Taalvernieuwing De Jeugd van Tegenwoordig viert zijn 20-jarig jubileum met een concertreeks in de Ziggo Dome. Wat verklaart hun langdurige aantrekkingskracht? „Ze lappen niet alleen regels aan hun laars, ze maken hun eigen regels.”
De Jeugd van Tegenwoordig met de bandleden Faberyayo (Pepijn Lanen, links), Willie Wartaal (Olivier Mitshel Locadia, midden), Vieze Fur (Alfred Tratlehner, rechts).
‘Props voor de Heist-Rockah!”, roept Freddy Tratlehner (Vjèze Fur) op ‘Watskeburt?!’, de doorbraakhit van De Jeugd van Tegenwoordig uit 2005. „Je bent een sjembek dat zeurt, maar je weet niet watskeburt!” Toen dat nummer uitkwam zat ik nog op de basisschool, en in de brugklas was de track ‘Hollereer’ de ringtone van mijn uitschuiftelefoontje. Ik had nog niet helemaal door wat het allemaal betekende, maar ik was verknocht aan de muziek van De Jeugd. Twintig jaar later is dat nog steeds zo, en daarin ben ik niet alleen: ter ere van hun twintigjarig jubileum staat De Jeugd van Tegenwoordig drie avonden op rij in de Ziggo Dome. Wat verklaart die langdurige aantrekkingskracht?
„Je kan heel veel zeggen over de teksten van De Jeugd, maar een groot deel is natuurlijk gewoon de beats”, zegt Olivier Locadia (Willie Wartaal) in een documentaire van de VPRO uit 2015. „Als de beats nep waren, of niet eens nep, maar als de beats middelmatig waren, zou het niet zo succesvol zijn als het nu is.” Die beats ja, van producer Bas Bron, dat zijn meer elektrobeats dan hiphopbeats, meer four-to-the-floor dan boom bap, meer om op te dansen dan om op te hoppen.
Maar waar De Jeugd van Tegenwoordig vooral bekend om is geworden zijn hun teksten, vol met ingenieuze taalspelletjes, vervormingen en versmeltingen van oude en het bedenken van nieuwe woorden. De Volkskrant riep ‘Watskeburt?!’ in 2024 dan ook uit tot beste Nederlandstalige nummer aller tijden, Pepijn Lanen (Faberyayo) won in 2020 de Lennart Nijghprijs voor beste tekstdichter en de groep kreeg dit jaar de Edison oeuvre-award toegekend.
Volgens letterkundige Aafje de Roest, die cum laude promoveerde op een onderzoek naar Nederlandstalige hiphop, zit de kracht van De Jeugd vooral in hun talent om als vernieuwende taalvirtuozen een breed publiek te bereiken. „Hun eclectische sound vernieuwde de hiphop door house, pop en rap te vermengen: dansbaar en catchy, maar ook inhoudelijk en gelaagd. Dat spreekt heel veel mensen over generaties heen aan. Vanuit academisch perspectief is de postmoderne combinatie van ironie en absurdisme interessant.”
De Roest noemt als voorbeeld de track ‘Sterrenstof’: „Dat is een heel harde track die veel mensen kennen en graag meezingen, maar die heeft ook een diepere en existentiële laag.” ‘Sterrenstof’ is catchy als weinig andere nummers dat zijn, maar tegelijkertijd is Willie Wartaal er openhartig over de zware jeugd die hij heeft gehad, en Faberyayo schuwt de meer sombere kant van zijn bestaan erop niet.
Concert van De Jeugd van Tegenwoordig op Lowlands in 2023. Foto Andreas Terlaak
Ook het nummer ‘Tante Lien’ is zo’n nummer dat op eerste gezicht toegankelijk is (leuk melodielijntje, grappig refrein, een echte oorwurm), maar waar een diepere laag in zit, vertelt De Roest. „Aan de ene kant wordt er een beeld gecreëerd van Tante Lien als hotte en aantrekkelijke vrouw, maar aan de andere kant wordt ze ook neergezet als enorm authentiek, als autonome vrouw, heel echt en oprecht. Een vrouwbeeld dat toch ook emancipatoir is, en door middel van humor en ironie de ruimte in wordt geslingerd.”
Volgens De Roest ligt die diepere laag er niet dik bovenop, omdat De Jeugd het spel van ‘signifying’ beheerst: „Ze voorzien bestaande woorden van nieuwe betekenissen, spelen met dubbelzinnigheid en ambiguïteit. Dat zien we vaker in hiphop, maar zij doen het op een unieke manier.”
Daar is Marc van Oostendorp, hoogleraar aan de Radboud Universiteit in Nijmegen, het mee eens. Hij volgt De Jeugd al sinds het begin, en voor Trouw recenseerde hij recentelijk het Tekstboek Jeugd (Nijgh & Van Ditmar), met álle teksten. „De Jeugd heeft spelen met taal gepopulariseerd. Daarin zijn ze niet de enigen en ook niet de eersten, dat deed bijvoorbeeld Drs. P in de vorige eeuw al veel, maar De Jeugd heeft hoorbaar plezier met taal. Dat is aanstekelijk. Natuurlijk zitten er ook wat flauwe woorden in de categorie ‘bitches’ bij, maar De Jeugd is opzwepend anarchistisch in hun gebruik van taal: ze lappen niet alleen regels aan hun laars, ze maken hun eigen regels. Rijm is belangrijker dan uitspraak, bijvoorbeeld.”
