Home   2026-08-03 17:31:33

Frank van de Wolde wil voorzitter van Pro worden: ‘Ik heb veel meegekregen van mijn moeder en oma, sterke linkse vrouwen’

Original article

Zo’n beetje alle cafés rond het Centraal Station van Utrecht kent hij inmiddels. Tientallen, nee, misschien wel honderden kopjes koffie dronk hij hier de afgelopen jaren. Minstens zo vaak was hij door het hele land te vinden in de zaaltjes bij lokale afdelingen van GroenLinks en de PvdA. Eerst als stille kracht, en daarna als een van de belangrijkste aanjagers van de fusie op links, wisselde hij daar van gedachten met partijgenoten, prominenten en voor- en tegenstanders van de samensmelting van de twee politieke partijen.

Ook in gesprek met de Volkskrant kiest Frank van de Wolde (33) voor een café op een steenworp afstand van winkelcentrum Hoog Catharijne. Kopjes koffie doet hij steevast met een cola zero. ‘Mijn vaste bestelling.’

Van de Wolde werd in 2014 lid van de PvdA en zag de partij sindsdien niet alleen verkiezingen verliezen, maar ook vergrijzen. Hij vreesde dat de sociaaldemocratie de aansluiting met jongeren zou verliezen en zette een intern talentenprogramma en coachingstraject op om nieuw talent te verleiden voor de linkse zaak te kiezen.

In maart 2021 zag hij de Kamerverkiezingen opnieuw desastreus verlopen: 9 zetels voor de PvdA, 8 voor GroenLinks. ‘Ik dacht: wat gebeurt hier?’, zei Van de Wolde vorig jaar in een reconstructie van de fusie. Hij schreef een manifest en richtte RoodGroen op: een actiegroep van jonge PvdA’ers, GroenLinksers en sympathisanten die met een grassrootsorganisatie de leden klaarstoomden voor de fusie.

Op het oprichtingscongres herinnerde partijleider Jesse Klaver een bomvolle zaal in de Brabanthallen eraan dat Van de Wolde moet worden gezien als een van de belangrijkste architecten van Progressief Nederland. Voor Van de Wolde was dat moment vorige maand er een van trots en erkenning. ‘Maar RoodGroen is meer dan alleen ik. En de fusie is ook meer dan alleen RoodGroen. Het is een project met vele vaders en moeders.’

Gaandeweg het fusietraject en na succesvolle pogingen om eerst de fracties te samensmelten en gezamenlijk de verkiezingen in te gaan, begon bij Van de Wolde voorzichtig het idee te ontstaan dat hij voorzitter van de fusiepartij wilde worden. Na de beslissende stemming in juni vorig jaar hakte hij de knoop door.

Frank van de Wolde
Frank van de WoldeBron Rebecca Fertinel

Waarom wil jij de eerste voorzitter van Pro worden?

‘Omdat ik geloof dat ik het kan. Ik heb de afgelopen jaren laten zien dat ik mensen bij elkaar kan brengen: GroenLinksers en PvdA’ers, voor- en tegenstanders. Ik heb visie. Ik geloofde in Progressief Nederland nog voordat het bestond. Ik ken de partij, ik ken de zaaltjes en ik ken de leden. Ik weet wat er speelt.

‘De afgelopen jaren zijn we druk geweest met de fusie, maar we zijn veel te defensief geweest. Veel te voorzichtig. Wat ik de afgelopen jaren in de zaaltjes heb gezien, is dat we te veel bezig zijn met iets wat we ooit waren, in plaats van wie we zouden moeten zijn en hoe we het land vooruit kunnen helpen. Het ging te vaak over hoe we een verloren prominent terug konden krijgen. We hebben er netto 35 duizend leden bij. Ik wil verder bouwen aan onze partij: organiseren en mobiliseren.

‘In Carnisse in Rotterdam is 20 procent van de mensen gaan stemmen, 80 procent niet. Of de mensen zich daar arbeider voelen of niet, maakt mij niet uit. Ik weet wel dat zij zich zorgen maken over hun wijk, over de betaalbaarheid van het leven. Dat zijn de mensen voor wie wij op aarde zijn.’

RoodGroen mengde zich de afgelopen jaren niet in politiek-inhoudelijke discussies. Intern overwogen jullie je uit te spreken over Gaza, maar jullie kozen ervoor het politieke kapitaal in te zetten voor de fusie, waardoor mensen zich kunnen afvragen waar jij staat. Vind jij dat Israël zich schuldig maakt aan genocide?

