Home   2026-10-22 19:56:51

←

Rob Jetten krijgt een kind, en legt de pijnlijke zorgkloof in de politiek bloot

Original article

Deze week kondigden minister-president Rob Jetten en zijn partner, tophockeyer Nicolás Keenan, aan dat zij een kind verwachten. Wetgeving die het juridisch ouderschap regelt wanneer een kind met een draagmoeder wordt geboren, laat nog op zich wachten, lezen we in de media. Maar dat is niet de enige uitdaging waar Jetten en zijn partner voor staan: hun situatie is ook een goede test voor hoe inclusief de Nederlandse politiek is voor aanstaande en jonge ouders. Spoiler alert: niet erg inclusief.

In de Nederlandse geschiedenis, waarin de premiers altijd mannen waren, speelden niet eerder vragen rond zwangerschap en het landsbestuur. Deze primeur, waarbij onze premier tijdens zijn premierschap een kind verwacht, kan ons helpen de relatie tussen zorg en politiek scherper te zien.

Diversiteit aan verantwoordelijkheden en levens

Er zit een spanning tussen belangrijke en veeleisende politieke rollen die veel inzet vereisen – in het bijzonder maar niet enkel het premierschap– en de mogelijkheid om zulke rollen met zorg te combineren. Juist in de politiek is dit een belangrijke vraag, aangezien die in de kern draait om vertegenwoordiging en we in ‘Den Haag’ juist de diversiteit van de samenleving weerspiegeld willen zien. Ook als het aankomt op leeftijd, levensfasen en de ervaringen van vaders, moeders en mensen met zorgtaken.

Maar als we willen dat de politiek een plek is waar verschillende groepen en belangen daadwerkelijk vertegenwoordigd zijn, vraagt dat om politieke instituties die ruimte bieden voor die diversiteit aan verantwoordelijkheden en levens.

Natuurlijk erkennen we dat sommige politieke functies bij uitstek veeleisend zijn, zeker in roerige politieke tijden. Om de combinatie van zorg en werk mogelijk te maken, spelen in het arbeidsrecht verlofregelingen een belangrijke rol. Voor werknemers bestaan allerlei regelingen voor zorg, ouderschap en mantelzorg. Zulke regelingen erkennen dat er verschillende levensfasen zijn. Maar voor politici – die deze wetten overigens maken – geldt dit niet op dezelfde manier.

Verlofregelingen

In de politiek betekent zwangerschap vaak nog tijdelijk ontslag of ziekte. Dat zegt symbolisch al genoeg. Verlofregelingen – en daarbij hebben we in onderzoek en beleid vooral aandacht voor vrouwen gehad – sluiten onvoldoende aan op de moderne realiteit, waarin ook politici werk en zorg willen en kunnen combineren. Voor volksvertegenwoordigers biedt de Grondwet een mogelijkheid tot zwangerschaps- en ziekteverlof. Maar deze regelingen zijn in de praktijk weinig flexibel, weinig toegankelijk en sociaal beladen. Voor mannen is er überhaupt formeel niets geregeld: zo bestaat er geen officieel vaderschaps- of ouderschapsverlof voor politici zoals voor ‘gewone’ werknemers.

Voor volksvertegenwoordigers ligt er inmiddels een door Pro geïnitieerd voorstel om de Grondwet aan te passen en meer verlofgronden toe te voegen. Maar bewindspersonen dan? Ministers hebben geen arbeidscontract, zijn geen ‘werknemers’, maar worden benoemd bij Koninklijk Besluit, en de regeling voor Kamerleden en overige volksvertegenwoordigers geldt ook niet voor hen. ‘Het blauwe boekje’ – het Handboek voor bewindspersonen – stelt dat bewindspersonen zich een tijdje ziek kunnen melden. Dat deed Liesje Schreinemacher in 2023; zij was de eerste minister die met zwangerschapsverlof ging. In het kabinetsstandpunt uit 2024 wordt gesproken over zwangerschap, bevalling en ziekte als reden om een specifieke voorziening te treffen. Een afwezige minister wordt dan in principe vervangen door diens staatssecretaris, maar Jetten heeft er geen.

Onze conclusie is dat formeel niets is geregeld om verlof voor Jetten mogelijk te maken. D66 zegt in het persbericht dat Jetten ‘enkele dagen verlof zal opnemen’. Maar dat is nog geen antwoord op de vraag of en hoe Jetten zorg en werk kan combineren. D66 opnieuw: ‘(Na enkele dagen verlof) zal hij zijn werkzaamheden hervatten. Jetten heeft veel andere (oud-)bewindslieden met jonge kinderen als voorbeeld voor de wijze waarop werk en privé te combineren zijn.’

Internationale voorbeelden

Nu zijn er inderdaad voorbeelden, ook internationaal, zoals Tony Blair, David Cameron en Boris Johnson, die allemaal tijdens hun premierschap een kind kregen. Maar gaan we er dan niet automatisch van uit dat iemand anders – de moeder, die toch al bevallingsverlof heeft – de zorgtaken wel op zich neemt? Toen de Nieuw-Zeelandse politica Jacinda Ardern tijdens haar premierschap beviel, werd haar partner na enkele weken verlof fulltime huisvader. In dit opzicht is de situatie van Jetten en zijn partner bij uitstek interessant om de spanning tussen ouderschap en een belangrijk politiek ambt naar voren te brengen.

Afwezigheid wordt in de politiek nog altijd gezien als afwijkend en soms zelfs als problematisch. Filosoof Marie Lucassen schreef treffend over onze politiek als ‘een fabriek die ononderbroken moet doordraaien (…) elke minuut die niet aan het ambt wordt besteed, geldt als verloren tijd.’ Nu zelfs de belangrijkste politicus van het land met vragen rond werk en zorg zal zitten, kunnen we scherper zien hoe lastig het is om die twee te combineren. Veel mensen, wijzelf incluis, zullen dat herkennen.

Maar in de politiek is deze vraag extra urgent. Het schuurt namelijk met de pluriformiteit van onze vertegenwoordiging en bestuur. Het is goed als in de politiek verschillende levensfasen en ervaringen aanwezig kunnen zijn. Goede verlofregelingen kunnen op dat punt een handje helpen.