Home   2026-08-03 17:31:33

Wonderlijk hoe boosheid zich richt op mensen die getuige zijn van iets vreselijks, en toevallig op een foto staan

Original article

U hebt deze foto ongetwijfeld al een keer gezien, was het niet in de Volkskrant, dan wel ergens online. Nadat hij op vrijdag 24 juli in het door natuurbranden geteisterde zuidwesten van Frankrijk was gemaakt, vloog hij de wereld over, zoals dat gaat wanneer een beeld op het juiste moment de juiste symbolische zeggingskracht heeft.

Maximilien Lamy, fotoredacteur bij AFP en amateurfotograaf, was met zijn gezin op vakantie toen hij dit apocalyptische tafereel aantrof. Twee strandgangers zitten onder een parasol op het strand aan het meer van Lacanau. Ze ogen, ook al werden ze van achteren gefotografeerd, redelijk onbekommerd, terwijl aan de overkant van het water een felle brand woedt en een enorme rookpluim de lucht verduistert als in een onheilsfilm. Lamy, die intussen al talloze keren werd geïnterviewd, zag de symboliek meteen. Hij legde het stel vast met zijn telefoon en stuurde de foto’s door naar zijn collega’s bij AFP.

Symbool van onze houding

Vooral deze foto vond zijn weg naar de redacties van de grote nieuwsmedia, The Guardian, The Wall Street Journal, The New York Times. Dit is een ‘allegorie’, schreef een journalist van de Franse krant Le Figaro. ‘De ramp neemt bijna het hele beeld in beslag en lijkt tegelijkertijd gek genoeg verbannen naar de achtergrond.’ Precies zoals ‘wij’ – vul in al naar gelang je wereldbeeld: de mensheid, de huidige machthebbers, de jongste dan wel de oudste generaties – naar het klimaatprobleem kijken: als iets wat zich in de periferie afspeelt en nooit echt belangrijk wordt.

De reacties gingen ook opmerkelijk verder dan dat. Er waren mensen die van Lamy wilden weten wie deze strandgangers waren en waarom ze daar zo relaxed naar de ondergang van de wereld zaten te kijken. Ik heb die mensen niet gesproken, zei de fotograaf, en bovendien, zo vertelde hij aan RTL Nieuws: ‘Ergens zou ik me willen verontschuldigen. Dit echtpaar is onbedoeld het symbool geworden van onze houding bij klimaatrampen.’

Lamys foto doet denken aan het beeld dat de Spaanse fotograaf Javier Bauluz in 2000 maakte aan de kust van Andalusië. Twee mensen, koelbox, badkleding, zitten samen onder een parasol, terwijl op de achtergrond het dode lichaam van een aangespoelde migrant in het zand ligt. Bauluz won er de Pulitzer Prize mee.

Het is hetzelfde principe: twee werelden in één beeld, het sterke contrast zet de foto onder hoogspanning. En ook 26 jaar geleden richtte de woede zich vooral op de anonieme mensen onder de parasol. Hoe konden die daar zo lekker zitten?

Ander voorbeeld. In 2006 won Spencer Platt de World Press Photo met een foto van vijf jonge, knappe Libanezen die in een open auto door een wijk in Beiroet rijden, nadat die door Israël is gebombardeerd. Ze maken foto’s van de ingestorte huizen op de achtergrond en ogen als verbaasde, verdwaalde toeristen in hun eigen, hedonistische bubbel. Ook hier: woedende reacties vanwege dat wat op de voorgrond van de foto is te zien.

Vier Libanezen nemen een kijkje in een verwoeste wijk van Beiroet.Bron Spencer Platt / Getty

Toevallig op de foto

Wonderlijk hoe dat werkt. Hoe die boosheid zich richt op de mensen die getuige zijn van iets vreselijks, en toevallig op een foto staan. Alleen wat betreft dat laatste verschillen ze van ‘ons’, de mensen die onmiddellijk klaarstaan met beschuldigingen en oordelen, omdat dat nu eenmaal makkelijker is. Maar haal de mensen op de voorgrond van de foto’s weg en je ziet een ramp, een brand, een groot menselijk drama, zoals we die dagelijks op het nieuws en in de krant voorbij zien komen.

We kijken ernaar en zijn verlamd. En ons geluk is, meestal, dat we op dat moment niet worden gefotografeerd. Maar de mensen op de voorgrond die het zicht ontnemen op wat er werkelijk aan de hand is – die zijn wij helaas allemaal.