‘Ja, ik was ook bij de Rode Lijn-demonstratie. Ik vind dat we veel te lang hebben gewacht met de motie-Piri (een volledig wapenembargo tegen Israël, red.). Dit is een goed voorbeeld van waar we risicoavers zijn geweest. De samenleving was al veel verder, maar wij waren te bang om in een bepaalde hoek te worden geduwd.

‘Dit zijn onderwerpen die debat verdienen in de partij en dat hebben we de afgelopen jaren onvoldoende gedaan. Als ik voorzitter ben, zal ik daar ruimte voor creëren. De voet moet van de rem. Als wij een brede partij willen zijn met meer dan honderdduizend leden, dan moeten we goed worden in het oneens zijn met elkaar en vervolgens een besluit nemen en met elkaar verdergaan.

‘De enige manier om daar goed in te worden, is om het te doen. Ik wil dat faciliteren, er ruimte voor maken, en dat betekent ook dat ik als voorzitter soms zal zeggen: oké, nu is het genoeg geweest, we gaan verder.’

Hoe vind jij dat de linkse politiek er momenteel bij staat?

‘We gaan als Pro een nieuwe fase in. We moeten groter, ruimer en ambitieuzer zijn in hoe we politiek bedrijven. Campagnes zijn daar een essentieel onderdeel van. Dat gaat over media, met goede interviews geven aan de Volkskrant, met marketing en sociale media. Mensen zitten vier uur per dag op hun telefoon. Die moeten we bereiken.

‘Maar we moeten ook offline groter denken: bijeenkomsten organiseren, zoals voetbaltoernooien of barbecues. Het is misschien naïef van me, maar ik geloof dat mensen behoefte hebben aan gemeenschap. De individualisering loopt op haar laatste benen, mensen wíllen samen zijn.

‘Ik zie dat er rechtse partijen zijn, zoals FvD, die er met heel veel geld in slagen om gemeenschappen te bouwen waar mensen zich thuis voelen. Ik vind dat we daar een progressief antwoord tegenover moeten zetten.’

Welke doelgroep moet Pro aanspreken? De socialistische burgemeester van New York, Zohran Mamdani, zei onlangs in The New York Times dat zijn beleid erop gericht is het leven van de werkende klasse beter te maken. Dat zijn volgens hem alle mensen die moeten werken om de rekeningen te kunnen betalen. In Nederland wordt progressieve politiek altijd verbonden aan een verloren geachte arbeidersklasse. Moet Pro ook gaan voor de werkende klasse?

‘Ik vind het een mooie definitie, ook omdat het weer wat bredere groepen aanspreekt. Ik denk dat dat politiek slim is. Of het nu de arbeidersklasse of werkende klasse is, ik denk dat Pro een project moet worden dat meerdere klassen met elkaar verbindt. In de keuzes die wij als brede partij maken, moet solidariteit leidend zijn.

‘De VS en Nederland laten zich om allerlei redenen moeilijk met elkaar vergelijken, maar wat we van Mamdani en de Democratic Socialists of America kunnen leren, is dat we onbevreesde politiek moeten bedrijven vanuit ónze idealen. Als dat leidt tot standpunten die door anderen radicaal worden genoemd, dan maakt mij dat niet zoveel uit.

‘Mamdani laat ook zien hoe belangrijk het is om te leveren. Hij knapt de wegen van New York in razend tempo op. En kijk dan naar de staat van onze infrastructuur: als samenleving accepteren we van de overheid dat de Merwedebrug gewoon een tijdje dichtgaat. We mogen de apathie en de beleidsmatige werkelijkheid dat het zo complex is niet accepteren. Vrachtwagenchauffeurs begrijpen dat niet en aannemers denken: geef mij die order en ik maak die brug zo. Niemand snapt dit. Het straalt een impotentie bij de overheid uit die funest is voor het vertrouwen in de politiek.’

Bron Rebecca Fertinel

Word jij een voorzitter die zich, zoals Hans Spekman of Felix Rottenberg, zal bemoeien met de koers?

‘Nee, daar gaan de leden over. Als voorzitter moet je zorgen dat de partij bij de beginselen, de kernwaarden blijft. Die zijn leidend bij het opstellen van bijvoorbeeld verkiezingsprogramma’s. Als de leden hebben gesproken, is wat ik als voorzitter vind ondergeschikt. Maar als we met elkaar afspreken dat het omwille van de politieke koers handig kan zijn als de voorzitter zich daar duidelijker mee bemoeit, dan moet dat af en toe kunnen.’

Je deed eerder tevergeefs een poging de jongste voorzitter van de PvdA te worden en hebt geen volksvertegenwoordigende functie bekleed. Moet een voorzitter politieke ervaring hebben?

