Home

Het bloedbad van Wounded Knee werd volgens Hegseth aangericht door ‘dappere soldaten’

Geschiedenis Meteen na het bloedbad van Wounded Knee in 1890 sprak een Amerikaanse generaal al over „een afgrijselijke slachting”. Maar minister Hegseth trekt de medailles niet in die twintig verantwoordelijken kregen.

De doden worden van het slagveld gehaald na het bloedbad.

Toen de wapens zwegen, lagen honderden Miniconjou Lakota dood of gewond op het winterse slagveld. De stijfbevoren lichamen van bijna honderdvijftig mannen, vrouwen en kinderen werden de dagen erna verzameld en gedumpt in een massagraf.

Het bloedbad van Wounded Knee in december 1890, de laatste grote botsing tussen een inheems volk en het Amerikaanse leger, is een symbolisch ijkpunt in de kolonisatie van het Amerikaanse Westen. Bury My Heart At Wounded Knee (1970) van Dee Brown, een populaire geschiedenis van de onderwerping van inheems Amerika, werd een bestseller. ‘We Were All Wounded At Wounded Knee’ van de popgroep Redbone stond in 1973 vijftien weken in de Nederlandse Top-40. Dat jaar werd het gehucht in de staat South Dakota bezet door activisten van de American Indian Movement (AIM) en ontruimd na maanden belegering door de Nationale Garde en FBI.

Bijna anderhalve eeuw later haalde de sinistere episode onlangs opnieuw de media. Donald Trumps minister van Defensie (of ‘Oorlog’) Pete Hegseth, die van militairen „krijgers” wil maken, liet weten de twintig Medals of Honor die na de slachting werden toegekend, de hoogste Amerikaanse militaire onderscheiding, niet te zullen intrekken.

Terugkeer van de bizon

Hegseth, die sprak over een „veldslag”, stelde „zonder twijfel” vast dat de „dappere soldaten” hun medailles hadden verdiend; hun „plaats in de geschiedenis” was nu verzekerd.

Wat gebeurde er die winterse dag in 1890 op die schrale vlakte?

Het Amerikaanse leger omsingelde een groep Lakota die, tegen bevelen in, op weg waren zich bij hun verwanten te voegen. De sfeer was gespannen, de Lakota waren in de greep van de ‘Geestes Dans’ die een terugkeer van de bizon beloofde, de autoriteiten vreesden opstand.

Bij de gedwongen ontwapening van de groep ontstond een schermutseling (volgens bronnen met een dove indiaanse man), er viel een schot – waarna de hel losbrak. Cavalerie en artillerie beukten genadeloos en ongedisciplineerd in op mannen, vrouwen en kinderen. Tussen de 250 en 300 Lakota werden gedood, 25 soldaten sneuvelden, volgens bronnen veelal in eigen spervuur.

Militaire historici spraken lang beschroomd over een „tragedie”, een confrontatie die nodeloos uit de hand liep door zenuwen, wederzijdse argwaan en misverstanden in vertaling. Die lezing miskent de nietsontziende moordpartij die volgde op de eerste schotenwisseling.

Over de na afloop toegekende ere-medailles woedde jarenlang een morele en politieke strijd. Lakota-activisten hebben steeds meer weerklank gevonden voor hun oproep de Medals of Honor in te trekken. Pogingen van de Senaat van South Dakota tijdens Trumps eerste termijn om de medailles te laten heroverwegen stuitten op staatsrecht: de president gaat erover, als opperbevelhebber.

Twee overlevenden van het bloedbad bij Wounded Knee ontmoeten in Washington de ‘commissioner of Indian Affairs’, in 1938. Foto AP

Trumps opvolger Biden besloot wél tot een onderzoek, dat in 2024 het advies opleverde de medailles te handhaven. De vijf leden van de onderzoekscommissie stemden volgens departementale lijnen: drie afgevaardigden van Defensie waren tegen intrekken, twee van Binnenlandse Zaken vóór. Een officieel besluit bleef uit, Hegseth nam dat alsnog.

Tegen de onderscheidingen gelden niet alleen morele bezwaren. De motivatie ervoor was veelal vaag („moed in de strijd”), soms concreter („moed tegenover indianen verscholen in een ravijn”). Eén van de gedecoreerden, die de artillerie coördineerde, werd later hoogleraar krijgskunde aan MIT in Cambridge.

Critici wijzen ook op het buitensporige aantal medailles dat werd toegekend: evenveel als na de veldslag bij Antietam (1862) in de Burgeroorlog, met bijna 23.000 doden en gewonden de bloedigste dag in de Amerikaanse geschiedenis.

Kritiek klonk ook in het leger, al direct. Generaal Nelson A. Miles, bevelhebber van de troepen maar niet aanwezig bij het bloedbad, sprak in een brief aan zijn vrouw van „een afschuwelijke, misdadige militaire blunder en een afgrijselijke slachting van vrouwen en kinderen”.

Miles, ook bezorgd om zijn eigen reputatie, liet het er niet bij zitten en nam formele stappen tegen de verantwoordelijke officier in het veld, kolonel James Forsyth. Het daaropvolgende militair onderzoek pleitte Forsyth volledig vrij, grotendeels op basis van verklaringen van zijn ondergeschikten. Toenmalig minister van Oorlog Redfield Proctor keerde zich vierkant tegen Miles. Hij betreurde de „kleine familieruzie”, die nu gelukkig was beslecht.

Daarmee was het officiële verhaal over Wounded Knee gevestigd: de indianen waren begonnen met schieten, de dood van vrouwen en kinderen was onbedoelde nevenschade, omdat ze zich ophielden tussen de mannen en in kleding niet goed van hen te onderscheiden waren.

Historici betwisten beide beweringen. Na het eerste schot openden de militairen het vuur, schrijft Heather Richardson in haar boek over de gebeurtenis, Wounded Knee (2010). De vrouwen en kinderen waren in de voorhoede gescheiden van de mannen, de meesten werden later in de strijd of achtervolging gedood.

Miles, een gerespecteerde veteraan, bleef zich vergeefs inzetten voor de slachtoffers. Kranten aan de Oostkust uitten kritiek op het leger en eisten hervormingen in het bestuur van inheemse reservaten (niet de lokale kranten, waarvan een schreef dat het beter zou zijn meteen alle indianen uit te roeien.

Minister Pete Hegseth tijdens een bijeenkomst met zijn hoogste militairen, eerder deze week. Foto Andrew Harnik/Getty Images/AFP

Minister Hegseth zei dat hij „niet politiek correct maar historisch correct” wil zijn. Hij doet het tegenovergestelde, in een poging het leger naar zijn politieke ideaal te kneden.

NIEUW: Geef dit artikel cadeauAls NRC-abonnee kun je elke maand 10 artikelen cadeau geven aan iemand zonder NRC-abonnement. De ontvanger kan het artikel direct lezen, zonder betaalmuur.

Schrijf je in voor de nieuwsbrief NRC Wetenschap

Op de hoogte van kleine ontdekkingen, wilde theorieën, onverwachte inzichten en alles daar tussenin

Source: NRC

Previous

Next