Ongekende impasse over de verschijningsdatum van het nieuwe VN-klimaatrapport. Hoe nu verder?
Niet eerder waren de problemen zo groot voor het IPCC, de wetenschappelijke klimaatwerkgroep van de Verenigde Naties. Het gezaghebbende panel publiceerde de afgelopen decennia zes omvangrijke overzichtsrapporten, die de wetenschappelijke basis hebben gelegd voor het wereldwijde klimaatbeleid. Afgelopen week zouden deelnemende landen beslissen over de planning en financiering van het volgende, zevende rapport, maar ze konden het niet eens worden.
Een ongekende impasse is het resultaat. Over het verdere verloop is nog veel onzeker, maar volgens Nederlandse deskundigen is de huidige situatie „ernstig” en tekenend voor de toenemende politieke druk op het IPCC.
1Wat is er gebeurd?
Afgelopen vrijdag vertrokken vertegenwoordigers van 115 deelnemende landen onverrichter zake uit de Ethiopische hoofdstad Addis Abeba, zonder afspraken over de publicatiedatum van het volgende rapport. Die datum is belangrijk, omdat in 2028 de ‘global stocktake’ wordt afgerond. Dat is een beleidsevaluatie waarbij landen eens in de vijf jaar de gemaakte klimaatbeloften vergelijken met behaalde resultaten.
In het verleden waren IPCC-rapporten de wetenschappelijke basis voor dat soort beleidsevaluaties. Het is immers makkelijker discussiëren als je het eens bent over de feiten. Voorstanders van streng klimaatbeleid, waaronder Europa, enkele Zuid-Amerikaanse landen en kleine eilandstaten, willen daarom dat het zevende IPCC-rapport op tijd klaar is om in 2028 bij die evaluatie op tafel te liggen.
Maar volgens Saoedi-Arabië en Rusland, allebei grote producenten van fossiele brandstoffen en bekende critici van klimaatbeleid, is dat niet haalbaar. Zij wijzen erop dat het vorige rapport slechts zes jaar eerder is verschenen. Dat is een relatief korte periode voor zo’n groot overzichtsrapport. China is het daar mee eens. Ook India en Kenia hebben zich aangesloten bij het verzet, omdat het perspectief van ontwikkelingslanden onvoldoende zou zijn vertegenwoordigd in de onderzoeken waar het IPCC uit put.
Klimaatwetenschapper Detlef van Vuuren noemt de kritiek van India ‘een beetje een drogreden’
2Hebben de kritische landen een punt?
Dat verschilt per land, zegt klimaatwetenschapper Heleen de Coninck, hoofdauteur bij eerdere IPCC-rapporten. „Het doel van Saoedi-Arabië en Rusland is duidelijk. Die willen frustreren.” Bij andere landen zouden volgens haar wel oprechte zorgen kunnen leven. De beoordeling van de onderliggende rapporten volgt standaard meerdere ronden, waarbij onderzoekers uit alle lidstaten betrokken zijn. „Sommige van die landen zeggen: om dat zorgvuldig te doorlopen, moet je langer doen over het publiceren van die rapporten. Dat is op zich een redelijk argument.”
Ze kent ook de kritiek van India op het IPCC. Die gaat onder meer over de gebruikte klimaatmodellen, waarin te weinig aandacht zou zijn voor klimaatrechtvaardigheid. „Zij zeggen, we hebben nog steeds een half miljard arme mensen, moeten die arm blijven? Ze noemen het koloniale modellen, door westerse instellingen gemaakt. Ze willen de tijd krijgen om zelf modellen te ontwikkelen.”
Toch vindt ze de keuze van India om nu te vertragen moeilijk te begrijpen. „Dat land heeft heel veel last van de hoge prijzen van fossiele brandstoffen, die ze moeten importeren. Ze hebben veel baat bij de energietransitie en doen daar ook best wat aan, voor een groot en arm land.”
Klimaatwetenschapper Detlef van Vuuren is zelf als hoofdauteur betrokken bij de ontwikkeling van een aantal van de belangrijkste modellen die het IPCC gebruikt. „Een beetje een drogreden”, noemt hij de kritiek van India op zijn werk. „De modellen hebben vooral gekeken: wat is de goedkoopste en effectieve manier om klimaatverandering te beperken tot anderhalve graad? Dat is door wereldwijd klimaatbeleid te voeren, óók in de ontwikkelingslanden. Daar gebruiken ze relatief veel energie per eenheid economische output, dus zijn maatregelen relatief goedkoop.”
Daarmee is het niet automatisch rechtvaardig, erkent Van Vuuren. „Europa heeft historisch gezien veel meer bijgedragen aan klimaatverandering. Maar de modellen geven alleen de goedkoopste oplossing, die zeggen helemaal niets over wie de rekening daarvan betaalt. Ze kunnen ook beslissen dat West-Europa betaalt voor maatregelen in India.”
3Hoe is de huidige impasse ontstaan?
