‘Wij discrimineren onszelf niet, wij komen op voor onze mensenrechten’
Mond snoeren
Eefje van Essen schrijft dat Pride niet meer nodig is en dat queer personen niet zo veel om aandacht moeten vragen. Ondertussen zitten er meerdere homofobe en transfobe partijen in de Tweede Kamer, en staat nota bene dezelfde krant vol met berichten over een gruwelijke aanslag op een Pride-evenement.
Waarom publiceert de Volkskrant zo’n brief? Ze beweert op zoek te zijn naar originele, prikkelende perspectieven. Dit bekrompen standpunt is geen van beide, en is er alleen op gericht om queer mensen de mond te snoeren.
Berber Postma, Nijmegen
Zichtbaar
Wij discrimineren onszelf niet, wij komen op voor onze mensenrechten. Om te zijn wie je bent en daar uiting aan te geven op welke manier dan ook. Ik heb de indruk dat Eefje zich vooral stoort aan het publiekelijk uiten van queer personen. Pride is nog steeds nodig, dat blijkt wel uit de actualiteit. Het ‘anders zijn’, zoals Eefje het noemt, en de rechten die je als mens hebt, staan onder druk, ook hier in Nederland.
Heteroseksualiteit wordt in geen enkel land veroordeeld, gediscrimineerd, wettelijk verboden, strafrechtelijk vervolgd of soms tot de dood veroordeeld. Daarom zijn wij zichtbaar, omdat dat nodig is, anders gaat het de verkeerde kant op. Dat is al aan de gang.
Wilbert van der Steen, 23 jaar samen met mijn man en 21 jaar getrouwd, Zeist
Dagelijkse werkelijkheid
Eefje van Essen vraagt zich af waarom Pride in 2026 nog nodig is en suggereert dat queer personen zichzelf blijven discrimineren door eraan deel te nemen. Die conclusie wekt de indruk dat zij weinig contact heeft met queer personen of zich onvoldoende heeft verdiept in hun dagelijkse werkelijkheid.
Voor veel lhbtiq+-personen is jezelf zijn nog altijd niet vanzelfsprekend. Waar een heterostel bijvoorbeeld doorgaans probleemloos hand in hand over straat kan lopen, moeten twee mannen of twee vrouwen nog regelmatig rekening houden met afkeurende blikken, scheldpartijen of zelfs fysiek geweld. Dat is geen gevoel, maar een realiteit die regelmatig wordt bevestigd door meldingen en onderzoeken.
Pride is daarom niet bedoeld om ‘anders-zijn’ te vieren, maar om zichtbaar te maken dat gelijkwaardigheid nog altijd niet voor iedereen vanzelfsprekend is. Juist omdat veel mensen geen discriminatie ervaren, is het begrijpelijk dat zij zich afvragen waarom Pride nodig is. Maar het ontbreken van die persoonlijke ervaring betekent niet dat het probleem niet bestaat.
De dag waarop iedereen, ongeacht seksuele oriëntatie of genderidentiteit, zonder angst zichzelf kan zijn, zal ook de dag zijn waarop Pride haar oorspronkelijke noodzaak heeft verloren. Helaas zijn we in Nederland nog niet zover.
Chaim van den Nieuwenhuijzen, Utrecht
Mening bijstellen
Kan Eefje van Essen haar mening in een Billy-boekenkast zetten? Dan kan ze die er af en toe nog eens uithalen en haar mening hopelijk bijstellen.
Arjan de Roon, Elst
Geen verantwoording
Beste Eefje, die wil stoppen met Pride,
Alleen al de blik van mijn nichtje van 14 jaar, die dit jaar voor het eerst meeliep met de Walk of Pride: zoveel gelijkgestemde mensen bijeen op een plek waar niemand verantwoording hoefde af te leggen voor diens gevoelens en waar iedereen op diens eigen manier anders mocht zijn, zonder de blikken van buitenstaanders die zich hoe dan ook een mening denken te moeten vormen over anderen.
Ze had zich geen mooiere coming-out kunnen voorstellen. Wanneer stoppen mensen als Eefje eens met het discrimineren van anderen die één keer per jaar meedoen aan Pride Amsterdam?
Jaap Bartelds, trotse oom, Amsterdam
Simpele oefening
Eefje is van mening dat deelnemers aan de Amsterdam Pride zichzelf discrimineren en dat het anno 2026 toch niet meer nodig is om zoveel aandacht te vragen voor het ‘anders-zijn’. Ik ben blij dat Eefje er zo positief instaat en dat gelijkwaardigheid voor haar zo vanzelfsprekend is, dat ze meteen maar denkt dat dit de gangbare opvatting is.
Ik kan me echter niet aan de indruk onttrekken dat Eefje meer uitgaat van haar afkeer van al die zichtbaarheid (al die vlaggen ‘in your face’ etc) dan van de leefwereld van een queer persoon.
Ik vraag Eefje dan ook om even een simpele oefening met mij te doen. Doe je ogen dicht en stel je een aantal alledaagse situaties voor:
In de vertrekhal van Schiphol zit een man. Zijn vrouw ligt met haar hoofd in zijn schoot. Een meisje trekt eindelijk de stoute schoenen aan en durft die leuke jongen uit haar klas uit te vragen. Een bejaard echtpaar zit op een bankje. Zij zoent hem op de mond. Een meisje vertelt thuis dat ze een vriendje heeft. Een man en een vrouw lopen hand in hand door de stad.
Stel je nu dezelfde situaties voor, maar dan met twee personen van hetzelfde geslacht. En nu vraag ik niet wat Eefje van deze situaties vindt (waarschijnlijk geen enkel probleem), ik vraag Eefje hoe zij denkt dat de omgeving hierop reageert. Dat is waarschijnlijk een stuk minder positief dan Eefje voor ogen had.
Durft een jongen, op een school waar het woord ‘kankerhomo’ als scheldwoord met stip op één staat, die leuke klasgenoot te vragen of hij wat met hem wil drinken? Kan ieder kind erop vertrouwen dat hij/zij begrip en steun ontmoet wanneer hij/zij thuis vertelt op iemand van hetzelfde geslacht te vallen?
Zolang het antwoord op deze vragen ‘nee’ is en zolang Eefje het zichtbaar maken van je geaardheid reduceert tot het etaleren met wie je het bed deelt is de Pride hard nodig.
Jan Bottelier, Amsterdam
Lees ook
Geselecteerd door de redactie