Vlamingen doen groot onderzoek naar wat een vagina gezond maakt: hebben tampons en maandverband een effect?
Kleurrijke kaartjes met vulva-afbeeldingen sieren het prikbord in de gang bij de afdeling toegepaste microbiologie en biotechnologie van de Universiteit van Antwerpen. ‘Deze komen van deelnemers aan onze studie naar de bacteriën in de vagina. Toen ze hun stalen opstuurden, staken ze er zo’n kaartje bij’, vertelt hoogleraar Sarah Lebeer. ‘Zo van: ‘Merci dat jullie dit doen.’’
In 2020 plaatste Lebeer een oproep voor participanten uit heel Vlaanderen. Deelnemers zouden een kit met vragenlijst en wattenstaafjes thuisgestuurd krijgen om vaginaslijmvlies af te nemen. Lebeer hoopte op tweehonderd deelnemers, het werden er meer dan drieduizend.
Onderzoek naar de bacteriën op ons lichaam kennen we vooral van de darmen. Vergeleken met het darmmicrobioom komen de bacteriën in de vagina er bekaaid vanaf – ondanks hun cruciale rol bij allerlei infecties en aandoeningen.
Een ontregeld vaginamicrobioom hangt samen met schimmelinfecties en seksueel overdraagbare aandoeningen waaronder hiv en verhoogt de kans op het voorstadium van baarmoederhalskanker, omdat het HPV-virus zich beter weet te nestelen. Bovendien hebben vrouwen met zo’n ontregeld vaginamicrobioom meer vruchtbaarheidsproblemen en vroeggeboorten. Zoals studiedeelnemer Sara Theunynck het verwoordde: ‘Hoe kan het dat het 2025 heeft moeten worden voordat dit goed onderzocht werd?’
In de darmen geldt: meer verschillende bacteriesoorten is gezonder. Een gezonde vagina daarentegen wordt meestal gedomineerd door een specifieke soort van één type bacterie: melkzuurbacteriën, die met melkzuur schadelijke micro-organismen doden. ‘Ze vormen een verdedigingslinie’, zegt Lebeer.
Die melkzuurbacteriën doen het goed in de vagina dankzij oestrogeen en progesteron. Deze hormonen stimuleren de aanmaak van suikers in de vagina – het voedsel voor de melkzuurbacteriën. Daarom varieert het vaginale microbioom wat gedurende de menstruatiecyclus en neemt het aandeel lactobacillen af vanaf de menopauze, wanneer deze hormonen afnemen.
Ook vóór de overgang kunnen de melkzuurbacteriën de overhand verliezen, waarna schadelijke soorten het kunnen overnemen. Dit heet vaginale dysbiose, of vaginose. Vrouwen met vaginose hebben niet altijd symptomen, maar vaak hebben ze een branderig gevoel bij het plassen en een witte of grijze afscheiding die ‘visachtig’ kan ruiken.
Eigen resultaten
Uit de Vlaamse studie bleek dat bij zeven op de tien deelnemers het vaginamicrobioom stabiel is. Dit gold vooral voor vrouwen met veel melkzuurbacteriën (43 procent van de vrouwen in de Vlaamse studie).
Veranderingen hangen samen met onder meer voeding (suiker en vlees ongunstig, groenten gunstig), anticonceptie (gunstig), seks (grote ongunstige invloed), hygiëne en menstruatieproducten. Al deze factoren verklaren samen slechts 10 procent van de variatie. Waarschijnlijk speelt genetica ook een rol.
Lebeer beloofde de deelnemers dat ze elk hun eigen resultaten zouden ontvangen, om een indruk te krijgen van hun eigen vaginale microbioom. Ook communiceert het team uitgebreid over de studie op haar website. In 2023 verschenen de resultaten van de eerste fase van het onderzoek in Nature Microbiology.
Het team steekt veel tijd in vragen van deelnemers. Dat bracht hen op hun vervolgstudie: konden ze de menstruatieproducten verder onderzoeken? ‘Veel vrouwen hadden het sterke vermoeden dat die relevant waren’, zegt Lebeer. ‘En ze waren echt benieuwd naar de resultaten, voor zichzelf of voor hun dochters.’
