'Europees voetbal moet toekomstig doel zijn voor ADO'
Dit verhaal is afkomstig uit het VI-weekblad.
Had u zich uw start bij ADO Den Haag in de Eredivisie anders voorgesteld?
‘Als je puur kijkt naar de resultaten op het veld, dan hadden we een andere start gehoopt. Ons begin in de Eredivisie is zwaar. We hebben, zoals je zelf al aangaf, een zeer moeilijk programma gehad, maar dat is geen excuus. Ik denk dat het voor iedereen een steile leercurve in Eredivisie-voetbal is geweest. Een compleet nieuwe ervaring. Zeker ook voor mij. Maar ik denk dat we nu de eerste voordelen van die vroege, harde leerschool zien. Zeker ook omdat een aantal spelers bij het begin van het seizoen niet direct inzetbaar was. Dat is nu anders.’
Voor veel mensen in Nederland bent u nog een grote onbekende. Hoe zou u uzelf introduceren?
‘Als een enorme voetballiefhebber. Als kind was voetbal mijn grootste passie. Ik voetbalde zelf in de Highlands van Schotland (Invergordon, red.). Vooral als middenvelder. Ook ik hoopte dat iemand iets speciaals in me zou zien. Maar ik had niet genoeg snelheid en diep vanbinnen wist ik wel dat er voor mij geen profcarrière in zat. Mijn opa en vader waren Aberdeen-fan en dat werd ik ook. Af en toe gingen we naar de wedstrijden, was toch al gauw drie tot vier uur rijden.’
Toch kwam u op uw twintigste bij dé club uit uw jeugd terecht. Hoe is dat gegaan?