John Searle (1932-2025) | Taalfilosoof John Searle ontwikkelde een communicatieve, op werkelijkheid geënte taalfilosofie. Gedachten hebben een bedoeling, vond hij. Daarom is wat computers doen geen denken.
John Searle, hier bij een bezoek in Nederland in 1994.
„Hoe komen we van elektronen naar verkiezingen en van protonen naar presidenten?”, schreef filosoof en emeritus hoogleraar aan Berkeley John Searle (1932-2025) in het voorwoord van zijn boek Making the Social World uit 2010.
Het was een kenmerkende vraag voor een filosoof die zijn leven wijdde aan het kleine, maar daarbij nooit het grote uit het oog verloor. De Amerikaanse denker ontwikkelde een steeds complexere visie op taal en werkelijkheid die nog altijd invloedrijk is in discussies in met name de cognitiewetenschappen en kunstmatige intelligentie. John Searle overleed op 17 september op 93-jarige leeftijd.
Als zoon van een elektrotechnicus en huisarts, begon Searle zijn studie filosofie aan de Universiteit van Wisconsin-Madison. Dankzij een prestigieuze beurs belandde hij in Oxford, waar hij in 1959 op 27-jarige leeftijd promoveerde op de taalfilosofie bij de wetenschapsfilosoof en logicus Peter Geach. In die tijd begon hij met lesgeven, eerst aan Oxford, daarna aan Berkeley. Daar was hij halverwege de jaren zestig de eerste hoogleraar met een volledige aanstelling die zich openlijk mengde in de Free Speech Movement, een studentenrevolte die wilde breken met het verbod op politieke uitingen op de universitaire campus.
Vroeg in zijn carrière werkte Searle in zijn bekendste boek, Speech Acts (1969), een taalfilosofisch onderscheid uit dat was bedacht door J.L. Austin, dat van ‘taaldaden’. Naast de talige uiting die we horen of lezen, de locutie, onderscheidde hij met Austin de illocutie van een zin — dat wat er ‘gedaan’ wordt met de zin, zoals beweren, vragen, beloven of preken — en wat ze noemden de perlocutie, het effect van de taaldaad in de werkelijkheid. De leraar die een klas zegt ‘het is pauze’ (locutie en illocutie), máákt het pauze (perlocutie). Zoals de dominee die een huwelijk voltrekt door de woorden ‘ik verklaar u man en vrouw’ uit te spreken.
Die communicatieve, op werkelijkheid geënte taalfilosofie maakte Searle een bekendheid in de filosofische wereld. Het zou ook de aanleiding worden voor een van de bekendste polemieken uit de moderne wijsbegeerte, die tussen Searle en de Frans-Algerijnse denker Jacques Derrida in de jaren zeventig en tachtig. Derrida, die niet veel op had met de analytische traditie waar Searle in stond, vroeg zich af wat, als dergelijke taalopvattingen hout snijden, dan nog de rol zou zijn van de handtekening of eigennaam onder officiële documenten - wat ‘doen’ die daar dan?
Jaren later zou Searle de Franse school waartoe Derrida behoorde ‘continentaal obscurantisme’ verwijten: denkers in die stroming zouden volgens hem in het Franse publieke debat niet serieus genomen worden als niet ten minste een deel van hun theorie vrijwel onleesbaar zou zijn. Die onleesbaarheid maakte hen salonhfähig voor de Franse bohème.
Hoewel die intellectuele strijd nooit beslecht werd in het voordeel van een van de twee — het bleef vooral bij schimpscheuten over en weer — onderstreepte de polemiek eens te meer de grote vragen zoals die sinds de ‘wending naar taalfilosofie’ begin twintigste eeuw bestonden: naar de essentie en oorsprong van taal, de relatie tussen betekenis en interpretatie en de talige grenzen van kennis.
Searles latere werk richtte zich op wat ‘intentionaliteit’ of de ‘gerichtheid’ van het denken wordt genoemd. Gedachten en gebeurtenissen zoals wij die onderscheiden, hebben ‘aboutness’, een zekere representatieve inhoud, schrijft hij in Intentionality (1983). Ze gaan ergens over. Computers — of in het verlengde daarvan kunstmatige intelligente systemen — hebben die intentionaliteit niet. Ze gaan, strikt genomen nergens over, omdat het gesloten, niet op de werkelijkheid gerichte systemen zijn.
Om dat punt te maken bedacht Searle zijn bekendste gedachtenexperiment. ‘De Chinese kamer’. In een afgesloten kamer — dat is de machine — zit een persoon die Chinese talen niet machtig is, maar wel de beschikking heeft over een stijlboek met daarin voor iedere Chinese zin die hij krijgt, het corresponderende antwoord in het Chinees. Buiten de ruimte geven twee personen die wél Chinees spreken de machine in losse zinnen input. Ze weten niet wat zich in de kamer afspeelt, maar krijgen wel steevast de juiste output. De vraag is dan: mogen zij concluderen dat degene die in de kamer zit de Chinese taal begrijpt?
Searle antwoordt met een volmondig nee. Antwoorden op basis van een voorgeschreven set regels hebben geen ‘bedoeling’; ze missen intentionaliteit, kennen naast de locutie geen illocutie. Ze gaan nergens over. Hoe triviaal die conclusie ook klinkt, het gedachtenexperiment van Searle is nog altijd een hobbel voor de interpretatie van de complexere algoritmen die ten grondslag liggen aan taalmodellen als ChatGPT. De stappen die zo’n programma intern aflegt om tot een antwoord te komen, gaan ons als gebruiker simpelweg te boven. Maar is dat intelligentie — en zo ja, waarom?
Zijn bijdragen aan de filosofie leverden Searle in 2004 onder meer de National Medal of Humanities op. Dat jaar kreeg hij ook de eerbiedwaardige Mind and Body Prize van het centrum voor cognitiewetenschappen van de universiteit Turijn. In 2019 werd hij door de American Philosopher’s Association onderscheiden met de Quinn Prize, voor zijn levenslange bijdragen aan de filosofie.
In 2016 nam een van Searle’s oud-studenten contact op met (nieuws)medium Buzzfeed over vermeend seksueel grensoverschrijdend gedrag. Searle was al met emeritaat, maar doceerde nog altijd een groot deel van het curriculum in Berkeley. Hoewel de details nooit publiek zijn gemaakt, leidde de klacht ertoe dat de universiteit Searle’s eredoctoraat en bevoegdheden op de campus introk.
NIEUW: Geef dit artikel cadeauAls NRC-abonnee kun je elke maand 10 artikelen cadeau geven aan iemand zonder NRC-abonnement. De ontvanger kan het artikel direct lezen, zonder betaalmuur.
Op de hoogte van kleine ontdekkingen, wilde theorieën, onverwachte inzichten en alles daar tussenin
Source: NRC