Home   2026-10-22 19:56:51

←

Rechters over verwarde personen die vastlopen in strafrechtketen: ‘Je kunt het stilzwijgen, maar daar los je het niet mee op’

Original article

Terug naar de krant

‘Er zit een gat in het vangnet”, verzucht strafrechter Elmy Elderman over de „relatief kleine groep mensen die voor steeds meer overlast zorgt”. Zij en haar collega-rechter Joyce de Ruiter van de rechtbank in Zwolle zien iedereen vastlopen in de zoektocht naar een uitweg: „De politie weet de weg niet, het Openbaar Ministerie niet en de psychiatrie niet. En wij ook niet.”

Steeds vaker en luider waarschuwt de politie voor tijd, middelen en energie die agenten kwijt zijn aan de inmiddels meer dan 150.000 jaarlijkse meldingen over ‘verwarde personen’. De Onderzoeksraad voor Veiligheid wees onlangs in een rapport nog op gebrekkige samenwerking tussen overheden en te weinig opvangplekken. En burgemeester Halsema van Amsterdam waarschuwde er vorige maand voor dat de leefbaarheid in grote steden onder druk staat door overlast op straat.

De overlastgevers, veelal verwaarloosde psychiatrisch patiënten met vaak ernstige verslavingsproblematiek, eindigen met grote regelmaat voor de rechter. Maar dan is het vaak te laat om iemand te helpen, waarschuwen Elderman en De Ruiter. „Wij zijn nu soms het afvoerputje.”

Joyce de Ruiter en Elmy Elderman zijn beiden strafrechter bij de rechtbank Overijssel. De Ruiter heeft zitting als politierechter en als voorzitter van de meervoudige kamer. Elderman is rechter-commissaris, een onderzoeksrechter die tijdens strafrechtelijk onderzoeken rechterlijke beslissingen neemt. In hun verschillende functies zien ze ‘verwarde personen’ op alle mogelijke manieren voorbijkomen: van psychotische arrestant in de politiecel tot kruimeldief die terechtstaat via het snelrecht of als verdachte van de ernstigste delicten.

„Natuurlijk is onze taak recht spreken, maar daarbij moeten we tegelijk kijken hóe we dat kunnen. Onze taak is niet alleen maar straffen,” constateert De Ruiter, „we zijn ook een soort maatschappelijk werker.”

„We hebben een dubbelfunctie”, beaamt haar collega Elderman. „Hoe help ik de maatschappij met het voorkomen van dit soort feiten in de toekomst en hoe help ik deze verdachte verder in zijn leven zodat hij niet meer in die situatie terugkomt?”

Joyce de Ruiter en Elmy Elderman zijn beiden strafrechter bij de rechtbank Overijssel.

De groep verwarde personen haalt veelvuldig het nieuws. Gaat het dan altijd om patiënten met complexe psychiatrische aandoeningen?

Elderman: „De risicocategorie die problemen veroorzaakt, breidt zich uit met nieuwe groepen.” De rechters zien dat zowel binnen als buiten hun rechtszaal. „Arbeidsmigranten die op straat komen te staan en middelen gaan gebruiken. Jonge asielzoekers die met een onverwerkt oorlogstrauma op straat hangen. En ik zie nog een groep aankomen. Jongeren die alle realiteitszin kwijt zijn, omdat ze via internet een enorm ego opbouwen, terwijl ze in de maatschappij in een sociaal isolement zitten en overal buiten vallen. Laatst had ik een van hen in de voorgeleiding. Zo’n jongen is de connectie met de realiteit kwijt. Die weet niet meer hoe de wereld in elkaar zit.”

De Ruiter: „En dan heb je ook nog de jongeren die al ernstige psychische problemen hebben.” Ze vertelt over de ontmoeting die zij en Elderman hadden met een geneesheer-directeur van een ggz-instelling. Die waarschuwde voor een „hausse aan jongeren met psychische problemen” die nu volwassen wordt.

De Ruiter: „Zij moeten ook op de een of andere manier behandeling krijgen of worden opgevangen, maar daar zijn enorme wachttijden en loopt de zorg nu al vast. Dat gaat soms om tieners die zware psychiatrische problemen hebben maar niet opgenomen worden, soms omdat er geen plek is, maar soms ook uit angst dat ze op afdelingen komen te zitten waar ze zulke vreselijke dingen zien en meemaken dat het eigenlijk alleen maar slechter wordt.”

Elderman: „We laten langzamerhand een hele nieuwe groep ontstaan van, nou ja, dropouts.”

