De huisarts komt veel minder aan huis dan vroeger: 'Niet meer houdbaar'

De huisarts komt veel minder aan huis dan vroeger: 'Niet meer houdbaar'

Zorg- en onderwijsverslaggever
"Visites zijn een van de voorrechten van het vak", vindt huisarts en praktijkhouder David Schaap. "Bij iemand thuis zie je veel meer dan op de praktijk: je begrijpt veel beter wat er gebeurt, wat er misgaat en waar iemand vandaan komt", zegt hij tegen NU.nl. "Maar het is onhoudbaar geworden om ze ruimhartig in te plannen."
In 2011 legden huisartsen nog ruim 207 huisbezoeken af per 1.000 ingeschreven patiënten. Afgelopen jaar waren dat er nog maar 98.
Vooral het aantal zogeheten korte visites van minder dan twintig minuten daalde sterk: met 70 procent. In de onderstaande grafiek is te zien hoe het aantal korte en lange visites is afgenomen.
Sociale reden voor visite
Huisartsen hebben verschillende redenen voor huisbezoeken in plaats van een consult in de praktijk. Behalve omdat een patiënt bijvoorbeeld bedlegerig is, kan een bezoek ook een sociale functie hebben.
Als iemands huis een bende blijkt te zijn of koffiezetten niet meer lukt, kan dat iets zeggen over een achteruitgaande mentale gezondheid. Ook vertellen patiënten thuis, in hun vertrouwde omgeving, soms meer dan tijdens een consult in de praktijk.
"Vroeger ging ik nog weleens bij ouderen langs om even te kijken hoe het ging en een praatje te maken", vertelt huisarts Chris Nijdam. "Ik merk dat dat door de toegenomen werkdruk er een beetje bij inschiet. Ik vind dat wel jammer. Je signaleert problemen eerder door thuisbezoeken en kunt dus eerder ingrijpen."
Huisartsen krijgen het steeds drukker: ze hebben meer ingeschreven patiënten, meer zorgvragen en meer consulten. Om zo veel mogelijk mensen te helpen, is het vaak efficiënter om patiënten naar de praktijk te laten komen dan hen thuis te bezoeken.
Reistijd niet uitbetaald
Bovendien groeien de inkomsten van huisartsenpraktijken niet in hetzelfde tempo als de toegenomen werkdruk. "Je probeert daardoor efficiënter te werken. Je wordt scherper op wie je thuis bezoekt en wie je naar de praktijk laat komen", vertelt Schaap. "Voor een 'korte' visite ben je inclusief reistijd al gauw 30 tot 40 minuten kwijt. Daar krijg je dan 19,77 euro voor."
Puur financieel is het voordeliger een patiënt naar de praktijk te laten komen voor een consult. Dan kan een huisarts 13,18 euro declareren voor een kwartier werk. In de tijd die een huisbezoek kost, kan een huisarts zo'n drie patiënten op de praktijk zien.
Zo'n declaratiebedrag heeft geen invloed op het directe inkomen van de huisarts zelf. Maar een huisartsenpraktijk moet wel financieel gezond en in balans blijven qua inkomsten en uitgaven.
Nijdam: "Dat kostenplaatje is nooit de reden dat ik minder visites rijd, hoor. Als een oude baas van tachtig een longontsteking heeft, ga ik er gewoon heen. Dan verwacht ik echt niet dat die naar de praktijk komt."
"Maar als ik dan lange tijd met hem bezig ben geweest en vervolgens in het systeem op 'declareren' druk, denk ik wel: dit dekt de tijdsinvestering niet."
Mogelijk corona-effect
De toegenomen werkdruk en de tarieven lijken niet de enige verklaring voor de afname van het aantal huisbezoeken. Mogelijk speelt ook een 'corona-effect' een rol. Nederlanders leerden tijdens de pandemie terughoudender te zijn met contact met hun huisarts, zegt Joost Vanhommerig van onderzoeksinstituut Nivel.
Ook lijken ouderen tegenwoordig mobieler dan vroeger. "Ze kunnen volgens mij gemakkelijker regelen dat ze worden gebracht en gehaald. Dat hebben we denk ik ook aan de pandemie te danken. Ik spreek zelfs weleens huisartsen die zeggen: 'Als iemand nog naar de kapper kan, kan hij of zij ook naar de huisartsenpraktijk komen'."
Nijdam: "Bij ons is 'ik kan niet naar de praktijk komen' meestal geen reden meer voor een visite. Mensen worden echt gemotiveerd om toch naar ons toe te komen. Ook omdat we hier bijvoorbeeld bloed kunnen prikken."
POH's nemen deel van huisbezoeken over
Ruim vier op de tien huisartsenpraktijken heeft tegenwoordig een POH Ouderenzorg, een praktijkondersteuner die een deel van de huisbezoeken aan ouderen van de huisarts kan overnemen. Die bezoeken zijn niet meegenomen in bovenstaande cijfers en kunnen dus een deel van de daling verklaren.
Nijdam heeft zo'n ouderen-POH in zijn praktijk. "Maar ja, mensen die 'gewoon oud zijn' en niet per se heel veel zorg vragen, vallen daarbuiten", zegt hij. "Er moet wel iets spelen voordat een POH zo'n visite doet."
Vanhommerig denkt niet dat de kwaliteit van de zorg in gevaar is door het afgenomen aantal visites. "Tot dusver niet echt, voor zover ik kan zien. Ik denk dat er tegenwoordig beter wordt gekeken: wie heeft die visites echt het hardst nodig en wie kan alsnog zelf naar de praktijk komen?"
Taak voor mantelzorger
Toch wringt de schoen juist bij die haal- en brengconstructies, vindt Schaap.
"Er komt al steeds meer op de schouders van mantelzorgers terecht. Door de vergrijzing zijn er minder mantelzorgers en meer ouderen, maar het aantal plekken in bijvoorbeeld verzorgingstehuizen is niet meegegroeid. Je komt pas in een verpleegtehuis als het thuis absoluut niet meer gaat."
Zowel huisartsen als mantelzorgers hebben het dus drukker dan voorheen, doordat meer mensen thuis blijven wonen die vroeger in een instelling zouden hebben verbleven. Schaap: "In theorie hebben deze mensen juist vaker een visite nodig. Terwijl wij in feite zeggen: vraag uw mantelzorger, uw kinderen, of ze u kunnen brengen."
Kim Einder is zorg- en onderwijsverslaggever
Kim schrijft over de grote ontwikkelingen in de Nederlandse gezondheidszorg en het onderwijs. Wil je je ervaringen delen of heb je nieuwstips of vragen? Mail Kim@nu.nl.
Eerder
Lees meer over:
NUjij: Uitgelichte reacties
Aanbevolen artikelen
NUjij-reacties
930 reactiesLog in en lees reacties
Lees reacties, stel vragen aan de redactie, geef respect en praat mee over het belangrijkste nieuws.

