Canadese uitgever breekt met Thélyson Orélien om AI-gebruik bij roman, De Bezige Bij trekt Nederlandse vertaling terug
De uitgever van de Haïtiaans-Canadese schrijver Thélyson Orélien heeft de ‘professionele relatie’ met zijn auteur verbroken. Volgens de Canadese uitgeverij Les Éditions du Boréal heeft Orélien kunstmatige intelligentie gebruikt bij het schrijven van zijn debuutroman C’était ça ou mourir, een migratieverhaal over een man die vanuit het door geweld geteisterde Haïti via de VS naar Canada vertrekt. Boréal laat in een persbericht weten de roman niet te zullen herdrukken en ook geen andere boeken van Orélien uit te geven.
In Nederland zou de roman volgend jaar in vertaling uitkomen onder de titel Het was vluchten of sterven bij De Bezige Bij. Die uitgeverij laat per e-mail weten „naar aanleiding van de recente ontwikkelingen en het persbericht van Boréal” te hebben besloten het boek niet meer uit te geven. De uitgeverij wacht op contact met rechthebbenden voordat nader commentaar volgt.
De val van Orélien is diep en hard. Een maand geleden stond de 38-jarige auteur nog op de longlist van de prestigieuze Franse literatuurprijs Prix Goncourt. Via een anoniem X-account raakte hij in opspraak vanwege vermeend AI-gebruik bij het schrijven van zijn veelgeprezen roman, die al een kleinere literaire prijs in de wacht sleepte. Daarop werd hij van de lijst genomineerden van de Prix Goncourt gehaald en stelde zijn uitgeverij onderzoek in.
Boréal, die Orélien aanvankelijk verdedigde tegen de beschuldigingen, stelt in het persbericht met Orélien te hebben willen werken aan „een dossier over zijn creatieve proces om zijn onschuld aan te tonen”. Maar uit „nieuwe informatie” blijkt volgens de uitgever dat Orélien wel degelijk gebruik heeft gemaakt van kunstmatige intelligentie bij het schrijfproces.
Boréal stelt in het persbericht de eigen auteur met tegenzin te hebben onderzocht. De uitgever verzamelde verschillende versies van de roman, waarin „sporen van AI-tags in de metadata van bepaalde documenten” naar boven kwamen. Hoezeer AI is gebruikt bij het schrijven van de roman valt niet vast te stellen, maar dat Orélien er in weerwil van zijn eigen ontkenning gebruik van heeft gemaakt, is volgens de uitgever wél bewezen. Orélien wilde volgens de uitgever op een gegeven moment niet meer meewerken aan het onderzoek.
Orélien zelf heeft de beschuldigingen altijd ten stelligste ontkend. Bepaalde zinsconstructies die via de AI-detectietool Pangram als ‘verdacht’ naar boven kwamen, horen volgens hem bij de „Haïtiaanse en Caraïbische literaire traditie” waarin hij werkt. Hij zou zijn roman in 2019 hebben afgerond, nog voordat AI-tools in zwang raakten. De roman werd dit jaar in het Frans door Boréal uitgegeven.
De Franse krant Libération sprak met Orélien na het nieuws dat zijn uitgever hem laat vallen. In een telefoongesprek met de krant zegt de auteur, die in Canada verblijft, dat hij „in het creatieve proces” en voor „historisch onderzoek” gebruik heeft gemaakt van AI, maar dat „geen enkele zin” uit zijn boek door een machine is geschreven. „Het is normaal dat ze hun eigen instituut beschermen in plaats van mij”, zegt de auteur, die zich afvraagt of „ze na het boek ook achter mij persoonlijk aan [zullen] komen”.
Maak NRC jouw voorkeursbron op Google
Bij Google kan je nu zelf aangeven welke nieuwsbronnen jij vaker wil zien in je zoekresultaten. Meer informatie
Mail de redactie
Ziet u een taalfout of een feitelijke onjuistheid?
U kunt ons met dit formulier daarover informeren, dat stellen wij zeer op prijs. Berichten over andere zaken dan taalfouten of feitelijke onjuistheden worden niet gelezen.