Zowel De Ruiter als Elderman kregen te maken met psychiatrisch patient en veelpleger Edwin, een dakloze vijftiger met een bipolaire stoornis die NRC de afgelopen drie jaar volgde. De meervoudige kamer van De Ruiter legde Edwin eind vorig jaar een speciale maatregel op. Met die ISD-maatregel (Inrichting voor Stelselmatige daders) werd hij niet alleen opgesloten, maar zou hij geplaatst worden in een speciale instelling om ook de nodige zorg en hulp te krijgen bij zijn complexe psychiatrische problemen. Een bed in zo’n instelling bleek echter, voor de zoveelste keer in Edwins leven en ondanks de rechterlijke maatregel, niet beschikbaar. Terwijl Edwin afgelopen voorjaar in zijn gevangeniscel al maandenlang wachtte op zo’n plek, maakte hij een eind aan zijn leven.

De dood van Edwin heeft er net als bij alle betrokkenen ingehakt bij de rechters. Zij kunnen en willen niet dieper op de individuele casus van Edwin ingaan. Het gaat ze om het veel bredere probleem – Edwin is daar een voorbeeld van: mensen met ernstige problemen die voor veel overlast zorgen en tussen wal en schip vallen.

Elderman: „Oproepen zoals die van Halsema onlangs zijn heel belangrijk. Dat geeft de wanhoop weer die in de steden leeft. Dit is een maatschappelijk probleem. Je kunt het stilzwijgen, maar daar los je het niet mee op. Er is een groep mensen met een combinatie van verslaving, psychiatrie en delictgedrag, die vaak geen thuis hebben en waar een stabiele situatie totaal ontbreekt.”

In theorie zou de strafrechter daar een uitweg kunnen bieden in de vorm van een klinische behandeling en bijvoorbeeld begeleid wonen als voorwaarden bij een voorwaardelijke straf. Elderman: „Maar dan moet er wel opvang beschikbaar zijn.” En die is er vaak niet, tot frustratie van de rechters.

De Ruiter: „Op het moment dat ik weet dat er geen plek is, wat heeft het dan voor zin? Wat heb je dan aan het beschikbare instrumentarium van een rechter?”

Elderman: „Ik kan zo’n voorwaarde wel opleggen, maar het zal dan waarschijnlijk niet ten uitvoer worden gelegd.”

De Ruiter: „En toch leg ik het nog steeds wel eens op als iemand in de zittingszaal letterlijk om hulp schreeuwt en intrinsiek gemotiveerd lijkt tot gedragsverandering, in de hoop dat er in de proeftijd ergens een plek beschikbaar komt en in de hoop dat de veroordeelde met ambulante behandeling en begeleiding in de tussentijd niet recidiveert.”

illustratie lynne brouwer

NRC beschreef eerder het herhalend patroon: patiënten worden niet opgenomen, zwerven op straat, plegen in verwarde toestand delicten en komen voor de rechter. Worden jullie als stempelmachine gebruikt zodat deze mensen via een rechterlijk oordeel alsnog zorg krijgen?

Elderman: „Ja, in de forensische [strafrechtelijke] zorg is dat soms wel het effect. Eigenlijk wil je voorkomen dat mensen met zo’n cocktail aan problematiek in het strafrecht terechtkomen. En komen ze er dan toch in, dan wil je dat er goede opvang is. Ook als er geen plek is in een gespecialiseerde instelling, hoop je dat iemand in de gevangenis op de psychiatrische afdeling terechtkomt met op zijn minst de juiste medicatie. Maar ook die plekken zijn beperkt. En als het gebeurt, is dat van korte duur. Op het moment dat iemand dan weer buiten komt, is het pappen en nathouden.”

De Ruiter: „Heel vaak komt het dan neer op toch maar afstraffen: een korte gevangenisstraf om iemand van de straat te houden, te begrenzen. Als vergelding en tot op zekere hoogte om hem of haar te laten stabiliseren. Helaas zien we zo iemand zodra die vrijkomt vaak weer op zitting voor een nieuw gepleegd delict en beginnen we weer van voor af aan.”

Het is niet alleen een probleem voor rechters maar voor de hele keten van ggz en burgemeester tot politie, reclassering, OM en rechterlijke macht. De Ruiter: „We zitten er allemaal mee in onze maag. En iedereen is gemotiveerd om het op te lossen, voor de maatschappij en vooral voor de mensen zelf.”

Wat is de oplossing?

Elderman: „Het creëren van begeleide en beschermde woonplekken. Dat is echt stap één.”

Maar de rechters leggen de schuld niet bij de ggz of een van de andere partijen?

„De psychiatrie is er niet om mensen van de straat te houden, die is er om mensen echt op te lappen. Dus er zal dan toch een soort beveiligde en beschermde plek met zorg moeten zijn waar deze groep mensen wel voor langere tijd terecht kan. Het gaat om een beperkte groep, eerder honderden dan duizenden mensen, maar wel een groep waar we veel last van hebben. Voor hen zal iets moeten worden geregeld. Sowieso de financiering van dit soort plekken, maar het gaat ook om de soms onvoldoende regelgeving op basis waarvan we deze mensen op beschermde plekken kunnen houden.”

