleider Valkering. Voor deze wat lastige formulering werd uiteindelijk gekozen omdat de Stemwijzer altijd kijkt in hoeverre partijen het huidige beleid willen veranderen. ‘We konden deze keer daarom niet vragen: bent u voor of tegen afschaffing van het eigen risico.’ Valkering benadrukt wel het belang om bij twijfel de toelichting te lezen. ‘Dan wordt vaak duidelijker hoe partijen er precies over denken.’
Moeilijke stellingen weglaten is ook geen optie, want dat zou betekenen dat belangrijke kwesties door de complexiteit ervan niet aan bod komen. Bij het samenstellen van de Stemwijzer speelt dat ook altijd mee: de stellingen moeten gaan over onderwerpen die mensen bezighouden.
Wat dat betreft is het ook altijd interessant om te kijken welke kwesties in de Stemwijzer belanden, en welke niet. Uiteraard zijn er stellingen over wonen en migratie. Maar voor klimaat is dit keer minder aandacht dan eerder. Waar er vorige keer zo’n zeven stellingen over gingen, zijn dat er nu vier, vertelt projectleider Valkering. Daarbij valt op dat de stellingen vaak alleen indirect over klimaat gaan, zoals over de bouw van kerncentrales of het inkrimpen van de veestapel.
Daarmee sluit de Stemwijzer aan bij wat er in het land speelt, maar kan die voor sommige kiezers tekortschieten in het bepalen van hun keuze. Voor dat laatste is de keuzehulp ook niet bedoeld, wordt nog maar eens benadrukt bij de presentatie.
Wat het ditmaal nog lastiger maakt, is dat bij het verschijnen van de Stemwijzer de verkiezingsprogramma’s nog niet zijn doorgerekend door het Centraal Planbureau. Het is dus niet in te schatten of de keuze voor bepaalde stellingen wel financieel haalbaar is.
Gebruik de Stemwijzer daarom altijd náást andere manieren om je te informeren over je uiteindelijke keuze, luidt het advies traditiegetrouw. Ook dat hoort inmiddels bij het ritueel.
Luister hieronder naar onze politieke podcast De kamer van Klok. Kijk voor al onze podcasts op volkskrant.nl/podcasts.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant