Home   2026-10-22 19:56:51

←

‘Wat moet ik doen?’ vroeg de moeder van de vermeende zesjarige pester aan <b>NRC</b>

Original article

Terug naar de krant

Begin dit jaar stuurde een moeder per mail een ‘contract’ aan de NRC-opvoedrubriek. Er stond een plaatje op van een ‘Fatbike V20 zwart met gashendel, zonder voorrek’. De titel luidde: ‘Doel havo 3 in 2026.’ En daaronder de voorwaarden: fatbike niet opvoeren, geen achterzitje, houden aan verkeersregels, met licht, op de havo blijven.

De mail met het contract volgde op een vraag die de moeder had gesteld aan de opvoedrubriek. Haar dochter, die volgens docenten goed kon leren maar geen zin had in schoolwerk, had haar ouders voorgesteld zich in ruil voor een fatbike in te spannen om havo 3 te halen.

Wat moesten ze met deze onderhandeling, vroegen de ouders.

De twee pedagogen die zich over de vraag bogen, stonden niet afwijzend tegenover het idee, al was het maar uit veiligheidsoverwegingen: de dochter zat nu achterop de bikes van vrienden, „die misschien wel zijn opgevoerd tot vijftig kilometer per uur”, zei opvoedfilosoof Stijn Sieckelinck.

De fatbike werd gekocht, of de dochter ook havo 3 haalde kreeg ik niet te horen.

Wat geven we de aanhang met Kerst? Hoe praat ik met mijn kinderen over Israël-Palestina? Hoe voorkomen we dat onze dochter zich nog een keer een black-out drinkt? Moet ik mijn kinderen vertellen over opa’s euthanasie?

Het zijn maar een paar van de ruim vierhonderd vragen die de afgelopen tien jaar aan Opgevoed werden gesteld. In deze NRC-rubriek leg ik sinds 2016 wekelijks vragen van ouders of andere betrokken volwassenen voor aan een wisselend tweetal deskundigen. Anoniem, omdat vragen over de opvoeding gevoelig liggen. Onder de online editie volgt altijd een levendige discussie van NRC-abonnees die hun perspectief delen.

Een persoonlijke favoriet is die van een vader wiens tienjarige zoon het nummer ‘Gemist’ wil rappen van De Jeugd van Tegenwoordig tijdens een schoolvoorstelling. Dat nummer begint zo:

„Geile beer, geile flikker, ouwe pik, ouwe pijp’k Heb je gemist, ’k heb je gemistGeile beer, geile flikker, ouwe pik, ouwe pijp’k Heb je gemist, als een bitch.”

Vader zei in de rubriek te aarzelen over het plan. Mogen jonge kinderen dergelijke teksten op een podium laten horen? „Nee”, zeiden de deskundigen, al is het maar om te voorkomen dat hij zichzelf belachelijk gaat maken: een tienjarige weet nog niet wat hij zingt.

„Lees deze!”, postte Vjeze Fur van De Jeugd op Instagram naast een screenshot van het gepubliceerde stuk. „Vjeze, je moet langsgaan op z’n voorstelling”, reageerde iemand met de naam Oefengod1.

„Weet iemand wie deze jongen is?”, vroeg de rapper en zanger, „en of hij Insta heeft?”

Een radioshow op 3FM nam die middag een kindvriendelijke versie van het nummer op:

„Leuke beer, blije deugniet, ouwe held, ouwe meid‘k Heb je gemist, ‘k heb je gemistLeuke beer, blije deugniet, ouwe held, ouwe meid‘k Heb je gemist, als een rits.”

De vader in kwestie vond „de 3FM versie heel suf”, appte hij. „Uiteindelijk hebben de jongens in overleg met de juf bij bepaalde woorden de adem ingehouden. ‘Bitch’ kon nog wel, dat is een normaal woord in de rapscene.”

Skincare-routine

Nadat een aflevering van Opgevoed gepubliceerd is, informeer ik of de vraagsteller iets aan de adviezen heeft. Bijna altijd vinden ze in een van beide antwoorden iets van hun gading. Zo mailden de ouders die hun twaalfjarige dochter niet op tijd school kregen vanwege een skincare-routine van vijf kwartier: „We hebben vooral iets aan het advies om op een geschikt moment de redenen voor deze routine eens rustig te bespreken.”

Er was de kwestie van de twaalfjarige die obsessief bezig was met hygiëne. „Of het nu gaat om een wc-bezoek, handen wassen of tandverzorging, hij veegt, schrobt, borstelt en flost tot bloedens toe”, had de moeder verteld. Na publicatie van haar vraag en de antwoorden, had ze een afspraak gemaakt met de huisarts voor een doorverwijzing naar een cognitieve gedragstherapeut. „Ik vond het heel geruststellend om te lezen dat het vaker voorkomt bij kinderen,” schreef ze, „en dat er centra zijn die zich hierop richten. Dat wist ik niet.”

Er was ook de kwestie van een zesjarige die door de moeder van een vriendinnetje beschuldigd werd van stiekeme pesterijen. „Wat moet ik doen?” vroeg de moeder van de vermeende pester, die zelf al had onderzocht of de beweringen klopten. Na de antwoorden van de deskundigen – „school informeren” en „niet de kinderen ermee belasten” – mailde ze: „Ik heb het advies bijna letterlijk opgevolgd. We hebben van de beschuldigende moeder sindsdien niks meer gehoord. School heeft tussen de regels door uitgesproken dat ze de moeder ervan verdenken dit te hebben verzonnen. Ook is gebleken dat andere ouders en kinderen door deze vrouw benaderd zijn met beschuldigingen.”

Soms lossen dilemma’s zich vanzelf op. De moeder van een zevenjarige die steeds zei „dood” te willen, liet na publicatie weten dat hij daar vrij snel weer mee was opgehouden. Het advies van de deskundigen om toch langs een kinderpsycholoog te gaan, hoefde ze voorlopig niet in de praktijk te brengen. „Ik denk nu dat hij die zinnen had overgenomen van een ander kindje uit de klas, dat inmiddels niet meer naar dezelfde school gaat.”

Brandende campings

De vragen in de rubriek weerspiegelen de maatschappelijke ontwikkelingen. Zo kwam het debat over gendergelijkheid terug in vragen als: hoe doorbreek je thuis sekserollen, wat als een jongetje liever rokjes draagt, laat ik mijn zoontje paars dragen, mijn vierjarige kleinzoon wil in een jurk naar school. De #MeToo-beweging leidde tot vragen over hoe seksueel misbruik te herkennen, wat ‘consent’ precies inhield, of een kus geven op de mond nog wel kon.

Klimaatverandering – brandende campings! -, de opkomst van extreemrechts en oorlogsdreiging brachten somberheid mee, getuige vragen als: mijn dochter is bang door het nieuws; hoe geef ik mijn kinderen hoop; hoe vertel ik de kinderen dat de wereld vergaat?

Maar de meeste vragen werden de afgelopen tien jaar uitgelokt door de wijdvertakte invloed van technologie. Er kwamen veel vragen over gamen, de duur van schermtijd, de juiste leeftijd voor een smartphone. Maar ook over de invloed van sociale media op jongeren. Zoals over kinderen die onzeker raakten door TikTok, veel te jong sexy selfies plaatsten of onder invloed van influencers alleen nog maar vlees aten.

Een vraag die nu wordt gesteld is of kinderen minder verbaal vaardig worden door het gebruik van Instagram, Snapchat, TikTok, WhatsApp

Ik vroeg historisch pedagoog Caro Lemmen wat haar opviel aan de rubriek. Lemmen deed met de vakgroep Jeugd & Gezin van Erasmus Universiteit Rotterdam onderzoek naar pedagogische vraag- en adviesrubrieken uit zeven verschillende Nederlandse kranten en tijdschriften van 1946-2024, waaronder Ouders van Nu, Libelle en Trouw.

Tachtig jaar aan materiaal laat een reeks tijdloze vragen zien, zegt Lemmen, en die komt ze ook tegen in de NRC-rubriek: zindelijkheid, kieskeurige eters, ruzie tussen kinderen. Bij dergelijke „klassieke thema’s” kan wel het accent verschuiven. „Een vraag over ‘kinderen goed leren praten’ ging eerst over het aantal woordjes dat een kind al kon zeggen, of over stotteren. Nu wordt de vraag gesteld of kinderen minder verbaal vaardig worden door het gebruik van Instagram, Snapchat, TikTok, WhatsApp.”

„We menen te zien dat ouders vanaf de jaren tachtig meer zijn gaan nadenken over hun eigen handelen, en dat ze vaker hulp zoeken bij experts”, vertelt Lemmen. „Het huidige ouderschap is weloverwogen, reflectief, en op zoek naar perfectie.”

Het maakbare kind

Deze „zelfreflexiviteit” is bij de NRC-vraagstellers sterk aanwezig, ziet Lemmen. Ze doelt op vragen als: hoe voed ik mezelf op tot goede moeder, hoe ver ga je met het stimuleren van je kinderen, en wat kan ik leren van een buitenlandse opvoeding? Natuurlijk, stelt Lemmen, zijn het per definitie de meer beschouwende vragen die zo’n rubriek bereiken, simpelweg „omdat ouders met heel urgente opvoedkwesties doorgaans niet eerst een krantenrubriek raadplegen, maar andere ouders, leerkrachten of psychologen.”

Maar dat reflectieve past ook bij de prestatiemaatschappij, denkt Lemmen. „Ouders willen weloverwogen beslissingen nemen om hun kinderen de beste kansen te geven.” Dat kan leiden tot overmatige inspanning.

