Jimmy print in de polder onderdelen voor het Oekraïense leger: ‘Je wilt die mensen een hart onder de riem steken
Op een zolderkamer ergens in het Groene Hart, te midden van kasten vol gebonden Suske en Wiskes, rommelt een man in korte broek tussen de wapenonderdelen die hij hier vervaardigt voor het Oekraïense leger. ‘Kijk’, zegt hij en hij pakt een geel plastic houdertje uit een kartonnen doos. ‘Een kogellader voor een kalasjnikov.’
Verderop slingert een roze medicijndoos voor militairen. Een bureau is bezaaid met accuhouders voor kamikazedrones. Daarvan zijn er meer in de maak: een zoemende, oven-achtige machine naast een oud nachtkastje is bezig aan de volgende batch van twintig stuks.
Jimmy, een ICT’er die om veiligheidsredenen niet met zijn achternaam in de krant wil, maakt deel uit van een legertje vrijwilligers die in hun eigen huis onderdelen fabriceren voor de Oekraïense strijdkrachten. Met 3D-printers maken ze het plastic materiaal waar Oekraïense militairen om vragen: onderdelen voor drones, instrumenten voor legerartsen, spullen voor trainingsdoeleinden.
Hun legertje heet DrukArmija (‘Printleger’), een collectief van 3,5 duizend mensen die op eigen kosten in hun vrije tijd de Oekraïense strijdkrachten een handje helpen. De meesten bevinden zich in Oekraïne, maar zo’n 600 vrijwilligers printen in andere Europese landen. Samen hebben ze sinds het begin van de grootschalige invasie ruim 18 miljoen onderdelen geleverd, aldus DrukArmija.
Om de vele printopdrachten bij te benen is Jimmy naast zijn voltijdbaan 15 uur per week bezig met printen. Hij heeft drie 3D-printers en een slang die giftige stoffen afvoert via het zolderraam. Op de site van DrukArmija ziet hij de nieuwste verzoeken verschijnen uit Oekraïne. Wat er momenteel zoal nodig is: honderd granaathulzen, zesduizend ontstekingspennen voor landmijnen (‘hoge prioriteit’) en een militair planningsbord met kleine soldaatjes en gevechtsvoertuigen om situaties op het slagveld mee te simuleren.
Jimmy zit na negen maanden op 2.079 geprinte onderdelen. Van veel voorwerpen weet hij niet waar ze precies voor dienen. Maar een cirkeldiagram laat zien dat 43 procent van het door hem opgestuurde plastic bij de infanterie is beland en 22 procent bij drone-eenheden.
Sokken en koffie
Onderdelen voor munitie, zoals ontstekingspennen en granaathulzen, print hij liever niet. Direct bijdragen aan voorwerpen die mensen doden, geeft hem een ongemakkelijk gevoel. Hij wil bovendien geen wapenwetten overtreden. Een maquette van een geweer verstuurde hij in onderdelen, los van elkaar, met wat sokken en koffie erbij. ‘Je wilt die mensen toch een hart onder de riem steken.’
Het begon vorig jaar allemaal met de Bambu Lab P1S, een Chinees instapmodel aangeschaft door zijn vrouw om uitdrukvormpjes te printen voor haar sieradenhobby. Maar al snel nam Jimmy de machine over. Tegenwoordig komt er meer defensiemateriaal dan sieraden uit de Bambu.
Dat heeft alles te maken met het besluit van de Amerikaanse president Donald Trump vorig jaar om de wapensteun aan Oekraïne te staken. Het nieuws raakte Jimmy diep, zoals hij wel vaker heeft met heftige nieuwsberichten in de krant, zegt hij. ‘Ik wilde iets tastbaars doen om die twee idioten (Trump en Poetin, red.) te stoppen.’
Op internet had hij gelezen dat mensen in Denemarken via een site aan het printen waren geslagen om Oekraïne te helpen. Hij zocht de site op, volgde cursussen en stuurde via een verzamelpunt in België testonderdelen naar Oekraïne. Die kwamen door de kwaliteitskeuring die iedere vrijwilliger moet halen voordat het echte werk kan beginnen. ‘Sommige spullen gaan direct naar het front’, zegt Jimmy. ‘Je moet wel kunnen garanderen dat het goed is.’
Vijf sterren
Inmiddels heeft hij een kwaliteitsscore van vijf sterren bij DrukArmija. Wie lager scoort dan vier, verliest zijn opdrachten. Ook wie zijn beloofde levertijd niet haalt, verliest punten. Meer dan logisch, vindt Jimmy. ‘De Oekraïners moeten wel weten dat het op tijd komt. Anders vallen er dooien bij wijze van spreken.’
Het plastic van de vrijwilligers is belangrijk voor het Oekraïense leger. Dat leunt steeds meer op goedkope wapens die eenvoudig te maken zijn, in plaats van dure machines uit defensiefabrieken. Sommige wapens, zoals onderscheppingsdrones, bestaan bijna volledig uit onderdelen gemaakt door 3D-printers.
Dat het plastic van het printleger werkelijk aan het front belandt, blijkt uit berichten die de vrijwilligers terugkrijgen. Op een forum voor vrijwilligers ziet Jimmy foto’s van frontsoldaten met in hun handen staartvinnen voor drones en doosjes voor medicijnen. Ze steken hun duim omhoog. Soms krijgt Jimmy een persoonlijk bedankje. ‘Dan voel ik me vijf minuten helemaal het haantje.’
Spannend vinden hij en zijn vrouw het wel om op zolder bezig te zijn om de Russen tegen te houden. ‘Stel dat de oorlog deze kant op komt’, zegt Jimmy’s vrouw, die evenmin met haar naam in de krant wil. ‘Dan wil ik niet dat de Russen hier straks aan de deur staan en ons komen ophalen.’
Maar die vrees is aan het afnemen nu ze de laatste tijd geregeld lezen over Oekraïense militaire successen. ‘Rusland blijkt een tijger zonder tanden’, concludeert Jimmy. Ook zijn vrouw acht de kans steeds kleiner dat de Russen oprukken buiten Oekraïne: ‘Ik maak me nu geen zorgen meer.’
Transport
Hoe meer Jimmy opgaat in het printen, hoe meer zijn grens over het maken van munitie-onderdelen vervaagt. Laatst maakte hij houders waarmee drones drie granaten naar Russische stellingen kunnen vliegen. ‘Ik zie het maar als transport’, zegt Jimmy.
Hij weet al hoe hij zijn printers gaat inzetten als de oorlog voorbij is. Dan wil hij printen voor de wederopbouw van Oekraïne. Net zoals nu kunnen de vrijwilligers dan hun krachten bundelen, waarbij alle beetjes helpen, zegt hij. ‘Misschien beginnen met fietspedaaltjes voor kinderen?’
Lees ook
Geselecteerd door de redactie