Home   2026-10-22 19:56:51

←

Groen beleggen moet veel eenvoudiger

Original article

Het geërgerd hoofdschudden is duidelijk tussen de regels door te lezen. In de jaarlijkse State of the European Union van Ursula von der Leyen en de documenten die erbij horen, waarschuwt de Europese Commissie die financieel onhandige Europese huishoudens nog maar een keer.

Ga nou toch eens Europees beleggen. Want waarom wel 300 miljard investeren in de Verenigde Staten, maar nauwelijks in Europa? Waarom wel 10 biljoen euro (tienduizend miljard) laten verpieteren op (spaar)rekeningen ‘met laag rendement’, maar nauwelijks beleggen in de Europese economie? Dat kan zo niet langer, vindt de Commissie, ze wil ‘Europese huishoudens meer en veiligere kansen bieden om in kapitaalmarkten te investeren’.

Het was niet de eerste keer dat deze noodkreet uit Brussel klonk, en de Commissie is zeker niet de enige die zich ergert aan die nonchalante en risicomijdende karaktertrek van de Europeaan.

ING, de grootste bank van Nederland, heeft deze zomer onderzoek laten doen waaruit blijkt dat 42 procent van de Nederlanders beleggen sowieso uitsluit. Onterecht, zegt hoofdeconoom Marieke Blom in een begeleidend persbericht. ‘Europa heeft geen gebrek aan spaargeld, maar een tekort aan investeringen.’

Dat geld kan daarnaast worden gebruikt, zegt de Europese Commissie, voor de energietransitie en om de klimaatverandering tegen te gaan. ‘We moeten sneller investeren’, zei Commissie-voorzitter Von der Leyen tijdens haar State of the European Union. ‘Zorgen voor snellere netaansluitingen. Opslag ontwikkelen. Europa een elektrische toekomst geven. Dit is een must.’ Wat nu als daar de honderden miljarden van particuliere spaarders eens naartoe zouden stromen? Zouden dan ook de niet-beleggers die niet zoveel op hebben met de kapitalistische waarde van rendement kunnen worden verleid tot een investering in de groene economie?

Dat stuit wel op problemen. In de woorden van Stefan Zeisberger, hoogleraar financiële economie aan de Radboud Universiteit: ‘Mensen willen wel groen beleggen, maar ze niet weten hoe. Kennis hierover is echt moeilijk te vinden.’

Vier drempels voor beleggen op een manier waarvan ook de planeet profijt heeft, en hoe ze weg te nemen zijn.

Drempel 1
De kennis over duurzaam beleggen is bedroevend laag

Regelgeving vanuit Brussel: op het moment dat een consument een beleggingsrekening opent, moet de bank of adviseur naar de duurzaamheidsvoorkeuren vragen. Dat nodigt uit tot een bewuste keuze, is het idee.

Punt is, zegt hoogleraar Zeisberger: ‘Om een voorkeur te kunnen uitspreken, moet je wel begrijpen waar het over gaat.’ Om te onderzoeken hoe duurzaam geletterd Nederlanders eigenlijk zijn, ontwikkelde hij samen met collega’s een test. Een enquête van negen meerkeuzevragen over greenwashing, het doel van duurzaam beleggen en wat ESG eigenlijk betekent. Die afkorting staat voor Environmental, Social, and Governance, een veelgebruikte term voor duurzame doelen.

De uitkomst viel niet mee. Bij gewone financiële vragen was 86 procent van de antwoorden goed, bij vragen over duurzaam beleggen maar 54 procent. Zeisberger: ‘Greenwashing (een bedrijf doet alsof het groen is om de publieke opinie voor zich te winnen, red.) is bij de meeste mensen nog wel een bekend begrip, maar andere belangrijke zaken blijken onbekend.’

Een groot probleem dat uit het onderzoek naar voren komt, zegt Zeisberger, is dat ook potentiële beleggers zelf het gevoel hebben dat hun kennis te laag is. Zeisberger: ‘Daardoor kiezen ze ervoor om minder duurzaam te beleggen. Mensen zeggen vaker duurzaam te wíllen beleggen dan dat ze het daadwerkelijk doen.’

