De rozenkrans is een christelijke geheugensteun: maar ook andere religies en culturen kennen de kracht van tellen en herhalen
Voor wie deed hij de moeite? Omstreeks 1617 maakte de Antwerpse schilder Frans Francken een ruim twee meter hoog tafereel van de Visitatie, het Bijbelverhaal waarin de Maagd Maria haar nicht Elisabeth bezoekt. De twee vrouwen staan centraal, hun echtgenoten achter hen. De scène speelt zich af in de open lucht, met linksvoor een minuscule huisjesslak, en in het landschap op de achtergrond onder meer enkele piepklein weergegeven zwanen en geiten. Deze details zijn zo goed als onzichtbaar voor de beschouwer van het schilderij op de plaats waar het oorspronkelijk voor is gemaakt: vier meter hoog aan de wand in de noordelijke zijbeuk van de Sint-Pauluskerk in Antwerpen.
Het paneel van Francken maakt deel uit van een indrukwekkende reeks van vijftien schilderijen. Samen illustreren ze de mysteriën van de rozenkrans: centrale episoden uit het leven van Maria en Christus. In verband met een restauratie van de kerk zijn de schilderijen tijdelijk van de muur gehaald. De komende maanden vormen ze het middelpunt van een expositie in Het Noordbrabants Museum waar ze, gehangen op ooghoogte, bij uitzondering hun verborgen details prijsgeven.
De vijftien werken, van identiek formaat en ongeveer gelijktijdig gemaakt, zijn geschilderd door twaalf verschillende kunstenaars. Daarmee bieden ze een staalkaart van de veelzijdige Antwerpse barokschilderkunst in het begin van de 17de eeuw. Zo toont de Annunciatie (de engel die de geboorte van Christus aan Maria aankondigt) door Hendrik van Balen forse, nogal stijfjes geschilderde figuren. Ze contrasteren met Peter Paul Rubens’ beweeglijke, goeddeels naakte figuren die de compositie beheersen van de Geseling van Christus. Weer anders van aard is de uitbeelding van het verhaal van Pinksteren door Matthijs Voet, met een kleurige close-up van Maria omringd door breed gebarende apostelen.
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/07/15143902/200726CUL_2035074645_11.jpg)
Aernout Vinckenborgh, De Verrijzenis (ca. 1617).
Beeld Sint-Pauluskerk, AntwerpenDe kracht van getal en herhaling
Thematisch bestaat de reeks uit drie groepen van vijf: de blijde mysteriën (scènes van de geboorte en jeugd van Christus), de droeve mysteriën (de lijdensweg van Christus), en de glorieuze mysteriën (de gebeurtenissen na Christus’ kruisiging en verrijzenis uit de dood). Samen vormen ze voor christelijke gelovigen een geheugensteun bij religieuze oefeningen. Het daarbij horende rozenkransgebed ontleent zijn naam aan het gebedssnoer dat daarbij wordt gehanteerd. Op een kralenketting kan, met vingers tastend, een lange reeks deels repeterende gebeden worden bijgehouden waaronder het Ave Maria en Onze Vader, afgewisseld met meditaties over de vijftien geheimen van de rozenkrans (in 2002 voegde paus Johannes Paulus II er nog vijf „mysteriën van het licht” aan toe).
De kracht van getal, herhaling en tactiele hulpmiddelen in geloof of levensovertuiging, beperkt zich niet tot de katholieke traditie. Vergelijkbare kralenkettingen zijn de tasbih waarop moslims lofprijzingen aan God tellen, en de juzu die wordt gebruikt bij het reciteren van boeddhistische mantra’s. De expositie illustreert iets van dit universele karakter met enkele monumentale hedendaagse interpretaties van gebedssnoeren. Die lijken echter eerder maatschappelijke vraagstukken en sociaal onrecht aan de kaak te willen stellen dan in te gaan op rituele gebruiksfuncties.
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/07/31114719/310726CUL_2035074645_modern3.jpg)
Cecilia Vicuña, ‘Quipu Austral’ (2012-2013).
Foto Rob LipsiusDe Brits-Palestijnse kunstenaar Mona Hatoum, bijvoorbeeld, maakte met Worry Beads (2009) een tot enorme dimensies opgeblazen tasbih van brons waarvan de kralen, groot als kanonskogels, associaties oproepen met angst en geweld. En met Quipu Austral (2012-2013) dat bestaat uit strengen gekleurde wol van plafond tot vloer verwijst de Chileense Cecilia Vicuña naar quipu’s; koorden waarmee bewoners van de Andes in vroegere tijden informatie bewaarden door er knopen in te leggen. Vicuña’s buitenmodel koorden hebben echter geen knopen: na het begin van de koloniale overheersing in Zuid-Amerika, zijn het quipu’s zonder herinnering geworden.
Dichter bij het persoonlijke, alledaagse gebruik van de rozenkrans staan tien kralensnoeren-met-een-verhaal, voor de expositie geselecteerd uit een groot aantal publieksinzendingen. Een lange ‘kanjerketting’ zoals kinderen met kanker die krijgen, heeft kleurige kralen die elk een, soms ingrijpende of pijnlijke, medische behandeling symboliseren, waardoor de ketting een herinneringsfunctie krijgt. Een snoer met houten kralen gesneden door de Brabantse hout- en woordkunstenaar Theo Sonnemans (1937-2025) weerspiegelt de spirituele waarde die hij hechtte aan zijn relatie met de natuur, waarin hij mediteerde en de doden herdacht. Zulke hedendaagse materiële hulpmiddelen bij mentale overweging sluiten naadloos aan bij de rituelen van herhaling en herinnering van het aloude rozenkransgebed.
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/07/31134326/310726CUL_2035074645_hattoum.jpg)
Mona Hatoum, ‘Worry Beads’ (2009).
Foto Rob LipsiusMail de redactie
Ziet u een taalfout of een feitelijke onjuistheid?
U kunt ons met dit formulier daarover informeren, dat stellen wij zeer op prijs. Berichten over andere zaken dan taalfouten of feitelijke onjuistheden worden niet gelezen.