Eigenlijk is het helemaal geen oplichter. Maar ook geen voetballer. Het is niet eens een spook
Normaal kijken we tijdens de gebakken bokking naar het NOS Journaal, de langlopende realitysoap waarvan je er soms wel eentje kan missen. Voor een keertje kozen we voor een NPO-documentaire, geheten De spookvoetballer. In principe interesseren voetballers me wel, en tegenover spoken sta ik neutraal. (Ik zeg liever tot spook gemaakten. Aan ieder spook ging een mens vooraf. Die Buwalda, zullen ze later zeggen, was zijn tijd vooruit.)
Wat ging het brengen? Van Gaal die ’s nachts een doorschijnende Cruijff aan z’n voeteneind heeft staan? (Galmend: ‘Hee Loewies… elk nadeel… (omineuze stilte)… heb… (nog omineuzere stilte)… z’n voordeel.’) Of Wout Weghorst die middels een scrabblebord met Romário praat? (Wout? Hij leeft nog, hij woont gewoon in Rio.)
Nee, geen spook. Nee, het bleek een truecrimeding, een soort gefilmde podcast over een oplichter. Wat vroeger banaal was, en waarvoor je bij SBS 6 moest zijn (uit schaamte dat je er tijdens de bruine bonen met spek naar ging zitten kijken, schoof je de gordijnen dicht, en al snel toch maar op een kier, de straat moest niet gaan denken dat je met het bord op schoot naar een seksflim zat te kijken), daarmee lopen de zombies tegenwoordig over straat in hun oren: uitgewalste verhalen over oplichters, aanranders, moordenaars –
‘En spookvoetballers. Duurt te lang.’
Tijdje bokkig zwijgen. Twee opties, óf expres nog eens extra gaan uitweiden, zelfs nooit meer bij die hele spookvoetballer aanbelanden, overstappen op Poetin bijvoorbeeld, op die interviews met Oekraïense frontsoldaten die ik vanochtend zat te lezen, je zou er snikkend bij voorover vallen in je Brinta – óf toch maar met een handrembochtje terug naar Bernio.
Zo heet-ie. ‘Eigenlijk is het helemaal geen oplichter’, betoogde ik met volle mond. ‘Maar ook geen voetballer. Het is niet eens een spook.’ (Pas later, in de derde aflevering, wanneer Bernio z’n vriendinnen geld aftroggelt, en in Colombia een boot afhuurt zonder te betalen, blijkt hij toch nog een oplichter. Een oplichter was een betere titel geweest.)
Maar goed, aanvankelijk gaat het erom dat Bernio zich bij vage amateurclubs in vage buitenlanden met behulp van een nep Wikipedia-account naar binnen lult, zijnde ‘een felle, actieve vleugelaanvaller’. Hij reist af, naar Transnistrië bijvoorbeeld, tekent een contract, maar blijkt dan totaal niet te kunnen voetballen. Hij zit wat op zijn krent in de dug-out, en vertrekt na een paar weken maar weer. Op naar Zuid-Afrika, nu gewapend met een neppe zaakwaarnemer. ‘We zagen al na een minuut’, vertelt de gekwetste clubvoorzitter, ‘dat Bernio er helemaal niks van kon.’ En dit liedje nogmaals in Chili en Denemarken.
‘Vriend’, zeg ik tegen de voice-over, ‘het is geen spook, het is een masochist. Jullie begrijpen het niet. Bernio is in de war, hij moet naar de clubarts.’ Ik heb Bernio’s nachtmerrie vaker gehad, maar gewoon in bed. In die dromen zat ik raadselachtig genoeg bij het Nederlands elftal en bakte er natuurlijk niets van. Gullit boos, Van Basten boos, maar ook: Jantje Wouters boos. Harder kan een mens niet door de mand vallen. Waarom wilde Bernio dat? Tot vijfmaal toe voor een groep echte voetballers afgaan als een gieter?
Geld verdiende hij er niet mee, anders had hij zijn omgeving niet hoeven bestelen. Daar zat trouwens ook een hospita bij, een mevrouw die niet herkenbaar in beeld wilde. Ze had in huis envelopjes met spaargeld liggen waaruit weleens wat miste. Opgeteld had Bernio zeker 7.000 euro uit haar envelopjes gestolen!
Ik verslikte me in mijn bokking. 7.000 euro?! Ongemerkt? Hoeveel ton had deze keurige hospita rondslingeren dan? En waarom eigenlijk? Was ze wel een echte hospita? Misschien was ze wel Bernio’s zaakwaarnemer, weten wij veel.
Lees ook
Geselecteerd door de redactie
- v-plusCOLUMN Peter Buwalda
Onze Nobelprijsblaas staat te veel op spanning
- v-plusCOLUMN Peter Buwalda
We hebben ons als twee pinguïns naast een gletsjer van boeken geschaard. Dat is prima, ik zou het meteen weer doen
- v-plusCOLUMN Peter Buwalda
De cipier had mij op montere toon gevraagd of ik wilde afstappen zodra ik de bunker binnenkwam