De Antwerpenaren wilden honderd deelnemers vijf maanden achter elkaar steeds een ander menstruatieproduct laten gebruiken: tampons, synthetisch en katoenen maandverband, synthetisch menstruatie-ondergoed en menstruatiecups. Op drie momenten in hun cyclus zouden de deelnemers met een wattenstaafje slijmvlies afnemen en dat samen met hun gebruikte menstruatieproduct naar het lab in Antwerpen brengen. Lebeer: ‘Ik dacht, dat wordt supermoeilijk, want wie wil nu haar gewoonte veranderen? Dat is toch altijd een gedoe.’
Maar wederom liep het storm en slechts een heel klein deel zou onderweg afhaken. ‘De toewijding van de deelnemers is enorm’, zegt microbioloog Leonore Vander Donck, die pas op de studie promoveerde.
Deelnemer Debby De Waegeneer (31) zag meedoen als een kans om bij te dragen. ‘Het hebben van maandstonden hoort erbij, maar van alle alternatieven moet bekend zijn wat ze met je lichaam doen.’
Sara Theunynck (41), die zelf menstruatiecups gebruikt, vond het ‘verschrikkelijk’ om terug te gaan naar de andere producten. ‘Ik kreeg echt medelijden met de vrouwen die in de tijd leefden dat er alleen maar maandverband was. Echt horror.’
Meermaals zat ze te klooien met de ‘boekskes’ om de stappen te doorlopen. Ook het afleveren van haar materiaal, op de fiets met haar kind achterop, was een beproeving. Maar ze zette door. ‘Voor de wetenschap!’
Deze toewijding is mede te danken aan de onderzoekers zelf. Via het mobiele nummer van Leonore Vander Donck konden de deelnemers op elk moment praktische vragen appen over de procedures. En bij deelnemers die meldden hun materiaal niet te kunnen brengen, haalde Vander Donck dat hoogstpersoonlijk op. ‘Ze kwam er helemaal voor naar Gent’, zegt De Waegeneer. ‘Echt te zot.’
Vrouwengezondheid is lang enorm verwaarloosd, zegt Ina Schuppe Koistinen, die aan het Karolinska Instituut in het Zweedse Solna ook onderzoek doet aan het vaginamicrobioom. ‘Ik was behoorlijk geschokt toen ik in dit vakgebied begon te werken. Er is een enorme kenniskloof.’
Er wordt bijvoorbeeld meer geld gepompt in het ontwikkelen van remedies tegen mannelijke kaalheid dan in endometriose, waaraan 10 procent van de vruchtbare vrouwen lijdt. Dit is een chronische aandoening waarbij weefsel dat lijkt op het baarmoederslijmvlies buiten de baarmoeder groeit, wat leidt tot ontsteking en hevige pijn.
Vaginose wordt nog altijd met antibiotica behandeld, waarbij ook de goede bacteriën het loodje leggen. In de helft van de gevallen keert de aandoening terug, vertelt Schuppe Koistinen. ‘Sinds de jaren zestig zijn er geen nieuwe medicijnen bij gekomen.’
Menstruatiecups
Op basis van hun eerste analyse kunnen de Vlaamse onderzoekers over de menstruatieproducten een voorlopige conclusie trekken. De menstruatiecups kwamen het beste uit de bus, vanwege de minimale invloed op het vaginamicrobioom en de laagste mate van ontstekingen in de vagina. ‘Wat dan nog altijd niet betekent dat iedereen een menstruatiecup moet gebruiken’, zegt Vander Donck. ‘Maar voor wie steeds last heeft, kan het lonen om iets anders uit te proberen.’
Menstruatiecups zijn geen wondermiddel, want wie al een minder stabiel vaginamicrobioom heeft, krijgt dat door het gebruik van cups niet vanzelf hersteld. De onderzoekers benadrukken dat er ook andere redenen kunnen zijn om voor een product te kiezen. ‘Menstruatie-ondergoed absorbeert bijvoorbeeld het meeste bloed, wat praktisch is voor wie zwaar menstrueert’, zegt Vander Donck.
Ondertussen zijn de Belgische onderzoekers met buitenlandse universiteiten zusterprojecten begonnen in onder meer Kameroen en Peru. Daaruit kwam al een opmerkelijke bevinding: niet-westerse vrouwen hebben veel minder vaak een vaginamicrobioom gedomineerd door lactobacillen. De vraag is of bij hen andere bacteriën de vagina gezond houden, of dat er bij hen wel degelijk sprake is van ontregeling.