Ook voor hemzelf herkenbaar, zegt Zeisberger. ‘Ik onderzoek dit al jaren en toch is het lastig om te zeggen wat precies duurzaam is. Hoe moet een gewone belegger dat dan weten?’ Volgens hem ligt hier een taak voor de overheid: ‘Duidelijke voorlichting, zodat mensen weten waar ze op moeten letten.’

Drempel 2
Duurzaam beleggen ís ingewikkeld

Voor Mark Boskamp is die vraag wat duurzaam beleggen is juist zeer eenvoudig. Dat is niet verwonderlijk gezien zijn functie. Boskamp is hoofd private banking bij Triodos Bank. Zijn vaste overtuiging is dat de hele wereld moet weten welke vormen van beleggen er zijn. En dus geeft hij college in vogelvlucht.

Eén: traditioneel beleggen, oftewel beleggen in alles wat los en vast zit. Twee: Best in class, per sector kies je de bedrijven die in vergelijking met hun collega’s het best scoren op het gebied van duurzaamheid, bestuur en sociale omstandigheden van de werknemers. Drie: uitsluiting, je kiest er simpelweg voor geen geld te steken in bepaalde bedrijven en sectoren. Bijvoorbeeld de fossiele industrie, wapens, porno en tabak.

En vier: ‘artikel-9’, oftewel impactbeleggingen, de strengste categorie volgens de wetgeving. Het geld gaat dan naar bedrijven en projecten die expliciet zijn gericht op een positieve impact voor mens, klimaat en/of planeet en die vaak nog niet op een andere manier geld hebben weten te regelen. Triodos belegt alleen maar in dit soort ‘donkergroene’ initiatieven – denk windenergie of elektrisch vervoer – en is daarmee, zegt Boskamp, een van de weinige banken die alle andere vormen van duurzaam beleggen uitsluit vanwege een te geringe positieve impact.

Het aantal beleggers dat het met Boskamp eens is, neemt bij Triodos snel toe. Boskamp: ‘Het is misschien raar om te horen uit de mond van een Triodos-mens, maar Trump is een blessing in disguise. Er ontstaat een sterk tegengeluid, vooral de aanwas uit de generatie na de babyboom is groot.’ Opvallend: vooral het aantal vrouwen dat duurzaam belegt groeit hard. Twee jaar geleden was 36 procent van de beleggers bij Triodos vrouw, nu is dat al 42 procent.

Toch denkt Brenda Kramer, directeur van het Sustainable Finance Lab, een denktank op het gebied van duurzame geldverstrekking, minder streng over de definitie van duurzaam beleggen.

Voor individuen die wat extra pensioen willen opbouwen, kan een duurzame ETF (een mandje aandelen dat bijvoorbeeld een groene index volgt) ‘een prima keuze zijn’, vindt zij. Voor institutionele beleggers heeft ‘best in class’ ook zeker pluspunten. ‘Natuurlijk kan zo’n grote belegger de hele fossiele industrie links laten liggen, maar die kan ook denken: de fossiele industrie moet worden afgebouwd, juist daarom neem ik aandelen in het duurzaamste oliebedrijf. Want als ik eruit stap, kan ik ook niet meer meestemmen over de benodigde veranderingen.’ Als juist de goede voorbeelden het geld aantrekken, zullen de andere bedrijven eerder geneigd zijn de duurzame koplopers te volgen.

Kan wel wezen, zegt Boskamp, maar let je even niet op dan heb je zomaar aandelen British American Tobacco in je duurzame ETF-portefeuille, de naar eigen opgave duurzaamste sigarettenfabrikant, met een plekje in de sustainable Dow Jones Index. Boskamp: ‘Dat is grijze meuk met een laagje groene verf erop.’

Er is nog een andere reden om juist wel voor impact-investeren te gaan, zegt Kramer van het Sustainable Finance Lab. Het geld in de fondsen van de grote banken en vermogensbeheerders gaat bijna allemaal naar ‘listed equity’, in partijen die al op de markt zijn. ‘Maar het kapitaal is juist nodig op plekken waar de standaard aandelenmarkt niet aanwezig is.’