‘Ja, en die heb ik. RoodGroen was een inherent politiek project. Dat ik nooit in een gemeenteraad of in de Tweede Kamer heb gezeten, soit. Het partijvoorzitterschap draait om het verbinden en vertalen van de wensen van een heel grote groep mensen naar concrete verandering. De afgelopen vijf jaar ben ik met al die mensen in gesprek geweest over de fusie en onze partij. Dat is ook politiek bedrijven.’

De oprichting van Pro betekent ook een fikse reorganisatie: twee verenigingen moeten worden samengevoegd. Ben jij klaar voor zo’n organisatorische monsterklus?

‘Zeker. Van bouwen aan de grootste ledenpartij en het samensmelten van de twee verenigingen krijg ik energie. Momenteel werk ik als directeur bij Boer & Croon, een managementbureau. Hier houd ik me bezig met strategische vraagstukken en complexe veranderingen bij grote organisaties waarbij verschillende partijen betrokken zijn. Hier ben ik goed in. Net als in mijn werk moet de voorzitter van Pro het vermogen hebben de juiste mensen te vinden, strategisch vooruit te kunnen denken, ruimte te bieden voor discussie en het team sterker te maken.’

Bron Rebecca Fertinel

Het waren voor Van de Wolde ingrijpende persoonlijke ervaringen die hem motiveerden te bouwen aan een linkse beweging die weer iets voor mensen kon betekenen. Hij groeide op in een gezin dat de littekens van de concentratiekampen met zich meedroeg. ‘Mijn overgrootouders waren overtuigde communisten en zaten allebei in het verzet. In ’41 zijn zij door de nazi’s opgepakt. Mijn overgrootvader werd vermoord in Neuengamme, mijn overgrootmoeder heeft vier jaar in concentratiekamp Ravensbrück gezeten.

‘Mijn oma groeide op als wees, verzorgd door haar tantes. Het oorlogsverleden heeft mijn oma heel erg gevormd en het speelt een heel grote rol in onze familiegeschiedenis. Mijn oma is haar hele leven een sterke linkse vrouw geweest, mijn moeder ook. Dat hebben ze denk ik ook aan mij meegegeven.

‘Aan het oorlogsverleden heeft mijn oma een trauma overgehouden en dat kreeg mijn moeder mee. Ik merkte dat thuis. Ik heb daar ook heel veel last van gehad in mijn puberteit en in het begin van mijn studententijd. Ik kreeg het moeilijk thuis, en toen ik ging studeren in Rotterdam kwam ik in mijn eentje terecht op kamers. Daar ging het mis. Dat was een zware periode.’

De universiteit ontfermde zich over hem en hij werd anderhalf jaar geholpen in een ggz-instelling. ‘Ik ben toen geholpen door lieve mensen en fijne instanties om wat er thuis allemaal gebeurd is een plek te kunnen geven. Ik ben daar heel dankbaar voor.’

Voor Van de Wolde heeft dat hoofdstuk uit zijn leven een bepalende impact gehad op hoe hij naar politiek kijkt. Vaak wordt er gesproken over solidariteit als verzekeringspolis; vangnetten zijn nodig omdat je ze zelf ook een keer nodig kunt hebben. Bij Van de Wolde speelt er nog iets belangrijkers mee: gevoel.

‘Solidariteit moet ook voortkomen uit empathie: je inleven in de ander en je verbonden voelen met de ander, zonder alleen aan jezelf te denken. Als er mensen voor je klaarstaan als je hulp nodig hebt, dan is dat magisch. Ik heb dat ervaren.’

Wat heb je de afgelopen jaren, waarin je hebt gewerkt aan de fusie, over jezelf geleerd?

‘Toen ik begon met het project RoodGroen was ik een gewoon lid uit Utrecht. Ik had geen officieel mandaat, niemand had gezegd: jij mag RoodGroen doen. Ik ben het gewoon gaan doen. We hebben goede mensen om ons heen verzameld met ieder hun specifieke kwaliteiten.

‘De eerste twee jaar heb ik geworsteld met mijn rol. Wie ben ik om te besluiten dat we een motie indienen die de volgende stap van een fusie inluidt? Ik heb daar veel over gesproken met partijprominenten. Ik herinner me het gesprek met Herman Tjeenk Willink, waar ik veel aan heb gehad. Hij zei: revolutionairen zijn nooit gekozen. Uiteindelijk gaat het om opstaan, je hand opsteken. Ik denk dat ik heb geleerd dat dat leiderschap is.’

Luister ook naar onze politieke podcast ‘De Kamer van Klok’: