De man die jaarlijks tienduizenden Nederlanders naar de Spaanse kust bracht, kon zelf maar moeilijk ontspannen
Met Snoeyink Reizen naar het zuiden, En we gaan naar Spanje toe, Bij Snoeyink Reizen is ’t feest; in de topjaren van de touroperator uit Twente kregen de klanten in de bus op weg naar de Spaanse stranden zonnige zomerhits van het bedrijf voorgeschoteld, op cd gezet door het zingende echtpaar Ad en Karin.
Het reisbureau van Harry Snoeyink maakte in de jaren tachtig en negentig naam met budgetvakanties naar populaire badplaatsen als Lloret de Mar, Salou en Benidorm. Met de bus als goedkoop alternatief voor het vliegtuig. Het bleek een succesformule: op het hoogtepunt reden elke week 120 touringcars op en neer naar de Spaanse kust.
Ook Snoeyink verbleef graag aan de costa’s. Hij overleed vorige maand op 71-jarige leeftijd in Spanje, waar hij zich in 1997 met zijn echtgenote Herma had gevestigd. Na de verkoop van zijn bedrijf, tien jaar later, stortte hij zich op de verhuur van vakantievilla’s. ‘Mijn vader kon heel slecht niks doen’, zegt dochter Patricia. ‘Zijn werk was zijn hobby.’
Als touroperator trad Snoeyink in de voetsporen van zijn voorouders die, ieder op hun eigen manier, werkzaam waren geweest in het vervoer van personen. Grondlegger van het familiebedrijf was grootvader Snoeyink, die bij zijn overlijden in 1955 in de lokale pers werd herdacht als de eerste Denekamper die in het bezit was geweest van een fiets, een auto en een motorfiets.
Vervoer arbeiders
In 1922 kocht grootvader Snoeyink twee autobussen, waarmee hij arbeiders vervoerde naar de textielfabrieken in Hengelo en later een busdienst begon tussen Denekamp en het Duitse Nordhorn. Harry’s vader Johan nam het taxibedrijf over en specialiseerde zich op zijn beurt in dagtochten in eigen land en bedevaarten naar Lourdes.
In 1979 was de beurt aan de derde generatie om het familiebedrijf over te nemen. Het vizier van Harry richtte zich op het buitenland. ‘Het was de tijd dat jongeren en jonge gezinnen Spanje als vakantiebestemming ontdekten’, vertelt Patricia. ‘De busreizen waren een schot in de roos en zorgden elk jaar voor dubbele groeicijfers.’
Daar werd wel keihard voor gewerkt. ‘Mijn vader werkte in het begin letterlijk dag en nacht. ’s Nachts zat hij op de taxi, overdag verkocht hij busreizen. Dat gebeurde aanvankelijk thuis aan de keukentafel. Toen het echt te groot werd, kwam er een hoofdkantoor in een voormalige kazerne in Oldenzaal met een aantal reisbureaus in de regio.'
Snoeyink dreef de onderneming samen met zijn vrouw Herma. Zij deed de binnendienst, hij de buitendienst. ‘Mijn moeder zorgde voor het kantoor en de medewerkers’, vertelt Patricia. ‘Mijn vader reed heen en weer naar Spanje om hotels te bezoeken en contracten te sluiten. Ook tijdens onze vakanties met het gezin was hij altijd aan het werk.’
Hartaanvallen
De man die jaarlijks tienduizenden Nederlanders naar de Spaanse kust bracht, kon zelf maar moeilijk ontspannen. In de jaren negentig eiste het harde werken zijn tol: Snoeyink overleefde drie hartaanvallen zonder overigens gas terug te nemen. Wel verhuisde hij naar Spanje om vandaar het bedrijf op afstand te leiden.
In het kustdorp Moraira vond Snoeyink de geborgenheid die hem deed denken aan Denekamp. Hij bleef verknocht aan zijn geboortegrond waar hij tot zijn verhuizing naar Spanje ook een zeer betrokken bewoner was geweest. Niet alleen als ondernemer en werkgever: in 1993 kroonde carnavalsvereniging De Köttelpeer’n hem tot Prins Harry I.
Eind vorig jaar kwamen de eerste symptomen van parkinson aan het licht. Na de diagnose ging het snel bergafwaarts. ‘We zijn verdrietig, maar ook blij dat een lange lijdensweg hem bespaard is gebleven’, zegt Patricia over het overlijden van haar vader op 10 juni. De as, zo is het plan, zal gelijkelijk worden verdeeld over Moraira en Denekamp.