Begin 2026 verscheen het rapport Ouders onder druk: ouderschap in een veeleisende tijd, mede geschreven door Caro Lemmen. Hoogleraar Maartje Luijk, die leiding gaf aan het onderzoek, concludeert dat bijna 40 procent van de ouders klachten ervaart die passen bij „een parental burn-out”: de rol van ouder voelt zo zwaar dat veel ouders zich extreem vermoeid voelen, en het gevoel hebben voortdurend in de overlevingsstand te staan.” Luijk noemt „de maakbaarheid, het perfectionisme en het individualisme” waarmee hedendaagse ouders te maken hebben „een giftige mix”. „Normaliseren en geruststellen is heel belangrijk nu voor ouders”, ziet Luijk.

De toegenomen stress en de gevoelens van uitputting komen ook voor bij kinderen. Volgens Bas Levering, oud-lector Algemene Pedagogiek, is dit het resultaat van de belangrijkste ontwikkeling in de opvoeding sinds de jaren tachtig. „Ieder kind moet tegenwoordig een succesnummer zijn”, zegt Levering. „Het accent op presteren is alleen maar groter geworden.”

Kinderen worden maar gepusht en gepusht. Geen wonder dat er zoveel overspannen raken

Dat ziet ook Marga Akkerman, net als Levering sinds 2016 betrokken bij de rubriek Opgevoed, en tot voor kort werkzaam als klinisch kinder- en jeugdpsycholoog. „De doelen van de opvoeding worden mede door economische en dus ook politieke argumenten bepaald”, zegt ze. „Wij willen een kenniseconomie zijn waarin ieder kind zo hoog mogelijk, liefst op universitair niveau, wordt opgeleid. Ze moeten kunnen stilzitten, en zich aanpassen, om in de grote klassen te kunnen meekomen.”

„Of het kind daar echt geschikt voor is of ambities heeft in die richting is minder van belang”, ziet Akkerman. „Kinderen worden maar gepusht en gepusht. Geen wonder dat er zoveel overspannen raken.”

Door stress loopt een toenemend aantal kinderen vast in het schoolsysteem. Zo’n zestigduizend kinderen waren in 2023-2024 meer dan de helft van het schooljaar afwezig. Opgevoed-deskundige Stijn Sieckelinck beschrijft in zijn boek Opvoeden zonder handleiding. Waarom jongeren ons steeds harder nodig hebben (en wij hen) wat er in zijn eigen gezin gebeurde toen zijn veertienjarige dochter thuis kwam te zitten. Sieckelinck wijt die uitval aan „de prestatiedruk, de onophoudelijke sociale media en een gebrek aan ruimte en rust”. Inmiddels is zijn dochter zestien en gaat ze weer naar school. Een goede therapeut en haar liefde voor muziek brachten een uitweg.

In mei schreef een moeder aan de NRC-opvoedrubriek over haar dertienjarige dochter die zo veel spanning ervaarde dat ze nauwelijks meer naar school kon. Hoe kunnen we ervoor zorgen dat ze snel de juiste ondersteuning krijgt, vroeg deze moeder zich af, die ook zei te vrezen dat haar kind een achterstand opliep. „Het begint ermee dat u en school zeggen: ‘Dit komt niet door jou, we zien hoe hard je je best doet’”, geeft een deskundige haar als antwoord. „Verschuif de angst voor achterstand naar een focus op herstel.”

Maak NRC jouw voorkeursbron op Google

Bij Google kan je nu zelf aangeven welke nieuwsbronnen jij vaker wil zien in je zoekresultaten. Meer informatie

Kies NRC als voorkeursbron Melding voorkeursbron sluiten
Kies NRC als voorkeursbron

Mail de redactie

Ziet u een taalfout of een feitelijke onjuistheid?

U kunt ons met dit formulier daarover informeren, dat stellen wij zeer op prijs. Berichten over andere zaken dan taalfouten of feitelijke onjuistheden worden niet gelezen.

Artikel delen

  • Je kunt deze maand nog cadeau geven.
  • De link is geldig.

De link is nog geldig.

Je hebt al eerder van dit artikel een cadeaulink aangemaakt, de link is nog geldig.

Leuk dat je onze journalistiek deelt met anderen. Vanaf kun je weer artikelen cadeau geven.

Sorry, het lukt op dit moment niet om een cadeau-link te maken. Probeer de pagina opnieuw te laden of probeer het later nog eens.

Deel dit artikel via sociale media.

Hoe werkt het delen van artikelen?

Als cadeau

Als NRC-abonnee kun je elke maand artikelen cadeau geven aan een willekeurige ontvanger.

  • De ontvanger kan het artikel direct lezen, zonder betaalmuur.
  • De cadeaulink is geldig.
  • Het saldo wordt verminderd met 1 zodra er een cadeaulink wordt aangemaakt.

Standaard delen

Kies je voor standaard delen, dan kan iedereen met een NRC-abonnement de door jou gedeelde artikelen lezen. Niet-abonnees krijgen een betaalmuur te zien.