‘De olie-industrie is innig verstrengeld met de nucleaire sector. Dat is altijd zo geweest’
Grote westerse oliemaatschappijen zoals het Brits-Nederlandse Shell en het Amerikaanse Chevron investeren de laatste jaren in kernfusie, een technologie die schone energie in overvloed belooft. Historicus Michiel Bron kijkt er niet van op. Want oliebedrijven zijn al sinds begin vorige eeuw verstrengeld met de nucleaire sector, zo beschrijft hij in zijn proefschrift getiteld The Petro-atom. Hij won er deze zomer twee wetenschappelijke prijzen mee.
Met zijn onderzoek schetst Bron een nieuw beeld van de ontwikkeling en toepassing van kernenergie. „Het idee is altijd geweest dat het werd aangedreven door staten”, zegt Bron in een vergaderkamer op het terrein van de Tilburg University, waar hij tegenwoordig als postdoc werkt. „Of neem het beeld dat in de film Oppenheimer wordt neergezet: een klein, afgezonderd groepje wetenschappers dat tijdens de Tweede Wereldoorlog met militaire funding de atoombom ontwikkelt. In werkelijkheid was het aan de kant van de geallieerden een groot industrieel project dat zich over veel landen verspreidde. Oliebedrijven speelden een cruciale rol bij onder meer de uraniumexploratie, -winning en -verrijking en bij de levering van zwaar water. Dat het Duitsland niet is gelukt een atoombom te ontwikkelen had juist hiermee te maken. Ook zij hadden intelligente wetenschappers, maar geen grote olie-industrie.”
Welke bronnen heb je voor je onderzoek gebruikt?
„Onder andere nationale archieven, verslagen van politieke hoorzittingen, wetenschappelijke tijdschriften. Ook persoonlijke archieven van oud-werknemers en consultants. Van de oliebedrijven zelf heb ik onder meer jaarrapporten, persberichten, folders en overblijfselen van lobbyactiviteiten doorgeplozen.”
De bedrijfsarchieven waren niet altijd even toegankelijk, schrijf je.
„De olie- en de nucleaire industrie staan niet bekend om hun openheid. Bedrijfsarchieven waren vaak schoongeveegd door de juridische afdeling. Het ene bedrijf is opener dan het andere. Het Franse TotalEnergies stelt grote delen van het archief ouder dan dertig jaar toegankelijk. Maar bijvoorbeeld bij Shell kregen we geen toegang. Zeker nadat in 2018 de eerste klimaatrechtszaken tegen het bedrijf begonnen, hebben ze de zaak goed dichtgegooid. Daar moesten we omheen werken, bijvoorbeeld via persoonlijke archieven van mensen die bij Shell hebben gewerkt.”
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/10/13141337/181026WET_2037053909_2.jpg)
Michiel Bron bij de kerncentrale in Dodewaard, die van 1969 tot 1997 in bedrijf was.
Foto Dieuwertje BravenboerJe legt de oorsprong van de verstrengeling tussen olie-industrie en nucleaire sector aan het begin van de vorige eeuw. Wat gebeurde er toen?
„Radioactiviteit was net ontdekt en was populair. Radioactieve materialen werden verwerkt in verf, medicijnen, fietsbanden, voorbehoedsmiddelen. De vraag naar die materialen groeide, en het werd snel duidelijk dat ruwe olie en radioactieve mineralen, specifiek uranium, geologisch vaak op dezelfde plekken te vinden waren. Het toenmalige Gulf Oil richtte in de jaren 20 al een onderzoeksafdeling op die zich richtte op atoomfysica. De olie-industrie ontwikkelde bijvoorbeeld een techniek om bij het boren van putten aan de hand van de gemeten radioactiviteit te bepalen of er olie in de grond zat. Zo zie je in de decennia daarna steeds meer kennis, technieken, mensen en werkwijzen heen en weer gaan tussen olie- en nucleaire industrie.”
De investeringen in kernenergie vanuit de oliesector pieken in de jaren 60 en 70. Wat speelt er dan?
„Van alles. De vraag naar energie groeide, maar er was het idee dat de wereldwijde productie van olie snel een piek zou bereiken. Die theorie kwam van [de beroemde geofysicus] Marion King Hubbert, die toen bij Shell werkte. Hij voorzag de piek in 1965. Daarnaast kwamen in deze periode bij veel westerse oliebedrijven mensen op belangrijke posities die een achtergrond hadden in geofysica of werktuigbouwkunde. Ze hadden een affiniteit met kernenergie. De bedrijven framen het als een schone, onuitputtelijke bron van energie.
„Er was ook groeiende kritiek op de olie-industrie vanwege lucht- en watervervuiling. Verder werden in die jaren in het Midden-Oosten oliebronnen genationaliseerd, zodat westerse multinationals op zoek moesten naar alternatieven. Ze gingen enorm diversificeren: verzekeringen, veevoer, tv-stations en ook allerlei vormen van energie. Shell had in de jaren 70 een aandeel van 10 procent in Urenco, wereldwijd een van de grootste spelers wat betreft uraniumverrijking.”
Kolen zijn nooit weggegaan nadat olie belangrijker werd
En in de jaren 80 verandert alles weer.
„Met de opkomst van het neoliberalisme komt er meer nadruk op aandeelhouderswaarde en kortetermijnwinst. Dat weerspiegelt zich in de mensen die op de belangrijke plekken zitten: de geofysici en werktuigbouwkundigen maken plaats voor juristen en bedrijfskundigen. Oliebedrijven stoten veel activiteiten af.”
Maar de verstrengeling tussen olie- en nucleaire sector is er dus nog steeds?
„Ja, en je ziet die de laatste jaren weer inniger worden, ook vanwege de roep om CO2-vrije energie. Zo heeft Saudi Aramco, het grootste oliebedrijf ter wereld, enkele jaren geleden aangekondigd een nucleaire industrie te gaan opbouwen. Afgelopen juli ondertekenden Saoedi-Arabië en de Verenigde Staten een overeenkomst die het Saoedi-Arabië toestaat om een civiel nucleair programma op te zetten.”
Is die verstrengeling van invloed op het huidige energiedebat?
„Het is duidelijk dat we van de fossiele brandstoffen af moeten, omdat die de belangrijkste oorzaak van klimaatverandering zijn. Dat is ook het idee van een energietransitie, dat we de ene energiebron inwisselen voor de andere. Olie, gas en kolen maken plaats voor zonne-energie, windenergie, waterkracht, kernenergie. Maar de geschiedenis leert ons dat het tot nog toe meestal niet zo is gegaan. De vraag naar energie blijft groeien, en de nieuwe bronnen zijn eerder een toevoeging op de al bestaande consumptie. Kolen zijn nooit weggegaan nadat olie belangrijker werd. Olie zal ook niet zo maar vervangen worden.”
Maar komt dat door die verstrengeling of door de almaar groeiende energievraag van de wereldbevolking?
„Een combinatie. Die verstrengeling maakt dat we minder snel van de olie af zullen komen dan gehoopt.”
Maak NRC jouw voorkeursbron op Google
Bij Google kan je nu zelf aangeven welke nieuwsbronnen jij vaker wil zien in je zoekresultaten. Meer informatie
Mail de redactie
Ziet u een taalfout of een feitelijke onjuistheid?
U kunt ons met dit formulier daarover informeren, dat stellen wij zeer op prijs. Berichten over andere zaken dan taalfouten of feitelijke onjuistheden worden niet gelezen.