Home   2026-10-22 19:56:51

←

Hackers proberen op elkaars server in te breken tijdens de European Cybersecurity Challenge – maar zonder AI

Original article

Terug naar de krant

Vlaggen over de tribunes en om schouders, elk jaar een ander Europees gastland, een gemoedelijke sfeer: de European Cybersecurity Challenge heeft wel wat weg van het Eurovisie Songfestival. Maar dan met minder glitter, en meer hoodies en opengeklapte pizzadozen tussen laptops. In de grote hal van het congrescentrum in het Duitse Bochum zitten de cybertalenten de hele dag gebogen over hun laptops aan de teamtafels. Deze zijn bedolven onder lege blikjes Red Bull en flessen Club-Mate.

In Bochum vond deze week de twaalfde editie van de hackingcompetitie plaats, die wordt gefinancierd door de Europese Unie om getalenteerde hackers bij elkaar te brengen. Gedurende drie dagen streden ruim vierhonderd jongeren tussen de 14 en 25 jaar in nationale teams om het Europese kampioenschap. In totaal waren vijfendertig Europese landen en zeven gastlanden vertegenwoordigd. De tienkoppige teams zijn samengesteld via nationale selectiewedstrijden, waar meer dan 30.000 deelnemers aan hebben meegedaan.

De ECSC is een Capture The Flag-competitie (CTF), waarbij deelnemers punten verdienen door uiteenlopende puzzels tot een goed eind te brengen, van het oplossen van cryptografische problemen tot het opsporen van fouten in websites. In tegenstelling tot hackathons, die vaak een commerciële inslag hebben en een product (software of een app) moeten opleveren, draait een CTF om het spel zelf. Tegelijkertijd helpen zulke competities om de volgende generatie cyberexperts op te leiden, die in het licht van steeds frequentere en geavanceerdere cyberaanvallen hard nodig zijn.

Op donderdag, de laatste competitiedag, spelen de teams Attack-Defense. Van elf uur ’s ochtends tot zeven uur ’s avonds verdedigen ze hun eigen servers en vallen ze die van andere landen aan. Jonathan Jagt (23), aanvoerder van het Nederlandse team, kijkt tevreden terug op het verloop: „We hebben snel gereageerd en hebben zo punten naar binnen kunnen hengelen. Ik ben heel trots, we hebben geen enkele aanval erdoor laten gaan.”

Afgezien van kort overleg met teamgenoten en de aanvoerders houden de deelnemers gedurende de dag hun ogen gericht op hun monitoren. Een groot scherm in de hal toont afwisselend het scorebord en een landkaart waarop de aanvallen live te volgen zijn. Een verrassende aanval of een plotselinge puntensprong levert applaus van de deelnemers op.

AI is niet toegestaan

Tussen de tafels lopen toezichthouders rond, de zogeheten watchdogs, die de twee belangrijkste regels van de competitie handhaven: de opdrachten mogen niet worden gedeeld met buitenstaanders en er mag geen gebruik worden gemaakt van Large Language Models (LLMs), oftewel AI.

Bill Gates stelde in een recente podcast van de New York Times dat AI een gouden tijdperk voor hackers heeft ingeluid. In slechts een fractie van de tijd kunnen zogeheten AI-agenten (autonome sofwareprogramma’s) het werk doen waar experts voorheen uren hun hoofd over braken. Maar bij CTF is dat laatste juist de lol, legt Per Schrijver (22) uit. De student aan de TU Delft deed eerder mee aan de ECSC en loopt dit jaar rond als watchdog. Voor de competitie liet hij hartjes en de letters CTF in zijn haar verven. „Ik geef de voorkeur aan competities waar geen LLMs zijn toegestaan. Het gaat om de denkpuzzels die je zelf wilt oplossen.”

„Je ziet dat AI heel erg de CTF-sport aan het veranderen is, of misschien wel aan het verpesten”, vertelt Michiel Oosterwijk (60), oprichter en bestuurslid van Stichting Challenge The Cyber. De stichting organiseert de jaarlijkse Nederlandse deelname aan de ECSC. Vorig jaar mochten deelnemers nog AI gebruiken, maar de ontwikkelingen gaan dusdanig snel dat de ECSC-organisatie heeft besloten het gebruik ervan dit jaar te verbieden. „AI zou waarschijnlijk alle opdrachten heel snel oplossen”, zegt Oosterwijk.

Bij sommige CTF-competities, zoals de International Cybersecurity Challenge waar continenten als teams meedoen, mag AI wel worden gebruikt, maar alleen binnen een budget dat vooraf is vastgesteld. „Anders wordt het pay to win: degene die de duurste AI kan inzetten wint”, vertelt Yannik Marchand (26). Hij is ook oud-deelnemer en zit dit jaar in de organisatie. Vier van de opdrachten van dit jaar heeft hij geprogrammeerd. „Het is allebei relevant”, vervolgt hij, terwijl hij vanaf de tribune naar de deelnemerstafels kijkt. „Zowel de AI-skills opdoen als zelf de problemen nog kunnen oplossen. Misschien dat er in de toekomst wel twee competities komen.”

Waar voorheen ervaring in cybersecurity bij CTF-competities bepalend was, zijn dat nu dure AI-tools, vertellen Simon Tulling (27) en Rick de Jager (27), de coaches van het Nederlandse team. De Jager: „Het mooie van dit soort cyberwedstrijden was dat je de vaardigheden die je ontwikkelt één op één nodig hebt om een goede carrière in cyber voor jezelf op te bouwen. Door de nieuwe techniek is het verschil tussen maar één jaar en vijf jaar ervaring een beetje weg .”