Langer lopende conflicten lijken in een stroomversnelling te zijn gekomen, nadat de Verenigde Staten begin dit jaar uit het IPCC zijn gestapt. Ten eerste heeft dat gevolgen gehad voor de financiering, zegt De Coninck. „Als zij niet meer bijdragen, valt een fors deel van het budget weg. Met name de kosten voor plenaire vergaderingen en reiskosten van onderzoekers uit ontwikkelingslanden. Want dat is de afspraak: rijke landen helpen arme landen.”
De afwezigheid van Europa’s aloude bondgenoot heeft ook gevolgen voor de geopolitieke verhoudingen, zegt Van Vuuren. „Je zag dat al op de klimaatconferentie in Brazilië, dat Europa veel meer alleen staat. Europa is nu vaak de kop van jut. Ontwikkelingslanden willen graag geld zien voor klimaatmaatregelen en de enige partij waar ze dat nu heel makkelijk bij kunnen vragen is Europa.”
De politieke druk op het IPCC, dat eigenlijk onafhankelijk zou moeten zijn, groeit sowieso al jaren, zegt Van Vuuren. „Het mooie van het IPCC is dat de samenvatting van die rapporten aan het eind door de regeringen wordt goedgekeurd. Dat idee heeft heel goed gewerkt, omdat het voorkomt dat een olieproducerend land tijdens de klimaatonderhandelingen opeens kan roepen: het bestaat allemaal niet.”
Maar het zorgt volgens Van Vuuren ook voor toenemende politieke bemoeienis. „Naarmate er meer klimaatbeleid gevoerd moet worden en de geopolitieke spanning in de wereld toeneemt, zie je dat er meer weerstand komt.” Hij noemt als voorbeeld de langer lopende discussie over hoe de uitkomsten van betrouwbare modelberekeningen worden genoemd. Wetenschappers noemen dat ‘scenario’s’, maar op aandringen van olieproducerende landen, die de onzekerheid willen benadrukken, heten ze tegenwoordig ‘pathways‘ of ‘futures‘ in internationale afspraken.
Er is nog een compromis mogelijk, ondanks de politieke impasse
4Hoe gaat het nu verder?
„Dit is best ernstig”, zegt De Coninck. „Niemand weet eigenlijk goed hoe het nu verder moet.” Bijna 120 auteurs hebben al beloofd door te gaan met het onderzoek, ondanks de politieke impasse. Maar dat is voor de lange termijn geen oplossing, zegt zij. „Dat wordt ingewikkeld als regeringen het rapport later moeten beoordelen, terwijl ze niet akkoord zijn gegaan met de tijdlijn. Ik vermoed dat sceptische landen dan bezwaar zullen maken, omdat de procedure niet zou zijn gevolgd. Het IPCC-leiderschap zal dat niet willen.”
Dat betekent dat er twee opties overblijven: uitstellen of niet. Maar er is ook nog een compromis mogelijk, denkt De Coninck. Het IPCC-rapport bestaat eigenlijk uit drie deelrapporten, waarvan het eerste rapport sowieso voor de global stocktake zal verschijnen. „Ze kunnen ervoor kiezen om ook het tweede rapport op tijd te publiceren en het derde niet. Ik denk dat het derde rapport voor Saoedi-Arabië het belangrijkste is, omdat dat onder meer gaat over fossiele brandstoffen.”
Over ongeveer twee weken begint de wereldwijde klimaatconferentie COP31 in het Turkse Antalya. Van Vuuren verwacht dat het onderwerp daar ook aan bod zal komen. Daar zouden landen ook kunnen besluiten om een extra IPCC-bijeenkomst te organiseren, denkt hij.
Waar het op zal uitdraaien, durven Van Vuuren en De Coninck allebei niet te zeggen. Maar waar ze het over eens zijn: de voorstanders van uitstel hebben de tijd aan hun zijde. „Door de besluitvorming te blokkeren, valt het kwartje uiteindelijk sowieso hun kant op”, zegt Van Vuuren. „Naar mate dit langer duurt, wordt het wel steeds lastiger om dat rapport alsnog in 2028 af te krijgen.”
En wat gebeurt er dan? „In het eerste deelrapport staat wel iets over scenario’s, dat zou relevant kunnen zijn voor de global stocktake. En de rest van de informatie zal je moeten proberen op tijd te verzamelen”, zegt Van Vuuren. In principe zijn de belangrijkste feiten wel bekend, benadrukt hij. „De informatie dat we als wereld niet genoeg doen, dat het voeren van klimaatbeleid goedkoper is dan het ondergaan van de klimaatimpact en dat er allerlei risico’s verbonden zijn aan klimaatverandering, die informatie hebben we natuurlijk wel. Eigenlijk zou er geen excuus mogen zijn om geen klimaatbeleid te voeren en zouden landen wereldwijd tot actie over kunnen gaan.”
Maak NRC jouw voorkeursbron op Google
Bij Google kan je nu zelf aangeven welke nieuwsbronnen jij vaker wil zien in je zoekresultaten. Meer informatie
Mail de redactie
Ziet u een taalfout of een feitelijke onjuistheid?
U kunt ons met dit formulier daarover informeren, dat stellen wij zeer op prijs. Berichten over andere zaken dan taalfouten of feitelijke onjuistheden worden niet gelezen.