Home   2026-08-03 17:31:33

Op zoek naar zijn baasje leert de onstuitbaar positieve Rebel dat het leven niet altijd over rozen gaat

Original article

De hond Rebel is zielsgelukkig met ‘zijn jongen’, de 12-jarige schaapherder Tom, die hem als bibberende pup heeft gered uit de sneeuw. Elke dag is perfect, van het ontbijt met stiekem gedeelde stukjes spek tot het samen in bed kruipen na een dag in de bergen. Maar dan besluit Tom zich aan te sluiten bij een verzetsgroep. Rebel mag niet mee.

De titel, het omslag en het juichende eerste hoofdstuk zetten de lezer een beetje op het verkeerde been: Ik heet Rebel van Ross Montgomery is het verhaal van een boerenopstand in een middeleeuwse wereld. Een wrede koning vraagt zo veel belasting dat hongersnood dreigt. Tom is boos op zijn ouders, die het misbruik lijdzaam ondergaan.

Rebel kan niet braaf blijven en gaat Tom achterna. Onderweg ontmoet hij Sjaak, een varken dat naar de slachtbank moet, slaapmuis Felix, die zijn vrouw kwijt is, en ezelin Parel, die niets anders verlangt dan haar blauwe dekentje. Ieder van zijn nieuwe vrienden helpt hem een stapje verder.

Kijken via zijn neus

Het is dit dierenperspectief dat Ik heet Rebel interessant maakt. De boerderijhond heeft nog nooit meer dan één huis bij elkaar gezien en is enorm onder de indruk van zijn eerste dorp. Van de ene in de andere verbazing vallend komt hij sluipenderwijs steeds dichter bij het slagveld en zijn baasje, zonder ooit van een mensengevecht getuige te zijn.

En natuurlijk ‘ziet’ Rebel de wereld vooral via zijn neus. Dat leidt niet alleen tot heerlijk opgewonden proza van iemand die intens geniet van het steeds veranderende reuklandschap, de wind en de natuur, maar ook tot praktische uitdagingen. Als de geur van Tom op een kruispunt ineens verdwijnt, snapt de lezer meteen dat de verzetshelden wel in een kar zullen zijn gestapt. Rebel moet daar nog achter komen. Die weet niet van wagens of wielen.

Uitstekende vertaling

Net als bij Montgomery’s boek Een klein wonder, dat dit voorjaar verscheen, ligt de vergelijking met de klassieke ridderwereld van De brief voor de koning van Tonke Dragt en De gebroeders Leeuwenhart van Astrid Lindgren voor de hand. Liefhebbers daarvan zullen ook deze schrijver waarderen, al gaat zijn werk minder diep. Pauline Michgelsen levert een uitstekende vertaling, maar worstelt soms met het onstuitbaar positieve hondje. Rebel blijft, wat er ook gebeurt, liefde en vriendschap blaffen.

Gelukkig biedt zijn onvrijwillige reisgenoot Jaxon tegenwicht: een chagrijnige zwerfhond die nooit een baas heeft gehad en vrijwel tot de laatste bladzijde niets van de in zijn ogen verwende en naïeve Rebel moet hebben. Jaxon laat Rebel – letterlijk en figuurlijk – bloed proeven en inzien dat het leven niet altijd over rozen gaat.

In gesprek met Jaxon komen grote vragen aan de orde. Is een hond met een baas wel vrij? En wat is de prijs van échte vrijheid? Hij is het die Rebel, die zo graag braaf wil zijn, helpt om zijn Ware Hond te ontdekken. Als dat boven alle verwachting lukt, blijkt Rebel tot onvermoede prestaties in staat. Misschien is het dan toch niet zo erg om af en toe stout te zijn.