Home   2026-10-22 19:56:51

←

100%-pindakaas zonder toevoegingen, is die echt veel gezonder en duurzamer?

Original article

Sinds de eerste potten in 1948 uit de Calvé-fabriek rolden, domineerde het bedrijf decennialang de pindakaasmarkt – huismerk-imitaties daargelaten.

Tot zo’n tien jaar geleden de 100%-pindakaas zijn intrede deed. Die versie, bestaande uit niets meer dan gemalen pinda’s, is niet meer uit de schappen weg te denken. Maar in hoeverre is de 100%-versie gezonder en duurzamer dan ‘gewone’ pindakaas?

Schijf van vijf

In principe valt 100%-pindakaas, in tegenstelling tot de klassieke variant, in de categorie noten, zegt Marianne Geleijnse, hoogleraar voeding en hart- en vaatziekten aan de Wageningen Universiteit. ‘Qua voedingswaarde is er geen verschil tussen een handje ongezouten nootjes en een lepel 100%-pindakaas.’

De 100%-versie past dan ook binnen de schijf van vijf, de klassieke uitvoering is volgens het Voedingscentrum minder gezond. Op de ingrediëntenlijst van de ouderwetse Calvé-pot staan, naast om en nabij 80 procent pinda’s, namelijk enkele twijfelachtige toevoegingen.

Zo verhogen de verzadigde vetten in palmvet, dat pindakaas wat smeuïger maakt, de LDL-cholesterolwaarden. Gevolg: een groter risico op hart- en vaatziekten. Ook het toegevoegde zout kan dat risico in de hand werken als je er te veel van binnenkrijgt. Het door de Gezondheidsraad aanbevolen dagelijkse maximum is 6 gram, de gemiddelde Nederlander eet 9 gram per dag.

Alleen voor smaakgenot

En dan bevatten sommige potten ouderwetse pindakaas ook nog eens dextrose, een koolhydraat dat meteen in de bloedbaan wordt opgenomen. ‘Je lichaam heeft daar niks aan, het is alleen toegevoegd voor smaakgenot. In principe hoeft pindakaas geen suiker te bevatten.’

De 100%-variant zonder al die dubieuze toevoegingen is dus ongetwijfeld de gezondere keuze, maar dat betekent niet dat normale pindakaas helemaal uit den boze is. ‘Als je een normale hoeveelheid pindakaas eet, kunnen die toevoegingen niet heel veel kwaad’, zegt Geleijnse.

Neem zout: in een portie Calvé-pindakaas zit 0,08 gram, in de gemiddelde boterham waar het doorgaans op belandt maar liefst 0,3 gram. Geleijnse: ‘De pindakaas zelf zal dus relatief weinig bijdragen aan je dagelijkse zoutinname.’

Hetzelfde geldt voor suiker. Daarvan bevat 100%-pindakaas 1 gram per portie, doordat in pinda’s van nature al suikers voorkomen. In de klassieke Calvé-variant zit iets meer: 1,5 gram.

‘Dat valt in het niet vergeleken met producten met een écht hoog suikergehalte, zoals een glas cola, waarin 35 gram suiker zit. Ook wat verzadigde vetten betreft ontlopen de twee varianten elkaar weinig. 100%-pindakaas is dus gezonder, maar het verschil is marginaal.’

Reprimande voor Calvé

Dan duurzaamheid. Tot 2024 prees Calvé de door hen gebruikte Argentijnse pinda’s aan als ‘duurzaam geteeld’. Na een reprimande van de Reclame Code Commissie moest het bedrijf die claim van de etiketten halen: een levenscyclusanalyse of andere becijfering die aantoont ‘in welk opzicht de pinda’s duurzaam zouden zijn’ ontbrak.

Het RIVM schat de klimaatimpact van een in Nederland verkochte kilopot normale pindakaas op zo’n 3,8 kilogram CO2. De CO2-voetafdruk van 100%-pindakaas zal iets lager uitvallen, denkt Oliver Taherzadeh, die als universitair docent aan de Universiteit Leiden de milieulast van voeding becijfert. ‘Het zou zomaar 5 procent of meer kunnen schelen.’ Een kilo Goudse kaas heeft, ter vergelijking, een klimaatlast van 10,2 kilogram CO2.

Pindateelt in droge gebieden

Ook hier is palmvet de boosdoener. ‘Palmolieproductie gaat soms gepaard met ontbossing, vooral in Zuidoost-Azië, West Afrika en Zuid-Amerika.’ Daardoor gaat niet alleen kostbare natuur, maar ook CO2-opnemend vermogen verloren. Zo heeft alle palmolie die Nederland ieder jaar uit Indonesië importeert een klimaatimpact van 1,1 miljoen ton CO2 – zo’n 0,8 procent van onze totale jaarlijkse broeikasgasuitstoot.

Kanttekening: de door Calvé gebruikte palmolie is, net als 90 procent van de palmolie in de Nederlandse winkels, voorzien van het RSPO-keurmerk. Dat keurmerk moet ontbossing en uitbuiting voorkomen en wordt door kenniscentrum Milieu Centraal betrouwbaar geacht. Sommige milieuorganisaties, zoals Greenpeace, zetten wel vraagtekens bij die betrouwbaarheid.

‘Hoe dan ook is het risico op ontbossing bij 100%-pindakaas lager, omdat voor pindateelt zelden bos moet plaatsmaken’, aldus Taherzadeh. ‘Keerzijde is dat pindaplanten in zeer droge gebieden groeien, terwijl ze juist veel water nodig hebben.’ Pindakaas als primaire eiwitbron gebruiken is daarom onverstandig, waarschuwt de milieulastonderzoeker. Geleijnse onderschrijft dat, ook omdat pindakaas relatief veel calorieën per gram eiwit bevat.

100% van Calvé: middelmatige smaak, hoge prijs

En de smaak? Daarover valt uiteraard niet te twisten, maar de twee varianten verschillen behoorlijk. Oordeel van de verslaggever: de 100%-pindakaas smaakt wat notiger en flauwer, en veroorzaakt een droger en plakkeriger mondgevoel. Daarnaast ontstaat boven in de pot langzaam een laag olie, door het ontbreken van palmvet – een kwestie van even roeren voor het smeren.

Overigens zijn ook tussen de talloze merken 100%-pindakaas smaakverschillen te bespeuren, waarschijnlijk veroorzaakt door verschillen in roostertijd en pindasoort, bleek in 2023 uit een test van de Consumentenbond. De huismerken van de Aldi en Lidl kwamen qua prijs-kwaliteitverhouding als winnaar uit de bus. Wegens de middelmatige smaak en de hoge prijs kreeg de 100%-pindakaas van Calvé een veeg uit de pan.

Alternatief: koop ongezouten pinda’s, rooster ze en gooi ze in de keukenmachine. Geleijnse: ‘Ten opzichte van duurdere pindakaasmerken kan dat behoorlijk wat geld schelen. Bovendien weet je precies wat erin zit: niets meer dan pinda’s.’