Inbinden lijkt de enige optie die Infantino heeft, al weet je het nooit zeker in de wereld van de Fifa
Vuistslag na vuistslag incasseert Fifa-voorzitter Gianni Infantino dezer dagen. Donderdag keerden de 55 Europese voetbalbonden van Uefa zich unaniem tegen het omstreden WK-aandelenplan door alle Fifa-toernooien te boycotten. De voetbalbonden van Noord- en Midden-Amerika (Concacaf) volgden een paar uur later.
Vrijdag lieten zelfs de Aziatische bonden Infantino vallen. Het continent dat doorgaans gedwee de opdrachten van de wereldvoetbalbond en zijn voorzitter volgt, kielhaalde het aandelenplan en refereerde vooral aan de Europese boycot, die nooit eerder is vertoond in de historie van het voetbal. Het zou ‘iedereen zorgen moeten baren’, aldus de confederatie AFC, ‘dat de situatie zodanig is geëscaleerd dat de reële mogelijkheid van een boycot van het WK in het publieke debat is opgekomen’.
Gesteld dat alle kikkers in de kruiwagen blijven – zoiets weet je nooit helemaal zeker in de ondoorgrondelijke en op geld en macht gestoelde bestuurlijke voetbalwereld – is Infantino nu de meerderheid voor zijn plan kwijt. De 47 Aziatische landen, plus de 55 van Uefa en de 41 van de Concacaf, maken 143 dwarsliggers op een totaal van 211 Fifa-leden. De altijd onvoorwaardelijke steun van Afrika, Zuid-Amerika en Oceanië gaat Infantino dit keer niet helpen.
Ongekend
Doorgaans positioneert Europa zich als centrum van de voetbalmacht. Juist daarom is het ongekend dat zo’n breed en internationaal machtsblok zich uitspreekt tegen de moederbond en het plan van de voorzitter, dat uitlekte via de Britse krant The Times. Europa voelt daarbij het momentum – en de noodzaak – om de nucleaire optie in te zetten. Dat daarbij ook de ‘armere’ landen zich achter de boycot schaarden, maakt duidelijk hoe veel de kartrekkers binnen de Uefa (onder meer Engeland en Duitsland, maar ook Nederland) eraan is gelegen om Infantino de pas af te snijden.
Het mijden van toernooien die de Fifa organiseert strekt immers verder dan het (mannen-)WK alleen. In oktober neemt Nederland ook deel aan de play-offs voor het WK vrouwen van volgend jaar. En zolang Infantino aan zijn plan vasthoudt, zullen ook geen Nederlandse jeugdteams aan WK’s (of de kwalificatie daarvoor) meedoen. De KNVB heeft dat ervoor over, omdat het gedeeltelijk verkopen van het WK volgens de bond het gehele voetbal raakt: van de top tot de amateurs.
Te midden van de stortvloed aan ongekend felle kritiek die hem nu treft probeert de 56-jarige Infantino zijn plan te redden door het af te zwakken (‘het is geen verplichting’, de media hebben het ‘verkeerd voorgesteld’). Maar de geboren marketeer, die drinkpauzes en halftime-shows bij het afgelopen WK invoerde om nog meer reclameblokken te kunnen verkopen, weet als geen ander dat hij in dit geval niet om Europa heen kan.
Europese dominantie
Een WK zonder het continent dat zeven van de laatste tien wereldkampioenen op het bordes bracht is simpelweg onbestaanbaar. Voor de sponsors en de tv-zenders die er elke vier jaar miljarden voor neertellen, is een toernooi zonder Europese landen amper nog iets waard.
Zes van de acht kwartfinalisten waren dit jaar Europees, net als de wereldkampioen (Spanje). Het waren Europese vedetten als Mbappé, Haaland en Bellingham die met de Argentijn Messi het toernooi kleur gaven, ondanks ontsierende affaires als die rond de Amerikaanse spits Folarin Balogun, het tegenhouden van fans en een Afrikaanse scheidsrechter aan de grens en de dubieuze arbitrale beslissingen in Argentijns voordeel.
Uit woede over de door de Fifa geannuleerde schorsing van Balogun, na een telefoontje van Donald Trump, ontbrak Uefa-voorzitter Aleksander Ceferin bij de WK-finale. Er was een ‘rode lijn’ overschreden, reageerde de Uefa op de ophef.
Hoeder van het wereldvoetbal
Onder meer door het opblazen van het club-WK op de overvolle voetbalkalender dreven de Fifa-voorzitter en de Uefa, die Infantino in 2016 naar voren had geschoven om Sepp Blatter op te volgen, verder uit elkaar. Toch gaat de eensgezinde verbijstering bij de Europese voetballanden nu verder dan de irritatie over zijn geflirt met Trump of het te laat komen opdagen op het Fifa-congres vanwege handjes schudden in het Midden-Oosten.
Inbinden lijkt daarom de enige optie die hem resteert, ook om zijn herverkiezing als Fifa-voorzitter in maart 2027 niet verder in gevaar te brengen. Vrijdag stapte zelfs Infantino’s naaste adviseur Carlos Cordeiro op. ‘Een slechte deal voor de Fifa-landen en een slechte deal voor het voetbal’, aldus de Amerikaanse oud-bankier, die niet begrijpt waarom de Fifa schuldenvrij is en toch zijn kroonjuweel van de hand wil doen.
Ook operationeel directeur Kevin Lamour van de Fifa distantieerde zich van het plan dat hij ‘het project van één persoon’ noemt: ‘Dit is geen Fifa-project en al helemaal geen project van het Fifa-bestuur.’
Volgens Lamour is niemand gekend in de plannen en is het Fifa-bestuur zelfs ‘misleid’ door Infantino. Hij spreekt zich nu uit met het risico zijn baan te verliezen. ‘Als dat zo is, dan is dat maar zo. Ik zal die beslissing begrijpen en respecteren. Vannacht slaap ik in ieder geval goed.’
Van Europa tot Azië voelt de voetbalwereld zich gepasseerd door het plan om 21 procent van de WK-aandelen aan investeerders beschikbaar te stellen. De confederaties kraken daarom niet alleen het idee af, ze wijzen ook op de verantwoordelijkheden van de Fifa als zelfbenoemde hoeder van het wereldvoetbal.
Infantino heeft die volgens de Europeanen verkwanseld door zonder enig overleg (zelfs niet met de Fifa-top) een glanzende brochure in elkaar te timmeren en de Fifa-leden een krappe deadline (19 september) op te leggen. Uiteraard in ruil voor geld, het smeermiddel waarmee kritische stemmen doorgaans worden gesmoord. Al bleek de heilige graal in het voetbal niet te koop.
Lees ook
Geselecteerd door de redactie