Vurig, want tijdelijk, en daarom ook melancholisch stemmend: dat is de zomerliefde
Als er een regel bestaat voor de zomerliefde, dan is het dat er geen regels zijn. Het werkt precies zoals het spel ‘Je-zo-je-leven-voorstellen’, dat gespeeld wordt door Christine en Nora in het korte verhaal ‘Orkaan’ uit de bundel Zomerhuis, later van Judith Hermann. De twee vriendinnen zijn op een eiland op bezoek bij Kaspar, een oude geliefde van Nora.
Je kunt het spel bijvoorbeeld zoals Christine en Nora spelen, sigaretten rokend en rum-cola drinkend onder een heldere hemel, het liefst vol met sterren. Onder deze zomerse omstandigheden komen de voorstellingen gemakkelijk. Wat de vriendinnen zich voorstellen is hoe het zou zijn om je leven te delen met een van de eilandbewoners. Christine kiest Cat, een vriend van Kaspar die sinds de komst van de twee vrouwen iedere dag bij hen op de veranda zit. Zoals altijd met zijn ogen halfdicht terwijl hij veel, nee „heel veel” hasj rookt. Nora begint voor Christine een voorstelling te maken: „Stel je voor dat het jouw kind is, op je arm, het is moe van een lange, hete dag. Cat is je man.”
Het is opmerkelijk dat Christine voor Cat kiest, aangezien ze hem in eerste instantie nauwelijks ziet staan. Na zeventien dagen zegt Cat tegen Christine: „Ik vind jou wel leuk.” „Ja. Ik weet het”, lacht ze en ze keert zich van hem af. Ze weet ook dat zijn vrouw en kind zijn weggelopen, omdat hij is vreemdgegaan. Toch beginnen de vriendinnen te fantaseren over het leven dat Christine met Cat zou kunnen hebben. „Je bent heel gelukkig met hem”, zegt Nora, „ook omdat alle vrouwen in het dorp jaloers op je zijn nu je met hem bent”.
Op een moment dat het spel niet gespeeld wordt, vraagt Nora: „Wat is dat met Cat?” Christine antwoordt: „Ik weet het niet.” En ze hoeft het ook niet te weten, want het maakt niets uit. „Ik kom en blijf en vertrek dan weer. Wat zou er moeten zijn?” zegt ze. Wellicht is deze gelatenheid de reden dat ze op de laatste avond „natuurlijk” toch met hem zoent. Daarna liegt Christine tegen Cat dat ze terug zal komen en dat ze dan meer tijd voor elkaar zullen hebben. Even vraagt ze zich af waar ze dan zou wonen, de voorstelling gaat door. Maar ze weet allang dat ze niet terugkomt. Zodra ze thuis is zullen Cat en het eiland ver weg voelen. Ze wil hem wel en niet.
Het is deze ambiguïteit van de personages waardoor de verhalen in deze bundel, waarmee Hermann in 1998 doorbrak, ontroeren. De verhalen zijn opwindend, maar tegelijkertijd melancholisch over dingen die verloren zijn gegaan. Daardoor is er in de zoektocht naar liefde ook altijd al de pijn van verlies, alsof die twee in de ogen van Hermann niet van elkaar te scheiden zijn.
Dat liefde in geen enkel verhaal eenduidig is, maakt dat Hermann juist haarscherp de menselijkheid ervan weet vast te leggen, want is liefde niet, net als alle menselijke relaties, vaak doorspekt van een niet-weten-waarom?
Uiteindelijk zijn het vaak de kortstondige zomerliefdes waarin het einde, het verlies, al expliciet besloten ligt. Juist om die reden kan de liefde zo vurig opbloeien. Zo moeten we concluderen dat er voor de zomerliefde toch één belangrijke regel bestaat, namelijk dat je uiteindelijk je koffer weer pakt en naar huis gaat. In die weken die we vakantie noemen lijkt alles mogelijk. Maar als de bladeren weer van de bomen vallen dan is het spel, althans voor nu, weer even afgelopen.
Mail de redactie
Ziet u een taalfout of een feitelijke onjuistheid?
U kunt ons met dit formulier daarover informeren, dat stellen wij zeer op prijs. Berichten over andere zaken dan taalfouten of feitelijke onjuistheden worden niet gelezen.