Bron Joren Joshua voor de Volkskrant

Drempel 3
Het is niet transparant wat duurzaam beleggen is

Veel zin om uitgebreide documentatie door te spitten hebben de meeste beleggers niet. Als zij kiezen voor groen beleggen, is de belangrijkste informatie waar zij op varen de naam van het beleggingsfonds. Dat geldt, blijkt uit AFM-onderzoek, voor meer dan de helft van de beleggers.

Daarna kijken zij op de website van het fonds en pas dan is de prospectus of de uitgebreide documentatie aan de beurt.

Maar juist in die naam en op de website gaat het nog weleens mis: een duurzaamheidsclaim is snel gemaakt en die hoeft lang niet altijd te kloppen. De AFM, die hierop moet toezien, zag vorig jaar ‘dat er met name ruimte voor verbetering is in de concreetheid van claims en de vindbaarheid van de onderbouwing. Ook zagen we een aantal claims die onjuist waren’.

Vanaf deze maand gelden nog strengere regels. ‘Termen zoals ‘duurzaam’, ‘groen’ of ‘milieuvriendelijk’ mogen niet worden gebruikt als daarvoor geen aantoonbare uitstekende milieuprestatie kan worden aangetoond’, meldt de AFM.

Overigens: slechts een derde van de beleggers zegt in het beleggersonderzoek van de AFM door hun adviseur te zijn gevraagd of ze überhaupt duurzaam willen beleggen, ondanks die wettelijke verplichting.

Dat mag allemaal veel strenger, vindt Boskamp van Triodos. Hij ziet genoeg groene beleggingsfondsen ‘die, als je onder de motorkap gaat kijken, helemaal niet zo groen zijn’. Zo komen zes van de zeven grote techbedrijven (onder andere Meta, Apple en Tesla) er bij hem niet in (alleen Nvidia wel). ‘Bijvoorbeeld omdat ze veel te weinig doen aan schermverslaving, of dat de heer Musk (eigenaar van Tesla, red.) weinig op heeft met vakbonden.’

Hoogleraar Zeisberger ziet soms ook door de bomen het groene bos niet meer. ‘Er zijn in Europa rond de vijftien keurmerken en daarnaast nog allerlei ratings, die min of meer allemaal iets anders meten en tot iets anders komen.’ In de supermarkten is er nu één Nutri-Score die toont hoe gezond een product is. ‘Die is heus niet perfect, maar zoiets zou wel helpen in de beleggingswereld. Brussel werkt aan nieuwe regels met drie vaste categorieën voor duurzame fondsen.’

Tot die tijd ziet Zeisberger kansen voor AI. ‘Laat AI al die lange prospectussen lezen en vraag welk fonds bij je past. Maar check het wel even.’

Drempel 4
De kosten van duurzaam beleggen zijn hoog

Ja, geeft Boskamp van Triodos toe, ‘er is een prijs voor impactbeleggen’. Kies je bij de bank bijvoorbeeld voor een wat risicovollere beleggingsportefeuille, dan ben je 1,5 procent van het vermogen kwijt aan beheerkosten. Logisch, zegt Boskamp: ‘Wij moeten grondiger onderzoek doen, en niet alleen in Nederland, om te beoordelen of bedrijven of projecten echt binnen de strengste duurzaamheidscategorie vallen.’

Het rendement is in het verleden misschien niet altijd goed geweest, geeft hij toe, maar ‘wat gebeurt er als een van de socialemediabedrijven de lopende rechtszaken verliest? Of stel dat de AI-bubbel barst en je zit met je portefeuille zwaar in de techbedrijven. Au.’ Duurzame fondsen pieken misschien niet op hetzelfde moment als de traditionele fondsen, maar op de lange termijn presteren ze niet systematisch slechter, zegt Boskamp.

Dat klopt, zegt Kramer van het Sustainable Finance Lab. ‘Het resultaat hangt van zoveel factoren af. Op de lange termijn maken de rendementen weinig verschil. Je kunt zelfs zeggen: bedrijven die goed zijn op duurzaamheid, zorgen ook beter voor hun omgeving en hun mensen. Op termijn presteren die beter dan bedrijven die meer van het uitknijpen zijn.’