De rechters houden geen pleidooi voor strengere wetten, maar wijzen op de begrensde mogelijkheden ervan. De Ruiter: „Het strafrecht moet proportioneel zijn. Je kunt iemand bij een voorwaardelijke straf de voorwaarden opleggen dat hij zich klinisch moet laten behandelen en daarna naar een instelling voor begeleid wonen moet gaan. Maar zo’n opname met klinische behandeling vraagt enorm veel van iemand met complexe problematiek. Dan heb je een stevige stok achter de deur nodig om dat kans van slagen te geven. Echter, bij een winkeldiefstal is een stok van een jaar gevangenisstraf niet meer proportioneel.”

Zelfs als de benodigde plekken er wel zouden zijn, verandert dat niets aan het diepere probleem dat de rechters zorgen baart. „Wie kan deze maatschappij nog aan?”, stellen ze zich de retorische vraag, verwijzend naar een steeds „intolerantere” samenleving.

Elderman geeft zelf het antwoord: „De groep die cognitieve vaardigheden heeft opgedaan, voldoende intelligentie heeft, voldoende realiteitszin. En een zekere, eh, veiligheid heeft gekend in de jeugdjaren, laat ik het zo noemen. Maar de mensen die toch al wat ingewikkelder in elkaar zitten, of met beperkte verstandelijke vermogens, behoren tot een risicocategorie. En hen komen wij veel tegen. Zolang je zelf weerbaar en stabiel genoeg bent, kun je veel aan. Maar voor sommige mensen wordt het leven moeilijker.”

Dat risico wordt alleen maar groter door „de individualisering van de maatschappij”, zegt De Ruiter. „Velen zorgen vooral voor zichzelf. Maar er zijn ook mensen die wat meer hulp en aandacht nodig hebben. Dat wordt door de doorgeschoten zelfzorg die we van mensen verwachten wel eens vergeten, met alle nadelige gevolgen van dien. En dan zijn er ook nog de enorme personeelstekorten. Wie gaat er aan het bed staan bij die psychiatrische instellingen?

„Iedereen wil dat dit soort problemen worden opgelost. Maar moet er een opvanglocatie worden geopend, dan gaan omwonenden in bezwaar. Dat is hun goed recht en begrijpelijk, maar ergens voelt de maatschappij niet dat we hier allemaal iets aan moeten en kunnen doen. Mensen voelen dan niet meer die urgentie en verantwoordelijkheid, kennelijk.”

En dan is het uiteindelijk dus toch aan de strafrechter om het op te lossen?

„Nee”, zeggen ze eensgezind. De rechters waarschuwen dat het strafrecht nooit de eindoplossing voor het probleem kan zijn.

Elderman: „Wij zijn de rechterlijke macht, niet de wetgevende of de uitvoerende macht. Die scheiding moet wel duidelijk blijven.”

De Ruiter: „Dat is ook een drijfveer om dit interview te geven. Om mensen die wél politieke en financiële keuzes kunnen maken, daar ook de aanzet toe te geven.”

Maak NRC jouw voorkeursbron op Google

Bij Google kan je nu zelf aangeven welke nieuwsbronnen jij vaker wil zien in je zoekresultaten. Meer informatie

Kies NRC als voorkeursbron Melding voorkeursbron sluiten
Kies NRC als voorkeursbron

Mail de redactie

Ziet u een taalfout of een feitelijke onjuistheid?

U kunt ons met dit formulier daarover informeren, dat stellen wij zeer op prijs. Berichten over andere zaken dan taalfouten of feitelijke onjuistheden worden niet gelezen.

Artikel delen

  • Je kunt deze maand nog cadeau geven.
  • De link is geldig.

De link is nog geldig.

Je hebt al eerder van dit artikel een cadeaulink aangemaakt, de link is nog geldig.

Leuk dat je onze journalistiek deelt met anderen. Vanaf kun je weer artikelen cadeau geven.

Sorry, het lukt op dit moment niet om een cadeau-link te maken. Probeer de pagina opnieuw te laden of probeer het later nog eens.

Deel dit artikel via sociale media.

Hoe werkt het delen van artikelen?

Als cadeau

Als NRC-abonnee kun je elke maand artikelen cadeau geven aan een willekeurige ontvanger.

  • De ontvanger kan het artikel direct lezen, zonder betaalmuur.
  • De cadeaulink is geldig.
  • Het saldo wordt verminderd met 1 zodra er een cadeaulink wordt aangemaakt.

Standaard delen

Kies je voor standaard delen, dan kan iedereen met een NRC-abonnement de door jou gedeelde artikelen lezen. Niet-abonnees krijgen een betaalmuur te zien.