Of De Jeugd de Nederlandse taal ook andersom heeft beïnvloed, is moeilijk te zeggen. Het gebeurt volgens Van Oostendorp heel weinig dat er een woord de taal in sluipt dat aanwijsbaar door iemand is verzonnen. „Dus of De Jeugd echt woordelijke impact heeft gehad op de taal: nee, maar ze hebben duidelijk invloed gehad op een soort bevrijding van de taal, in de speelsheid ervan. Daar leent onze taal zich ook goed voor. Het Nederlands onderscheidt zich daarin van veel andere taalculturen in Europa. In Frankrijk zijn ze bijvoorbeeld veel krampachtiger met grammatica en spellingsregels, die streng bewaakt worden door instituten als de Académie Française. Wij zijn veel losser en vrijer in de omgang met onze taal. De Jeugd speelt daar zeker een rol in, in het uitdragen dat taal iets is waar je zin in kan hebben.”
Maar toch, voor de leek kan al dat spel ook als wartaal klinken. Vooral in de begindagen werd de muziek van De Jeugd nog vaak weggezet als grappen en grollen, en de mannen zelf stoned of aan de drank. Ook in interviews deden ze weinig om van die naam af te komen. In 2012 werd er in een uitzending van talkshow Pauw & Witteman melding gemaakt van het feit dat studenten scripties over hun teksten zouden schrijven. Dat vonden de mannen een bijzondere eer, maar toch ook overdreven.
Al heeft Faberyayo de scriptie wel gelezen, vertelt Annebel Nillessen Blaauw nu aan de telefoon. In 2011 deed zij, voor haar master Communicatiewetenschappen aan de Rijksuniversiteit Groningen, onderzoek naar de eerste drie albums van De Jeugd. „Dat doet het nog steeds goed op feestjes.”
Toen Blaauw, inmiddels PR-expert, tijdens haar studie met vrienden in de auto naar Frankrijk zat, kreeg ze een discussie met een van hen over wat Faberyayo nu precies zegt op de track ‘Hollereer’: haal me uit je oor, dacht haar vriend. Een ander dacht ‘haal me uit je boy’ te horen. Blaauw hoorde ‘holler at ya boy’. Dat laatste klopte, maar ontcijferen wat die gasten nou precies rapten, dat was wel een soort algemene sport onder jongeren toen, vertelt Blaauw aan de telefoon. Ze raakte erdoor gefascineerd, transcribeerde voor haar scriptie 34 teksten op gehoor en ontdekte een diepere gelaagdheid.
Pepijn Lanen tijdens een concert van De Jeugd van Tegenwoordig op Lowlands. Foto Andreas Terlaak
„Als je niet beschikt over de vereiste voorkennis om te weten waar ze het over hebben, kan het klinken als wartaal. Maar als je op drie albums telkens weer zinnen hebt als ‘Verenig de Naties / ik ben aan aan als Kofi’ (op ‘Flap Flap’) of ‘Twee gezichten, één formule als Lauda en Nikki’ (op ‘Watskeburt?!’) dan kun je niet meer volhouden dat het toeval is of dat ze gewoon dronken waren. Nee, het is structureel: ze maken gebruik van het taalkundige blending-principe. Elementen uit verschillende, zogeheten ‘mentale ruimtes’ worden samengebracht tot een nieuwe, geblende ruimte, waarin nieuwe, onverwachte betekenis ontstaat.”
Ande Cremers, neerlandicus en taalwetenschapper, deed onderzoek naar het spelen met taal in het gebruik van afkortingen onder studenten en de inzet van accenten in muziek. „Taalgebruik is een manier om identiteit uit te drukken”, vertelt Cremers. „Bij De Jeugd van Tegenwoordig zie je dat hun speelsheid met taal ook de speelsheid van hun imago weerspiegelt. Hoe ze zich kleden, zich uiten, en hoe ze willen voorkomen: taal is een van de factoren van die identiteit.” Die dynamiek is vergelijkbaar met wat er onder studenten gebeurt. „Studenten nemen vaak taalgebruik over van groepen waarmee ze zich willen identificeren. Door dezelfde woorden, ‘afko’s’ of uitdrukkingen te gebruiken, proberen studenten ‘erbij te horen’, als het ware.”
„In dat proces van taalvernieuwing spelen early adapters een grote rol, mensen die een katalysator vormen. De Jeugd is daar een goed voorbeeld van. Hun taalgebruik wordt overgenomen, zelfs door mensen die geen fans zijn.” Maar of dat speelse taalgebruik blijvende invloed op de Nederlandse taal heeft, weet ook Cremers niet: „Associaties veranderen vaak snel. Afkortingen verliezen bijvoorbeeld hun aantrekkingskracht hoe meer media er artikelen over schrijven. Dan is het al gauw niet cool meer.” Daar lijkt De Jeugd van Tegenwoordig dan weer geen last van te hebben.
20 jaar De Jeugd van Tegenwoordig, 2, 3 & 4 oktober, Ziggo Dome, Amsterdam (uitverkocht). Info: Ziggodome.nl
NIEUW: Geef dit artikel cadeauAls NRC-abonnee kun je elke maand 10 artikelen cadeau geven aan iemand zonder NRC-abonnement. De ontvanger kan het artikel direct lezen, zonder betaalmuur.
Source: NRC