Vander Donck vermoedt het laatste. Bij een Keniaanse studie bleek dat meisjes die net menstrueren veel lactobacillen hebben, maar dat hun bacterieprofiel omslaat zodra ze seksueel actief worden. ‘Nu kijken onderzoekers of ze die switch kunnen voorkomen’, zegt Vander Donck. ‘Bijvoorbeeld door het gebruik van menstruatiecups en condooms te promoten.’
Mogelijk komt het verschil tussen westerse en niet-westerse vaginamicrobiomen doordat er in veel niet-westerse landen meer antibiotica worden voorgeschreven, die het vaginamicrobioom verstoren. Ook gebruiken in sommige tropische landen meer vrouwen vaginale douches met zout of zuur water. Op korte termijn pakken deze douches de schadelijke bacteriën aan, uiteindelijk verhogen ze juist de kans op vaginose en infecties. ‘Maar het is makkelijk praten als je uit een minder warm en vochtig land komt’, zegt Vander Donck.
Prijzig en langdurig
Wetenschappers zoeken naar manieren om een verstoord vaginamicrobioom te herstellen. De Antwerpenaren zetten net als veel anderen in op Lactobacillus crispatus, een melkzuurbacterie die vrijwel alleen in de vagina voorkomt. Een hoog aandeel crispatus hangt samen met een lagere kans op urineweginfecties (‘blaasontsteking’) en seksueel overdraagbare aandoeningen waaronder hiv en HPV-infecties.
Microbioloog Rosanne Hertzberger zette vanuit Stichting Crispatus met de Vrije Universiteit in Amsterdam en een aantal bedrijven een burgerwetenschapsproject op dat vergelijkbaar is met het Belgische initiatief. Zo’n vijftig vrouwen isoleerden in het lab hun eigen vaginale crispatusbacteriën.
Alleen: in Europa vereist vaginale toediening van een probioticum goedkeuring als medicijn – een prijzig en langdurig traject. Terwijl lactobacillus een lange geschiedenis van veilig gebruik heeft en bijna de helft van de vrouwen ze van nature bij zich draagt, benadrukt Hertzberger. ‘Als preventief middel horen ze thuis bij de drogist, niet bij de apotheek. Daar werken wij aan.’
Het is nog wel onzeker of crispatustoediening effectief zal zijn; twee recente studies die keken of het urineweginfecties kon verminderen en de kans op slagen bij ivf kon verbeteren vielen tegen, mogelijk omdat de bacterie na antibiotica werd toegediend. Eén kleinschalige, nog niet door collegawetenschappers beoordeelde publicatie biedt wel hoop: ontstekingswaarden en vroeggeboorten namen af.
Hertzberger onderzoekt alternatieve toedieningsvormen zoals tampons en crèmes. Maar ze bestudeert ook andere strategieën. ‘Als we de omstandigheden in de vagina kunnen optimaliseren waardoor crispatus het beter doet, vind ik dat ook goed.’
Een andere mogelijkheid is een gezond vaginamicrobioom ‘transplanteren’ – in navolging van poeptransplantaties die ziekenhuizen nu soms uitvoeren om darminfecties te verhelpen. Dat is complex: het oogsten van vaginale bacteriën is veel moeilijker dan uit de darmen. Plus: je wilt geen ziekteverwekkers of spermacellen overbrengen.
Het Deens bedrijf Freya Biosciences, heeft op dit vlak één succesverhaal gepubliceerd: een vrouw met meerdere miskramen en doodgeboorten zette na de transplantatie eindelijk een gezond kind op de wereld. Freya zet in op toediening van crispatus met andere gunstige bacteriën: ‘synbiotica’.
Dankzij investeringen van onder meer de Gates Foundation is het vaginamicrobioom niet meer het ondergeschoven kindje, zegt Hertzberger. ‘Mede hierdoor komen er straks ook zelftesten voor vaginale ontsteking.’
Moet iedereen met een vagina zo’n test gaan doen? Dat gaat Vander Donck wat ver. ‘Maar heb je bijvoorbeeld al meermaals onverklaarde miskramen of vroeggeboorten gehad, dan kan het een reden zijn om te kijken wat je eraan kunt doen.’
Vander Donck voelt zich in elk geval gesterkt om door te gaan. ‘Als je ziet hoe hard onze mailbox ontploft als we een nieuwe studie hebben. Het leeft gewoon.’
Lees ook
Geselecteerd door de redactie