Gebruik van AI is streng verboden op de European Cybersecurity Challenge.

Foto ANP/dpa

Vrijwel geen vrouwen

Behalve kort overleggen met de aanvoerder mogen de coaches gedurende de competitiedag zelf weinig doen, dus houden ze voornamelijk het scorebord in de gaten. Het Nederlandse team is dit jaar relatief jong, met onder andere een deelnemer van vijftien en twee van zestien jaar oud. Eén van de zestienjarigen is een meisje, verder bestaat het team volledig uit jongens en mannen. Maar weinig delegaties hebben meisjes of vrouwen in het team.

Nederland doet sinds 2019 mee aan de ECSC. „We kregen in 2018 het verzoek van het EU-Agentschap voor Cyberveiligheid (ENISA) om een nationale competitie te organiseren zodat we aan de Europese finale mee konden doen”, vertelt Oosterwijk, die tevens werkzaam is bij het Nationaal Cyber Security Centrum, het expertisecentrum van de Nederlandse overheid op het gebied van digitale veiligheid. „We zagen de mogelijkheden om jongeren te stimuleren cybersecurity-skills te ontwikkelen. En vooral ook om te zorgen dat jongeren die dit in hun vrije tijd doen, dit positief gaan inzetten. En dat ze niet door criminelen worden opgepikt, want dat gebeurt.”

De recente hacks en cyberaanvallen – waarbij in veel gevallen AI een rol speelde, zoals bij het Amerikaanse AI-bedrijf Hugging Face, de banken in Zuid-Korea en een Australische overheidssite – onderstrepen de kwetsbaarheid van digitale infrastructuur in het AI-tijdperk. „Je ziet de effecten van de hacks en ransomware-operaties duidelijker terug in je normale leven”, zegt coach De Jager. „Met de Albert Heijn en Odido is het heel dichtbij”, vult Tulling aan.

Twee weken terug werd ‘whizzkid’ Pepijn van der S. opgepakt op verdenking van deelname aan ShinyHunters, het hackerscollectief achter de aanval op Odido waarbij in februari gegevens van miljoenen Nederlandse klanten werden gestolen. Tulling: „Met die jongen van ShinyHunters zag je dat hij nergens bij ons bekend was. Hij had ook CTF’s kunnen doen in plaats van wat hij uiteindelijk heeft gedaan.”

Europees talent werven

Opvallend is dat ondanks al het jonge cybertalent er bij de competitie los van de hoofdsponsors nauwelijks bedrijven aanwezig zijn. „Werven zie je meer bij hackathons”, licht Oosterwijk toe. Overigens heeft ieder nationale team wel zijn eigen sponsors. Oosterwijk wijst naar de logo’s op zijn team-NL-vest: de cybersecuritytak van Bureau Veritas, IT-stichting Competens en de Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (AIVD).

„Het doel van de competitie is om de top van de elite cybersecurity bij elkaar te brengen zodat ze van elkaar kunnen leren”, vertelt Evangelos Ouzounis (56) van ENISA. Naast het bevorderen van een gemeenschap „mist Europa bovendien cybersecurityprofessionals, er is een gat van 300.000 mensen”. Het bedrijfsleven en criminele actoren beschikken over meer geld, benadrukt Ouzounis, maar „je hoopt dat de deelnemers hier er uiteindelijk voor kiezen om overheidsinstanties te helpen”.

Lees ook
Hoe de hackers van Odido werken aan hun imago: ‘Wat wilt u precies weten? We helpen graag’

Maak NRC jouw voorkeursbron op Google

Bij Google kan je nu zelf aangeven welke nieuwsbronnen jij vaker wil zien in je zoekresultaten. Meer informatie

Kies NRC als voorkeursbron Melding voorkeursbron sluiten
Kies NRC als voorkeursbron

Mail de redactie

Ziet u een taalfout of een feitelijke onjuistheid?

U kunt ons met dit formulier daarover informeren, dat stellen wij zeer op prijs. Berichten over andere zaken dan taalfouten of feitelijke onjuistheden worden niet gelezen.

Artikel delen

  • Je kunt deze maand nog cadeau geven.
  • De link is geldig.

De link is nog geldig.

Je hebt al eerder van dit artikel een cadeaulink aangemaakt, de link is nog geldig.

Leuk dat je onze journalistiek deelt met anderen. Vanaf kun je weer artikelen cadeau geven.

Sorry, het lukt op dit moment niet om een cadeau-link te maken. Probeer de pagina opnieuw te laden of probeer het later nog eens.

Deel dit artikel via sociale media.

Hoe werkt het delen van artikelen?

Als cadeau

Als NRC-abonnee kun je elke maand artikelen cadeau geven aan een willekeurige ontvanger.

  • De ontvanger kan het artikel direct lezen, zonder betaalmuur.
  • De cadeaulink is geldig.
  • Het saldo wordt verminderd met 1 zodra er een cadeaulink wordt aangemaakt.

Standaard delen

Kies je voor standaard delen, dan kan iedereen met een NRC-abonnement de door jou gedeelde artikelen lezen. Niet-abonnees krijgen een betaalmuur te zien.