De premier: „Ik begrijp niet waarom u hier zo negatief en vervelend over doet. (...) Laten we blij zijn met elkaar! Laten wij optimistisch zijn! Laten we zeggen: Nederland kan het weer! Die VOC-mentaliteit, over grenzen heen kijken, dynamiek! Toch?”
In 2006, ook tijdens de Algemene Politieke Beschouwingen, reageerde toenmalig premier Jan Peter Balkenende (CDA) op toenmalig Kamerlid Femke Halsema (GroenLinks), die volgens hem de „opbloei van werkgelegenheid” veel te somber inzag.
Dus ook toen al, die roemruchte VOC-letters, die afgelopen zaterdag 20 september prijkten op zogeheten ‘Prinsenvlaggen’, die weer mee werden gezeuld tijdens de anti-asieldemonstratie in Den Haag; een demonstratie die naadloos overliep in extreme gewelddadigheden. Enfin, we praten er nog steeds over.
Ik kon mijn journaalogen niet geloven toen ik daar echt VOC zag staan in het zwierigste lettertype. „Ongehoord” inderdaad, zoals de Haagse burgemeester Jan van Zanen zei. „Ongekend en Nederland onwaardig.” Helemaal waar. Maar die flirt met of zelfs omarming van de VOC is in Nederland bepaald niet onbekend.
Ik wil geloven dat Balkenende niet uit was op een verheerlijking van slavernij en kolonialisme; dat hij de handelsgeest wilde bezingen, en het ‘stoere jongens, ferme knapen’-refrein. Ook toen al, in 2006, werd er met verbijstering op zijn woordkeuze gereageerd. Maar zoveel is er veranderd, dat ik geen CDA-premier die woorden nog eens in de mond hoor nemen – al twijfel ik sterk bij een PVV-premier. VOC klinkt nu meteen naar ‘Sieg heil’ en ‘Nederland blank.’ Die Prinsenvlag stond trouwens ook aan de basis van de Zuid-Afrikaanse nationale vlag onder de Apartheid, van 1948-1994.
Er viel in 2006 al weinig onschuld te vergeven, hooguit een verbazingwekkende onwetendheid van de premier, en die onschuld is er nu definitief vanaf. Dat is de enige winst die ik zie.
Voordat #MeToo wereldwijde bekendheid kreeg als beweging tegen seksueel grensoverschrijdend gedag, bestond in de sociologie al langer het MeToo-concept: het betekende zoveel als het annexeren van andermans grieven, om die vliegensvlug ook tot de jouwe te maken. Een vorm van imitatiegedrag, leentjebuur spelen: die grieven konden terecht zijn of niet, maar het viel op dat ze pas geuit werden als het andere voorbeeld was gesteld. 13 september 2025 was er de grote anti-immigratiemars in Londen, zo’n 150.000 mensen liepen mee. Een week later demonstreert Den Haag tegen asielzoekers, tegen AZC’ en voor ‘Wij zijn Nederland’ - en die anderen dus niet. De afgelopen week volgden protesten tegen AZC’s in Hoofddorp, Noordwijk en Doetinchem. Londen nog in het geheugen, en met een beetje goede wil ook nog een herinnering aan de Capitoolbestorming in Washington DC, in 2021. Het kon daar, het kan ook hier, het is wereldwijde trend, wij doen mee met de grote mensen.
Enkel copy-paste? Geen terechte zorgen die eraan ten grondslag liggen? Het treft dat verreweg de grootste partij van Nederland niet anders doet dan asiel- en migratiezorgen bespreken, bespelen en bepotelen. Ook de VVD en BBB liggen plat op de grond om een luisterend oor te bieden aan de verwijten van dit ‘ongehoord Nederland’. Het wordt massaal beluisterd.
Bij al die terechte en onterechte zorgen wordt altijd het plezier vergeten van het samen marcheren in zo’n wereldwijde beweging: in de jaren 60 was het make love, not war en nu is het grimmig en oorlogszuchtig: het anti-migratiesentiment is een mondiale hit. Je wilt niet achterlopen, het lulletje rozenwater van de wereld zijn. Het nieuwe links is rechts!
Bestaat er zo’n wereldgeest, zo’n wereldhumeur? Wij mensen zijn imiterende wezens, en niemand raakt graag achterop. Voorlijk willen we zijn. Naast al die andere, diepe en ongetwijfeld fundamentele oorzaken – vlak ook het modieuze aspect niet uit.
NIEUW: Geef dit artikel cadeauAls NRC-abonnee kun je elke maand 10 artikelen cadeau geven aan iemand zonder NRC-abonnement. De ontvanger kan het artikel direct lezen, zonder betaalmuur.
Source: NRC